Straatnamen in Bodegraven

(Klik op dit gedeelte om de popup te sluiten)

Welkom

op de pagina over de straatnamen in Bodegraven

In het najaar van het jaar 2000 is door de auteur van deze webpagina een boekje gemaakt, waarin alle straatnamen in Bodegraven en Nieuwerbrug worden beschreven (zie de afbeelding hiernaast).

In dat boekje wordt per wijkdeel een korste beschrijving gegeven, gevolgd door een beschrijving per straat. Er wordt stilgestaan bij de betekenis van de straatnaam, en bij zaken die speelden toen de gemeente een naam gaf aan de straat. Verder worden er in het boekje een aantal anecdotes beschreven, zoals

Deze, en andere lezenswaardigheden zijn door mij samengebracht in het boekje "straatnamen in Bodegraven en Nieuwerbrug".

Het boekje is niet meer te koop      

De gegevens uit het boekje staan echter ook op deze website.
Klik daarvoor op één van de links in het menu.

Deze website is gemaakt door een geïnteresseerde burger van Bodegraven. Er is geen enkel verband met de officiële pagina van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk, noch enig verband met de gemeente Bodegraven-Reeuwijk.

Eventuele fouten zijn volledig voor rekening van de auteur van deze pagina. Alhoewel de auteur er alles aan gedaan heeft om fouten te voorkomen, kan geen enkel recht worden ontleend aan de op deze pagina getoonde informatie.

Groepen straten

De beschrijving van de straten in Bodegraven is in groepen opgedeeld. Bij de tenaamstelling werd vaak een blokje straten gelijktijdig van een naam voorzien. Dat gold met name bij uitbreidingen in de tijd toen Bodegraven Noord, de Dronenwijk of de Broekvelden werd gebouwd.

Selecteer hieronder een groep straten, en lees de ontwikkeling die speelde bij de tenaamstelling.

De oudste straten

Aan de oudste straten van Bodegraven is nooit officieel een naam gegeven. Al van oude tijden liepen de straten op de plaats waar ze nu lopen. Het spraakgebruik ging daarbij de bestuurlijke naamgeving ruim vooruit. Een gemeentebestuur was er nog niet, maar iedereen wist toch wel welke straat er bedoeld werd als een bepaalde naam werd genoemd. Toch zijn de oude straten op een gegeven moment officieel van een naam voorzien. Tijdens de gemeenteraadsvergadering van 17 februari 1893 besloot de gemeente om van verschillende straten in de bebouwde kom de naam zoals die in het spraakgebruik was te formaliseren.

Straten:

De Markt

Markt, en dan met name de kaasmarkt, werd er in Bodegraven al gehouden vanaf het jaar 1882 (toen nog op het Marktplein voor de Dorpskerk). Maar in het begin van de 20e eeuw was de markt al zo gegroeid, dat het terrein naast de kerk veel te klein werd. Na veel discussie in de gemeenteraad, waarbij zelfs een wethouder zijn portefeuille ter beschikking stelde, werd uiteindelijk besloten om een nieuw terrein te maken voor de kaasmarkt. Tegenwoordig is de kaasmarkt niet meer zo belangrijk als in het begin van de 19e eeuw.

Straten:

Zijstraten van de Kerkstraat en de Noordstraat

Een aantal zijstraten van de Kerkstraat en de Noordstraat wordt hier gezamenlijk behandeld. Tussen de Kerkstraat en de Oude Rijn stonden diverse kaaspakhuizen. Een aantal hiervan werd in de loop van de jaren afgebroken, en op de vrijgekomen grond werden weer huizen gebouwd. Dat gebeurde ook met een aantal andere oude panden in de Kerkstraat en Buitenkerk. Aangezien het aantal huizen op de vrijgekomen gronden te groot was om de huisnummering van de Kerkstraat en Buitenkerk te volgen (bijvoorbeeld door het toekennen van een letter naast het huisnummer), werd meestal overgegaan tot het geven van een nieuwe straatnaam. Hieronder worden ze successievelijk behandeld. De datum waarop het raadsbesluit plaatsvond, staat per straat vermeld.

Straten:

Langs de Meije

De naam Meije is één van de oudste namen uit onze omgeving. Al in de tweede helft van de tiende eeuw begon de ontginning van het middengebied van het Groene Hart. Deze ontginning vond plaats vanaf de Oude Rijn, de Grecht en andere rivieren. Midden tussen deze rivieren bleef een nog niet ontgonnen veengebied over, het zogenaamde Miland. Uiteraard moest regenwater uit dit gebied toch ergens naartoe stromen, en zo ontstond een veenriviertje. Naar de benaming van het Miland kreeg dit riviertje in het spraakgebruik de naam de Meije.

Straten:

Vijverwijk

In de jaren ’30 was er zoals bekend grote werkloosheid in Nederland. Bodegraven maakte daarop geen uitzondering. Door de gemeente werd daarom een werkgelegenheidsproject gezocht en gevonden in het graven van een fraaie vijver, vergezeld gaand met het dempen van diverse sloten. Op het ontgonnen terrein konden huizen worden gebouwd en er werden een aantal straten aangelegd. Een aantal van deze straten is in een later stadium uitgebreid of van naam veranderd. Vanwege het overzicht worden deze nieuw toegekende namen ook in dit hoofdstuk behandeld. Twee andere straten in dit gebied met namen van burgemeesters worden in een later hoofdstuk behandeld.

Straten:

Plan Tuinwijk

In het begin van de jaren 50 begon Bodegraven behoorlijk uit te breiden. Ten noorden van de al bestaande Nieuwe Markt zou een hele woonwijk worden aangelegd. Begin maart 1954 nam het college van B&W het initiatief om voor de geprojecteerde straten een naam te verzinnen. In verband met de de proeftuin van zaadhandel Turkenburg, die jarenlang op dit terrein was gelegen, werd voorgesteld om het nieuwe uitbreidingsplan de naam Tuinwijk te geven. Na een flinke discussie kregen diverse straten in de raadsvergadering van 29 oktober 1954 hun naam.

Een paar jaar later, tijdens de raadsvergadering van 14 juni 1957 werd nog een aantal andere straten aan de noordwestkant van het plan van een naam voorzien. Om voor dit deel van de wijk straatnamen te verzinnen nam de gemeente wel een heel modern besluit. Niet alleen de gemeenteraad mocht meedenken over de straatnamen, maar ook de bevolking kon zijn zegje doen. In een advertentie in de locale krant werd in april 1957 gevraagd om namen voor de nieuwe wijk in te dienen.

Straten:

Burgemeesters

Het is in Bodegraven gebruikelijk om burgemeesters die ons dorp hebben gediend te vereren met een straatnaam. Het gaat daarbij om de volgende burgemeesters (de jaren geven aan wanneer zij burgemeester waren in Bodegraven):

Burg. Van de Velde (1880-1883)
Burg. Le Coultre (1895-1924)
Burg. Van Dobben de Bruyn (1924-1938, 1945-1946)
Burg. Vonk (1939-1944)
Burg. Croles (1946-1973)
Burg. Kremer (1974-1981)
Burg. Kok (1981-1987)

Een andere burgemeester, burgemeester Brunt, waar in Nieuwerbrug een straat naar is vernoemd, wordt behandeld in het hoofdstuk van dat dorp.

Straten:

Zeehelden

In de jaren ’50 werd aan een aantal straten de naam gegeven van een zeeheld. Dat gebeurde tijdens verschillende raadsvergaderingen. Omwille van de duidelijkheid worden deze straten in dit hoofdstuk bij elkaar genomen.

Straten:

Uitbreiding 1957

In de naoorlogse jaren ’50 was er flinke uitbreiding van Bodegraven. Het betrof ruwweg het gebied ten westen en ten noorden van het zwembad. De gemeente plaatste een advertentie in plaatselijke kranten met een oproep aan de bevolking om namen in te dienen voor de nieuwe straten. Hierop kwamen twee reacties binnen. De gemeenteraad nam uiteindelijk een besluit op 28 juni 1957. Naast de naamgeving van de hieronder genoemde straten besloot de raad ook om de Oranjelaan, de Sportlaan en de van Dobben de Bruynstraat door te trekken in het gebied waar we hier over praten. Voor een beschrijving van die straten, zie hoofdstuk Vijverwijk.

Straten:

Geschiedenis

In 1966 werd het uitbreidingsplan Bodegraven IV actueel. Oostelijk van de Tuinwijk met straatnamen onder andere gewijd aan de zeehelden werd een aantal straten gebouwd. B&W stelde aan de raad voor om aan te sluiten bij de historische namen, voor een deel betrekking hebbend op het Bodegraafse rampjaar 1672. Eerst was er nog sprake van, dat er andere zeehelden zoals van Gent, Kortenaer, Helfrich of Jan van Galen voor de straatnamen gekozen zouden worden. Maar dat was slechts een gedachtenkronkel. De gemeenteraad besloot de hieronder genoemde straten de desbetreffende naam te geven.

Straten:

Plan Heining en Dam

Eind jaren '80 werd de nieuwe wijk Bodegraven Noord in ontwikkeling genomen. Binnen de lijn van de noordelijke rondweg werden woningen gebouwd, en hiervoor moesten straatnamen worden bedacht. Diverse suggesties passeerden de revue. Er werd gesuggereerd om molennamen te gebruiken, maar dat werd afgewezen. Deze namen zou men eventueel kunnen gebruiken bij een uitbreidingen rond de Overtocht, waar immers molen De Arkduif staat. Ook werden namen van boerderijen genoemd, dit in verband met het feit dat de voormalige boerderij De Horst en de monumentale boerderij Heining en Dam binnen het plangebied stonden. Tenslotte werd, naast de naam van de twee boerderijen, gekozen voor termen uit de wereld van de waterschappen. Dit werd bij raadsbesluit van 24 januari 1989 vastgesteld. Dat één van de vastgestelde namen nog een aardige nasleep zou krijgen, dat leest u in het ingelaste kader.

De naam van de wijk werd tevens in 1989 vastgesteld, en wel met de naam plan "Heining en Dam", dit naar de aanwezigheid van de boerderij met deze naam. Dat een officieel vastgestelde naam nog weleens ondergesneeuwd raakt moge wel blijken uit de raadsnotulen van 20 november 1997. Men was de naamgeving van de wijk kennelijk vergeten, want tijdens deze vergadering werd de naam opnieuw officieel vastgesteld. Gelukkig maar dat dezelfde naam werd gekozen; het scheelt wat verwarring.

Straten:

Langs de Oude Rijn

Langs de Rijn lopen een aantal straten, deels historisch, deels van recentere datum, die hier gelijktijdig worden behandeld.

Straten:

Richting Zwammerdam

In dit hoofdstuk worden een aantal straten behandeld, zowel binnen als buiten de bebouwde kom, allen in de richting van Zwammerdam. Laten we daarbij vooral niet vergeten, dat dit gedeelte pas op 1 februari 1964 tot de gemeente Bodegraven is gaan horen. Tot die datum lag de grens met Zwammerdam in het riviertje de Oude Bodegrave, dus ongeveer waar de Oud Bodegraafseweg lag.

Toen deze straten in 1964 aan het grondgebied van Bodegraven werden toegevoegd konden de oorspronkelijke namen gehandhaafd blijven; er was geen overlapping met straatnamen welke al eerder in Bodegraven voorkwamen.

Straten:

Rijnhoek

Het bedrijventerrein Rijnhoek is gelegen tussen de Dammekant en de spoorlijn richting Zwammerdam. Dit bedrijventerrein wordt in het eind van het eerste decennium van de 21e eeuw in ontwikkeling gebracht. Inmiddels zijn enkele straatnamen toegekend die alle iets met de scheepvaart te maken hebben.

Straten:

Het Station

Op 15 oktober 1878 werd de spoorlijn Woerden-Alphen-Leiden in gebruik genomen. Aangezien Woerden al beschikte over een station aan de spoorlijn Utrecht-Den Haag, gelegen ten zuiden van de Rijn, werd met de nieuwe spoorlijn hierop aangesloten. De nieuwe spoorlijn liep dus aan de zuidkant van de Oude Rijn langs Bodegraven. In Bodegraven werd een station aangelegd. Ten noorden van de spoorlijn werden in de buurt van het station twee grote putten gegraven, waaruit zand gewonnen werd voor de aanleg van de spoorlijn. De grote put lag nog lang in de weg. Pas in de jaren ’20 werd de put gedempt, en kon de Stationsweg worden doorgetrokken tot aan de Oud Bodegraafseweg.

Straten:

Tussen Rijn en Spoor

Ondanks het feit, dat er tussen de eerste en de laatste van de hierna genoemde straten een groot aantal jaren is gelegen, worden de volgende straten bij elkaar genoemd. Het betreft allemaal uitbreidingen in het gebied tussen de Oude Rijn en de spoorlijn.

Straten:

Plan Eshuis

In de gemeenteraadsvergadering van 12 augustus 1899 werd een ingekomen brief besproken. Een brief met voor Bodegraven verstrekkende gevolgen. J.H.Eshuis, architect te 's Gravenhage, stelde voor om het terrein tussen de Wilhelminastraat en de spoorlijn te gaan bebouwen en om er straten aan te leggen. Eshuis vraagt daarbij een subsidie van f 10.000, iets dat voor de zuinige gemeenteraad absoluut onbespreekbaar is. Ook een subsidieverzoek voor de helft van het bedrag wordt meteen naar de prullenbak verwezen. Een jaar later dient Eshuis een nieuw plan in, ditmaal veel goedkoper voor de gemeente. Hij wil op de door hem aan te kopen grond woningen bouwen, en deze verkopen. Van de winst wil hij straten aanleggen, zelfs voorzien van toen moderne gasverlichting en riolering. Deze straten zal hij dan kostenloos aan de gemeente overdragen. Ditmaal wil de gemeenteraad het voorstel inwilligen, en wordt het plan op 24 maart 1900 goedgekeurd.

Straten:

Plan Beijenveld

Halverwege de jaren '90 werden er op het stuk grond tussen de spoorlijn en de Oude Rijn huizen gebouwd en straten aangelegd. Om aan deze straten een naam te geven werd een prijsvraag uitgeschreven. De jury, die de inzendingen moest beoordelen bestond uit twee toekomstige bewoners (mevr. Kamp en dhr. Dijk), architect Ben Kraan en wethouder Meijers. In augustus 1995 werden de inzendingen beoordeeld. Vervolgens werd gekozen om namen te geven van zaken die te maken hebben met de boerderij. Tijdens de raadsvergadering van 28 september 1995 werd dit officieel vastgesteld.

De naam van de wijk luidde inmiddels in de spreektaal de wijk "Zuidzijde", dit naar de straat die evenwijdig aan de wijk loopt. Toch is dit niet de officiële naam. Deze werd tijdens de raadsvergadering van 20 november 1997 vastgesteld op Beijenveld, genoemd naar één van de toenmalige grondeigenaren van het gebied.

Straten:

Richting Gouda

Gezien de ligging van de Oude Rijn was het vroeger gemakkelijk om in oostelijke of westelijke richting te reizen. De verbinding met Gouda ging echter over land, en dat was veel moeilijker. De Oud Bodegraafseweg vormde een deel van deze verbinding. Naast huisnummer 111 van deze weg is nog een ander deel van de verbinding met Gouda te zien. Er ligt een smal strookje land in de richting van Reeuwijk, dat tot 1830 de weg naar Gouda vormde.

In 1830 werd er een maatschappij opgericht, met als doel onder andere de aanleg van een vaarweg en een straatweg van Gouda naar Bodegraven. Er was zelfs nog sprake van om een sluis te maken in de dijk bij de Oude Rijn, maar dat is er nooit van gekomen. Vanaf Reeuwijk langs de Spokersbrug (zie het kader voor een anecdote) tot aan de Oude Rijn werd een nieuwe vaart gegraven, en werd een weg aangelegd, waar tol mocht worden geheven.

Straten:

Dronenwijk

De ligging van de huizenblokken, en daarmee de loop van de straten in de Dronenwijk was al vroegtijdig bekend. De wijk zou gaan bestaan uit een centraal middendeel, waaromheen 8 rechthoekige bouwblokken met woningen. Over het centrale deel was men het al snel eens, hier zou de naam Dronen in tot uitdrukking moeten komen. Toen er over de naamgeving van de resterende straten werd gepraat, kwam men op meer dan 60 namen. Denk maar eens aan de korte straatjes die nu Ambachtshof of Gravenstein heten. Het korte tussenstukje is eigenlijk een aparte straat. Maar zoveel straatnamen zou toch wel wat teveel van het goede zijn, zo vond men. Daarom werd voorgesteld om ieder van de 8 wijkdelen een eigen naam te geven. Het centrum van de Dronenwijk zou De Dronen kunnen heten, voor de omliggende wijkdelen werden namen gezocht in de historisch locale sfeer. Op 7 december 1961 kwam de gemeenteraad er niet helemaal uit. Maar in de volgende vergadering van 4 januari 1962 werden de straten in de Dronenwijk van een naam voorzien.

De naam Dronen is een veldnaam, die in 1495 al wordt gebruikt. Waar de naam vandaan komt is niet helemaal bekend, waarschijnlijk is het een verbastering van Dornen of Thorenen, wat in de Romeinse tijd te maken had met de stugheid of puinigheid van de bodem. Een andere verklaring is, dat de naam afkomstig is van het Germaanse "Droning", wat vrouw betekent. Zie bij Vromade voor de betekenis van het land van de vrouw.

Straten:

Ambachten

Tegenwoordig kennen we in het gemeentebestuur een burgemeester, enkele wethouders en een aantal gemeenteraadsleden. Dat is niet altijd zo geweest. Alhoewel de bestuurlijke organisatie in de huidige vorm pas vanaf de invoering van de grondwet in 1848 stamt, hebben we de huidige indeling in een benoemde burgemeester en democratisch gekozen raadsleden te danken aan Napoleon. Hij was het, die in 1798 een regeling hieromtrent liet ingaan, overigens naar Frans voorbeeld.

In de jaren vóór 1798 was er sprake van een andere organisatie. Er waren baljuwschappen en ambachten, waarbij deze laatste de onderste bestuurlijke laag vormden. Verder was er het hoogheemraadschap, dat het bestuur uitoefende over zaken betreffende het beheer van het water. Naar de hierna genoemde historische bestuursvormen werd bij raadsbesluit van 4 januari 1962 een aantal straten in de Dronenwijk genoemd.

Straten:

Bomen

Het meest zuidelijk gedeelte van de Dronenwijk was als groene afsluiting van een verder bebouwd gebied gedacht. Aan deze kant kwamen dus enkele straten met namen met een natuurkarakter. Toen het distributiecentrum van groothandel Schuitema begin jaren '90 verhuisde naar Woerden, moest dit terrein opnieuw worden ingevuld. Na een grote brand, waarna het complex vrijwel geheel moest worden gesloopt, werd al snel gedacht aan woningbouw op het terrein. Door een projectontwikkelaar werd een plan voor 102 woningen gemaakt, dat werd uitgevoerd. Op het terrein werden twee nieuwe straten aangelegd, waaraan, voortgaande op de naamgeving van bomen, ook soortgelijke namen werden gegeven.

Straten:

Graven en Hertogen

Toen het bouwen in de Dronenwijk ten einde liep, zou er begin jaren '70 flink gebouwd gaan worden aan de andere kant van de Goudse Vaart. In eerste instantie werd aangesloten bij de historische namen die ook in de Dronenwijk waren gegeven. Een deel van het gebied zou namen krijgen die horen bij de historie van de Zuidzijderpolder, namelijk de grafelijkheden die betrokken waren bij het verlenen van de rechten in de tijd van de ontginning van deze polder.

Straten:

Vogels 1

Tijdens dezelfde raadsvergadering van 4 augustus 1970 als waarin de grafelijkheden werden genoemd, werd tevens een aanvang gemaakt met benoemen van vogelnamen. Een goede motivatie voor het kiezen van vogelnamen is in de raadsstukken niet te vinden. Men noemt het in één adem met de andere historische namen. Wat wèl expliciet wordt genoemd is het weglaten van de toevoegingen -straat of -weg, dit conform de toenmalige opvattingen. Of het voorvoegsel "de" ervoor moet, dat laat het raadsbesluit in het midden. Het lidwoord wordt tussen haakjes vermeld in het besluit, dus (de) leeuwerik, (de) lijster, (de) merel. Later wordt evenwel de naam zonder lidwoord gebruikt.

Straten:

Historisch Bodegraven

Naast de straten met grafelijkheden en vogels werd tijdens de raadsvergadering van 4 augustus 1970 ook een aantal hoofdstraten van een naam voorzien. De eerste plannen waren wat anders dan wat nu realiteit is. Vanaf de Goudseweg af waren er over de Goudse Vaart enkele ontsluitingswegen gedacht. Aan deze wegen zouden, in navolging van de staatnamen in de Dronenwijk, ook historische namen worden gegeven. Bij de Cortenhoeve is dat inderdaad het geval, maar bij de Boesemsingel en Broekveldselaan is de realiteit anders dan was gepland. De naamgeving van de straten had nogal wat voeten in de aarde. In eerste instantie werd er over gepraat in de raadsvergadering van 14 mei 1970. Maar omdat tijdens de vergadering bleek dat er nog teveel onduidelijkheid was over het toekomstig verloop van de straten, werd het besluit nog even uitgesteld tot 4 augustus 1970, toen de genoemde straten hun naam kregen.

Straten:

Weideplanten

De laatste paar jaar van de jaren '70 werd de wijk achter de Bourgondische laan bebouwd, zijnde fase 1 van Zuid III. Aansluiting bij de namen van de dichter naar het centrum gelegen straten met historische namen zou wat bezwaarlijk worden; het aantal mogelijkheden werd zo zachtjesaan te beperkt. Diverse mogelijkheden passeerden de revue. Naast diverse kaassoorten en andere namen uit de boerderijwereld werden al snel namen van weideplanten voorgesteld. Tijdens de raadsvergadering werd door J.A.Karssen voorgesteld om gebruik te maken van Bodegraafse familienamen die betrekking hebben op het weiland en de polder. Hij noemde diverse namen, zoals Groenendijck, Binnendijck, Uytenbogaard, Op 't Land, Pijnacker, Broekhuysen en Velthuysen. Maar tijdens de raadsvergadering werd dit voorstel door raadslid C.Hamoen (met een grote genealogische kennis) direct naar het rijk der fabelen verwezen. Slechts de namen Groenendijk en Op 't Land zijn namen die van oudsher in onze omgeving voorkomen, de andere namen zjn oorspronkelijk afkomstig uit de Betuwe, de Meern en zelfs uit Overijssel. Na een flinke discussie in de raadsvergadering werden vervolgens de namen van de hieronder genoemde weideplanten toegekend.

Straten:

Vogels 2

In 1973 werd weer aan een aantal straten in een deel van de wijk Broekvelden een naam gegeven. Men koos, in navolging van de eerder gedane keuze opnieuw voor vogelnamen.

Straten:

Vogels 3

Tijdens de raadsvergadering van 21 maart 1978 werden weer namen vastgesteld voor straten, dit maal voor fase 2 van uitbreidingsplan Zuid III. Er werden 6 vogelnamen gekozen, aansluitend bij de namen van fase 1. Welke naam aan welke straat van het uitbreidingsplan gegeven moest worden, dat vermeldt het raadsbesluit niet. De afdeling gemeentewerken (die verantwoordelijk is voor de aanleg van de straten) was vrij om de door de gemeenteraad toegekende namen aan de nieuwe straten toe te delen. Een maand na het raadsbesluit kwam gemeentewerken erachter, dat er eigenlijk maar 5 namen nodig waren. De straatnaam Koekoek die op de raadsvergadering ook was toegekend is daarbij komen te vervallen.

Straten:

Polder

Nadat een grote hoeveelheid vogelnamen waren toegekend, vond men het nu weleens tijd worden om wat andere namen te gaan gebruiken. Zo halverwege 1979 werd het actueel om voor fase 3 van de Broekvelden namen te gaan verzinnen. Diverse suggesties kwamen ter tafel. Zo werd aan molennamen gedacht, aan gemeenten uit de regio, aan de kaaswereld en aan rivieren uit de omgeving. Uiteindelijk koos men voor namen die te maken hebben met de plattelandswegen of landscheidingen in het landschap van onze omgeving. De gekozen namen berusten overigens voor een groot deel op fantasie, het zijn niet echte benamingen zoals deze in het woordenboek of in de geschiedenis zijn te vinden. In 1979 werd het raadsbesluit voor 5 straten genomen, in 1981 (bij fase 4) volgden nog 5 namen.

Straten:

Vissen

Eind 1983 was er weer woningbouw gepland voor fase 5 en direct daarop aansluitend ook voor fase 6 van de Broekvelden. Besloten werd beide delen gelijktijdig van straatnamen te voorzien. In eerste instantie waren er 9 namen nodig. Een aantal mogelijkheden passeerden de revue, zoals vogels (maar daarvan waren er al zoveel in Bodegraven), molennamen, boerderijnamen en ook vissen. Met name vissen, die in deze streek in onze sloten en plassen voorkomen, kregen de voorkeur. Uiteindelijk werden door de gemeenteraad in 1983 de negen hieronder genoemde namen van witvissen gekozen.

Al bouwende bleek in 1987 echter, dat er nog een naam te weinig was gekozen. De gemeenteraad koos uiteindelijk de naam Snoekbaars. Dat bij deze naamgeving niet gedacht is aan de andere 8 vissen moge blijken uit het feit, dat de eerste 8 vissen alle witvissen zijn, terwijl de snoekbaars een roofvis is.

Straten:

Grassen

Terwijl er in het achterste gedeelte van de Broekvelden al driftig werd gebouwd, bleef er middenin nog een stukje grond over, dat pas vanaf 1986 als fase 7 van de Broekvelden zou worden bebouwd. Al tijdens de raadsvergadering van 1983 (bij de naamgeving van fase 5) was door de raad al de wens uitgesproken om ook namen van grassen toe te kennen. De gemeenteraad kwam in 1986 haar eerder gedane uitspraak na, en besloot aan de drie straten van fase 7 de namen te geven van grassoorten die alle in het weidegebied rond Bodegraven voorkomen

Straten:

Weideveld

In de laatste decade van de 20e eeuw werden plannen gemaakt om ten oosten van de rondweg Broekveldselaan een geheel nieuwe woonwijk aan te leggen. Deze wijk is gelegen in het weidegebeid, vandaar dat al snel de naam "Weideveld" in gebruik kwam. In de eerste jaren van de 21e eeuw werd het gebied van de weilanden opgespoten met zand, dat enige jaren moest inklinken. Toen een begin gemaakt zou worden met de bouw van huizen, bleek de kredietcrisis voor moeilijkheden te zorgen. Het was niet mogelijk om voldoende huizen te verkopen, iets dat nodig was om te beinnen met de bouw. Gelukkig werd er door de gemeente en de woningbouwstichting een oplossing gevonden, zodat rond 2010 kon worden begonnen met de bouw van huizen. Voor de naamgeving van de straten van de fase 1 en 2 van Weideveld werd aangesloten bij de naam van de wijk (Weideveld), en werden namen gekozen van weidebloemen.

Straten:

Bedrijventerrein

Het bedrijventerrein van Bodegraven wordt in dit boek weliswaar als één geheel behandeld, maar dat wil niet zeggen dat de namen ook tijdens één raadsvergadering zijn toegekend.

Het begon op 14 mei en ging verder in de uitgestelde raadsvergadering van 4 augustus 1970, toen het meest westelijke deel van het bedrijventerrein van een naam werd voorzien. Gekozen werd voor namen die te maken hebben met de Europese samenwerking te weten Benelux en Europa voor het landsgebied, Marshall en Shumann voor personen die zich verdienstelijk hebben ingezet voor Europa, en Henri Dunant; deze laatste naam werd voorgedragen door het bestuur van het Rode Kruis.

Bij fase II van het bedrijventerrein werd aangesloten bij de eerste gedachte, en werden 6 namen van Europese landen gegeven. Hierbij moge worden vermeld, dat er ook sprake was van andere namen van Europese personen, zoals De Gaulle, Mansholt, Churchill, Montgomery, Spaak en Roosevelt. De namen voor fase II werden bij raadsbesluit van 21 maart 1978 toegekend.

Toen in 1993 het bedrijventerrein De Groote Wetering zou worden ontwikkeld, werd weer aangesloten bij de eerder gevolgde gedachte van Europese eenwording. De EEG was inmiddels uitgebreid met een aantal landen, dus het was gemakkelijk om ook andere landen te vernoemen. Verder werden de twee steden (Terrasson en Tolna) vernoemd, waarmee Bodegraven een vriendschapsband heeft. De namen voor dit deel van het industrieterrein werden door de gemeenteraad op 22 april 1993 toegekend.

Straten:

Buitengebied richting Nieuwerbrug

Tijdens de ontginningen in de dertiende eeuw waren stukjes land aangelegd, die loodrecht op de Rijn stonden. Bij de aanleg van de spoorlijn in 1878 werden al deze stukjes land ongeveer halverwege overdwars doorsneden. In het begin was dat geen probleem, maar tegen het eind van de twintigste eeuw, met het sneller wordende treinverkeer werd het oversteken van de spoorlijn te gevaarlijk. Halverwege de jaren '90 werd er in het kader van het landinrichtingsplan Driebruggen een grondige herverdeling van de kavels grond uitgevoerd, zodat de vele onbewaakte overwegen konden verdwijnen. Bij deze herverdeling werden ook enkele nieuwe boerderijen gebouwd, en werden er enkele nieuwe wegen aangelegd in het gebied tussen de Oude Rijn en de spoorlijn.

Straten:

Nieuwerbrug

Het dorp Nieuwerbrug behoort nog maar kort tot het grondgebied van de gemeente Bodegraven. Op 1 februari 1964 is bij een gemeentelijke herindeling het dorp in zijn geheel aan Bodegraven toegevoegd. Toch is het dorp Nieuwerbrug nooit een eigen gemeente geweest. Tot 1964 liepen de gemeentegrenzen dwars door het dorp. Het westelijk gedeelte hoorde vanouds al toe aan de gemeente Bodegraven. Het gebied langs de provinciale weg richting Woerden hoorde toe aan de gemeente Rietveld, terwijl het zuidelijk deel van het dorp tot de gemeente Barwoutswaarder (gelegen onder Woerden) en Waarder behoorde.

Omdat het veel verwarring kan geven als er in één gemeente twee straten zijn met dezelfde naam, moest er bij de herindeling van 1964 een aantal straten van naam worden veranderd. Het betrof daarbij de volgende straten:

  • Stationsweg - wordt Graaf Florisweg
  • Oranjestraat - wordt Graaf Lodewijkstraat
  • Nassaustraat - wordt Graaf Adolfstraat
  • Nieuwstraat - wordt Johan Willem Frisostraat
  • Rijksstraatweg - wordt De Bree

De nieuwe straatnamen werden gekozen tijdens een raadsvergadering van 3 september 1964, toch al weer een half jaar na de gemeentelijke herindeling.

Straten:

Straatnamen in Bodegraven

A Aakpad , Achter Nieuwstraat , Adolfstraat, Graaf , Albrechtstraat, Graaf , Alver , Ambachtshof , Appelgaard
B De Baan , Bavolaan, Dirk , Beatrixstraat, prinses , Beemdgras , Beiershof , Bekenespad , Beneluxweg , Bernhardstraat, prins , Beukenhof , Beursstraat , Binnenweg , Bleek, de , Bodelohof , Bodelolaan , Boerderijweg , Boesemsingel , Boomgaard , Boterbloem , Botter , Bourgondischelaan , Bouwsteeg , Brasem , Bree, de , Broekveldselaan , Bruggemeesterstraat , Brugstraat , Bruntstraat, Burg. , Buitenkerk
C Cortenhoeve , Crolesbrug, burg. , Crolesplein, burg.
D Dammekade , Dammekant , Deel, de , Denemarkenweg , Dobben de Bruynstraat, burg.van , Doormastraat, Karel , Doortocht , Dronenhoek , Dronenpark , Dronenplein , Dronensingel , Dronenweg , Duitslandweg , Dunantweg, Henri
E Eendrachtsweg , Eiber , Ekster , Elzenhof , Emmakade , Endelkade , Engelandweg , Erasmushof , Europaweg , Evertsenstraat, Jan
F Florisweg, Graaf , Fluitekruid , Franciscushof , Frankrijkweg
G Gloeiende Spijker , Goebelstraat, Hendrik , Goudplevier , Goudseweg , Gravenhof, 's , Gravenstein , Griekenlandweg , Groene Ree , Groene Zoom , Grondel , Grutto , Gruttoplein
H Heemraadslaan , Henegouwerhof , Heining en Damlaan , Heinstraat, Piet , Hendrikstraat, prins , Hoefslag , Hofstede , Hoge Rijndijk , Hollandshof , Hoogendoornlaan, J.C. , Hooijerdijk , Hoornblad , Horstlaan , Houtwerf
I Ierlandweg , Indoorweg , Ingelanden , Irenestraat , Italiëweg
J Jaagpad , Jacobastraat, Gravin , Johan Willem Frisostraat , André de Jongstraat , Julianastraat
K Kapberg , Karperlaan , Kavelpad , Kerkenpad , Kerkstraat , Kerkweg , Kievitsheuvel , Kikkerlaan , Klaversteijn , Kleienburg , Klipperaak , Koetshuis , Kolblei , Kokplein, burg. , Kortland , Koninginneweg , Koningsmarck , Koningstraat , Koolmees , Kopeind , Korte Nieuwstraat , Korte Waarder , Kremerplein, burg. , Kremerweg, burg. , Krooslaan , Kwikstaart
L 1672 laan , Landlust , Le Coultrestraat, burg. , Leeuwerik , Leidsche Poort , Lemsteraak , Lijster , Lindehof , Lodewijkstraat, Graaf
M Madelief , Margarethastraat, Gravin , Margrietstraat , Mariastraat, Gravin , Marktstraat , Marshallweg , Mauritsstraat , Meerval , Meije , Merel , Moestuin , Molendijk , Molenkade , Molendijkerdwarsweg
N Nassaustraat , Nespad , Nieuwe Markt , Nieuwstraat , Noordhof , Noordstraat , Noordzijde , Nutspassage
O Oranjehof , Oranjelaan , Oranjeplantsoen , Oud Bodegraafseweg , Oude Markt , Overpad Overtocht ,
P Pastorieplein , Phoenix , Pijlkruid , Polderbrink , Populierenhof , Portugalweg , Prinsendijk , Prinsenstraat
Q
R Raadhuisplein , Raaigras , Reigeroord , Rietkraag , Rijngaarde , Rijnkade , Rijnpoort , Roerdomp , Rond de Watertoren , Ruisvoorn , Ruyterlaan, de
S Schumannweg , Scheisloot , Schoolstraat , Schoutendreef , Schouw, de , Sloep , Snoekbaars , Spanjeweg , Speenkruid , Speijkstraat, van , Spoorlaan , Spoorstraat , Sportlaan , Stadhouderslaan , Statenlaan , Stationsplein , Stationsweg
T Terrassonsingel , Tjalk , Tolnasingel , Tolstraat, van , Trompstraat , Tuinstraat , Turkenburg, Laan van
U
V Veenrode , Veldestraat, burg.van de , Vijverlaan , Vlietkade , Vogelmuur , G.R.Vonklaan, burg. , Voorplein , Voshol , Vossestaart , Vreekenplein, Jacob , Vrije Nesse , Vromade
W Waagpoort , Warmoeskade , Waterhoen , Watermunt , Watersnip , Weegbree , Weeshuisbaan , Weijland , Weijpoort , Weiweg , Werf, de , Westeinde , Wetering , Wielewaal , Wilgenoord , Wilhelminastraat , Willemstraat , Winde , Wittstraat, Joh
X
Y
Z Zeelt , Zomerhuis , Zonneweide , Zuidzijde , Zuwe , Zwaluw , Zwanebloem , Zwenkgras , Willem de Zwijgerstraat

Verhalen

Bij het schrijven van het boekje over de straatnamen kwam ik diverse leuke dingen tegen. Die wil ik u niet onthouden. Hieronder vindt u enkele van die onderwerpen.

[straatnaamgeving] [grasbermen] [naamswijziging Evertsenstraat] [schei(t)sloot]
[ambtelijke molens] [spokersbrug] [duitslandweg/frankrijkweg]

Straatnaamgeving

Straatnamen ontstaan meestal niet vanzelf. Volgens het Besluit Bevolkings- boekhouding (zeg maar, de wetgeving) is het niet verplicht om een straatnaam te benoemen. Er wordt alleen gesproken van het feit, dat B&W dienen zorg te dragen, dat de gebouwen worden genummerd. Je zou het hele dorp dus ook van nummer 1 tot bijvoorbeeld 7000 kunnen nummeren. Vroeger gebeurde dat wel. Soms kreeg een wijk een letter, en alle huizen in die wijk een volgnummer. Dan woonde je bijvoorbeeld in wijk C, 712. Maar zo'n systeem is in de praktijk toch wel wat lastig. Bodegraven heeft dit systeem nooit gekend; sinds 1893 worden de straten met een naam gekend.

Daarom wordt er meestal aan een straat een straatnaam toegekend. Heel vroeger kregen de straten vanzelf wel een naam in het spraakgebruik, zonder dat er officieel een naam aan werd toegekend. De oudste straten in Bodegraven hebben op die manier hun naam gekregen. Sinds 1893 gebeurt het benoemen van nieuwe straten in Bodegraven door de gemeenteraad. In dat jaar forma-liseerde de gemeenteraad het gebruik van een aantal al bestaande straatnamen.

Het toekennen van straatnamen bij nieuwe straten gebeurt meestal pas in een vrij laat stadium. Eerst wordt er een uitbreidingsplan gemaakt en besproken. Daarbij is er alleen maar sprake van kadastrale gronden en bouwtekeningen waarop de straten zijn aangegeven met nummers. Pas als er sprake lijkt te gaan komen van bewoning, dan moet er een naam komen. Tegenwoordig gaat het naamgeven niet zomaar uit de losse pols. Er is een commissie straatnamen, die eerst advies uitbrengt aan het college van B&W (het dagelijks bestuur van de gemeente). Toen er nog geen commissie was, kwam het eerste advies vaak vanuit een ambtelijke dienst van de gemeente. Na dat eerste advies brengt het college van B&W dit in in de gemeenteraadsvergadering. De gemeenteraad (de vertegenwoordigers van de bevolking) is dan uiteindelijk verantwoordelijk voor de keuze van de straatnamen.

Om de bevolking meer bij de straatnamen te betrekken kan de raad eerst nog advies inwinnen bij de bevolking, bijvoorbeeld via een oproep in de krant. In het verleden is het in Bodegraven niet vaak voorgekomen. In 1957, 1966 en 1995 werd de bevolking gevraagd namen in te dienen.

[ naar boven ]

Grasbermen

Wie wat gras in zijn tuin heeft staan, beschouwt het meestal maar als onkruid en verwijdert het maar snel. Dat gras toch wel waarde kan hebben, dat bewijzen de grasbermen in onze gemeente. Bepaalde grasbermen werden jaar na jaar onderhands, of per openbare veiling. Zo werd de grasberm langs de Stationsweg jarenlang voor de som van ƒ 4,-- verhuurd. Ook de grasberm langs de Buitenkerk onderging dat lot.

Een bepaalde grasberm heeft zelfs nog invloed gehad op de verkoop van grond aan de gemeente. De Meije was tot het begin van deze eeuw eigendom van de aanwonenden, iets wat bij heel veel straten in onze gemeente gebruikelijk was. Toen in 1906 het onderhoud voor de aanwonenden toch wel wat bezwaarlijk werd, werd er onderhandeld met de gemeente om de straat in eigendom te laten overgaan naar de gemeente. Het onderhoud ervan zou dan uiteraard ook overgaan naar de gemeente. De gemeente was wel bereid, 35 van de 50 eigenaars wilden ook meewerken, maar 11 weigerden. De reden hiervan had vooral te maken met de grasbermen. Als het eigendom naar de gemeente zou overgaan, dan zou men immers ook het recht verliezen om de grasbermen te maaien. Pas toen er over de grasbermen afzonderlijke afspraken werden gemaakt, was men bereid om het onderhoud aan de gemeente over te dragen.

[ naar boven ]

Naamswijziging Evertsenstraat

“Bezint eer ge begint”, zo luidt een bekend spreekwoord. Toch heeft de gemeenteraad dit niet altijd gedaan, zoals blijkt uit het volgende verhaal. Toen begin 1960 de wijk rond de Evertsenstraat werd ontworpen moesten er aan de nieuw aan te leggen straten uiteraard namen worden gegeven. De situatie was urgent, want er werd al gebouwd; de nieuwe bewoners zouden binnenkort gaan verhuizen, dus opschieten maar. Er werd gekozen om aan te sluiten bij de naamgeving van andere straten in de omgeving. Dat deze aansluiting niet helemaal juist was, kijk daarvoor bij de algemene beschrijving van de zeehelden-straten. Maar de naam was snel verzonnen, we noemen de straat en de korte zijstraat ervan de Van Speijkstraat. Aldus gebeurde in de raadsvergadering van 19 maart 1960.

De bewoners kwamen al snel, de verhuiskaarten met de nieuwe straatnaam werden verstuurd, en iedereen was gelukkig..... Toch niet, want het feit dat een straat inclusief een doodlopend zijdeel van deze straat dezelfde naam had, bleek in de praktijk voor sommigen toch wat ongelukkig te zijn en voor verwarring te zorgen. En aldus kwam het college van B&W eind 1962 met het voorstel aan de gemeenteraad, om het dwarsstuk van de nieuwe Van Speijkstraat met daarin 14 nieuwe woningen een eigen naam te geven. Aldus geschiedde op 11 oktober 1962, toen de naam Evertsenstraat aan het zijstuk werd gegeven.

En ieder was weer gelukkig..... Of toch niet? Binnen een week kwam er een handtekeningenactie van 11 bewoners uit de straat, die deze wijziging maar niets vonden. Het opnieuw moeten versturen van adreswijzigingen was voor hen een niet te verteren zaak. Maar protest of geen protest, op 25 oktober besloot de gemeenteraad, dat de wijziging gewoon doorgevoerd zou worden. Aldus geschiedde.

[ naar boven ]

Schei(t)sloot

Toen bij aanleg van het gedeelte van Bodegraven Noord rond 1989 nieuwe straatnamen moesten worden verzonnen, werd gekozen voor namen die te maken hebben met de waterschapswereld. Eén van de straatnamen werd de Scheisloot.

Toen de straatnaam bekend werd, kwamen de nieuwe bewoners van deze straat er al snel tegen in het geweer. Men vond de naam “spreektaalkundig” niet zo gelukkig gekozen; de letter T zou er al snel tussen gedacht en gezegd kunnen worden, zo beweerde men. Een brief van 4 maart 1989, ondertekend door 20 toekomstige bewoners, moest de gemeenteraad op andere gedachten brengen. Er werd gevraagd om de naam te veranderen, bijvoorbeeld in Vaarsloot, Schouwsloot, of één van de 13 andere namen die de bewoners voorstelden. Maar de gemeenteraad reageerde als volgt: “Tegen de vaststelling van de straatnaamgeving alsmede tegen een besluit tot weigering van medewerking aan een straatnaamwijziging staat geen administratiefrechtelijke weg open. Genoemde besluiten zijn van algemene strekking en niet gericht op enig rechtsgevolg, een en ander als bedoeld in de wet AROB, en komen om die reden ook niet voor AROB-beroep in aanmerking”, aldus de gemeentelijke reactie. Daar moesten de bewoners het maar mee doen, geen wijziging dus.

Toch stonden de bewoners niet alleen. Want raadslid Borsboom had er al voor gewaarschuwd, dat het voor de hand zou liggen dat in de naam een T wordt tussengevoegd. Wethouder Meijers reageerde hierop met de opmerking, dat de naam Scheitsloot wellicht alleen door basisscholieren zal worden gebruikt; als iemand op latere leeftijd een dergelijk grapje maakt, zo meende Meijers, dan wordt er toch wel wat meewarig naar betrokkene gekeken

Wie heeft er gelijk gekregen? De bewoners of het college van B&W? Luistert u zelf maar als u in de buurt bent.

[ naar boven ]

Ambtelijke molens malen langzaam bij de Nassaustraat

Dat ambtelijke molens niet altijd even snel malen, dat bewijst wel de straatnaamgeving van de Nassaustraat. In 1905 was er al iets dat op een straat leek, althans, er stonden huizen. Drie jaar later wordt het pad ook nog bestraat.

De straat wordt in eerste instantie beschouwd als een verlengstuk van de Willemstraat. Een eigen naam krijgt deze straat dus nog niet. Onofficieel wordt de straat wel de Verlengde Willemstraat genoemd. Tijdens de raadsvergadering van 23 december 1925 stelt raadslid Hortensius bij de rondvraag dan de vraag “waarom die uitloper westelijk van de Willemstraat nog geen eigen naam heeft”. Het college van B&W wordt uiteraard door deze vraag wat overvallen, en belooft erop terug te zullen komen.

Dat dat erop terugkomen even geduurd heeft, dat mag geen naam hebben. Als gevolg van alle kwesties rondom de nieuwe markt, waardoor zelfs een wethouder moest aftreden, gebeurde dat niet. Tijdens de Tweede Wereldoorlog moest voor de Wilhelminastraat (de toenmalige koningin) op last van de Duitse bezetter een andere naam worden verzonnen. Voor deze straat koos men noodgedwongen de naam Nassaustraat, een naam die tenminste nog enige binding had met het koninklijk huis. Na de oorlog is uiteraard de oude naam Wilhelminastraat weer teruggegeven aan de rechtmatige straat.

Of men zich vervolgens in 1948 nog herinnerde dat het college van B&W zou terugkomen op de in 1925 gestelde vraag over het benoemen van een in 1905 aangelegde straat, dat is niet bekend. Maar pas in dat jaar werd door de gemeenteraad besloten om aan het afwijkende deel van de Willemstraat een afzonderlijke naam te geven, de Nassaustraat. Spreken we hier nu van een trage ambtelijke besluitvorming?

[ naar boven ]

Spokersbrug

Wie over de weg naar Gouda rijdt, komt net buiten het dorp over een brug waaraan een naambordje hangt. Op dat bordje staat de naam “Spokersbrug”. Waar komt deze naam toch vandaan?

Ongeveer een eeuw geleden was de situatie ter plaatse heel anders. De weg van Bodegraven naar Gouda was toen een tolweg. Op de plaats waar deze weg het riviertje de Oud Bodegrave passeerde was een tolwachtershuisje gesitueerd, waarin een tolwachter woonde. En over deze tolwachter gaat het verhaal. Deze man schijnt een wat zonderling figuur geweest te zijn, nogal op zichzelf. Hij woonde alleen in zijn tolwachtershuisje. Toen deze man overleed, moest zijn lichaam uiteraard worden begraven, iets dat bij armlastige mensen meestal gebeurde door de weeshuismeesters uit het dorp. En dus trokken deze weeshuismeesters erop uit, zodra het bericht van zijn overlijden bekend werd. Maar het was winter. En niet zomaar een winter, maar een hele strenge, met veel sneeuw, ijs, kou en alles wat daarbij hoort. De weeshuismeesters trokken met de wagen waarop de lijkkist moest worden gezet naar buiten het dorp.

Maar ze waren wat later dan gepland, en het werd al donker. Het ophalen van het lichaam was geen pretje. Want vergeet niet, dat er langs de weg nog geen straatverlichting was, en dat het dus een hele onderneming was, zo midden in de winter. De jongens van het weeshuis hadden echter ook een plannetje. Ze waren hun weeshuismeesters nèt voor; zij hadden minder moeite om bij het veraf gelegen brugwachters-huisje te komen. Welke grap zij daar precies hebben uitgehaald, dat is niet bekend. Maar dat ze iets met het door de vorst stijfgeworden lichaam hebben gedaan, dat is zeker. Nadat de weeshuismeesters in het huisje naar binnen waren gegaan, bibberend van de kou, met door de angst knikkende knieën, kwamen ze al heel snel weer naar buiten. Wat ze precies hebben gezien, dat beschrijft de geschiedenis niet, maar ze waren er allen van overtuigd, dat ze spoken hadden gezien. De terugtocht, zonder lijk, was in werkelijkheid heel wat sneller dan de weeshuismeesters zelf hebben ervaren.

De volgende dag, toen het al licht was, is het lijk alsnog opgehaald. Maar van de plaats rondom het bruggetje werd vanaf die dag verteld dat het er spookte. Bij het aanleggen van de nieuwe brug in 1936 is aan deze brug de naam Spokersbrug gegeven.

[ naar boven ]

Straatnaambordje Duitslandweg / Frankrijkweg ?

Straatnamen bestaan eerst op papier. Als de eerste graafmachines gaan graven, en als het er een beetje op begint te lijken dat er een echte straat komt, dan wordt aan zo'n straat ook een naam gegeven. En als de naam van die straat dan bekend is, en de eerste stenen worden gelegd, dan worden er ook meestal straatnaambordjes bij de straat gezet, zodat ieder tenminste weet waar hij of zij zich bevindt. Aldus gebeurde ook bij de Frankrijkweg

Een bedrijf dat zich binnenkort zou gaan vestigen aan één van de straten op het nieuw aan te leggen bedrijventerrein had van de vestiging alleen nog maar tekeningen op papier. De bouw begon al wat te vorderen, en men wilde van het bdrijf aan de relaties een adreswijziging gaan sturen. Maar waar wordt je nieuwe bedrijf nou gevestigd? Hoe heet die straat nou precies? Nou, het was geen probleem om dat te weten te komen, want er stond immers al een straatnaambordje bij de ingang van de straat. Even gekeken, en jawel hoor, het bordje gaf keurig de naam "Duitslandweg" aan. En aldus werd het briefpapier gemaakt, drukwerk besteld, adreswijzigingen verstuurd, enzovoort. Totdat.......

Ach wat jammer nou, dacht men bij gemeentewerken. Het straatnaambordje "Duitslandweg" staat verkeerd. Het staat bij de "Frankrijkweg". De fout was snel hersteld, het bordje werd weggehaald en op de goede plaats gezet, en bij de Frankrijkweg werd een nieuw bordje neergezet met de echte naam.

Toen het desbetreffende bedrijf er achter kwam, was het helaas te laat. De adreswijzigingen moesten opnieuw worden verstuurd, de relaties moesten opnieuw worden ingelicht. Een boze brief naar de gemeente lokte van gemeentewege weliswaar een excuusbrief uit, maar toch werd er naast dat excuus door de gemeente ook fijntjes op gewezen, dat het normaal is, dat men voor het exacte adres even bij de gemeente om inlichtingen vraagt, en zich niet zomaar naaer een losstaand bordje op een bouwterrein richt.

[ naar boven ]

Contact

Wilt u een opmerking kwijt over deze website?
Of heeft u nog een vraag over de straten in Bodegraven?

Neem gerust per mail contact op onder

Aakpad

Raadsbesluit: ca.2007

Naam van een soort schip.

Achter Nieuwstraat

Raadsbesluit: 26 maart 1930

In 1910 vraagt een bewoner van de Nieuwstraat om op een terrein achter zijn woning 7 nieuwe woningen te mogen bouwen. Na enige discussie in de gemeenteraad wordt het verzoek uiteindelijk toegestaan. Lange tijd heeft deze straat geen naam. Als bijnaam werd de straat wel het Duivelseiland genoemd. Pas in 1930 wordt door de gemeenteraad de naam Achter Nieuwstraat toegekend.

Over de straatverlichting van deze straat is nogal het één en ander te doen geweest. In 1930, en later weer in 1936 vroegen de bewoners van de Achter Nieuwstraat om het plaatsen van een straatlantaarn door de gemeente. De gemeente vond dat zoiets toch wel erg veel geld zou kosten, wel fl 20,-, en dat was teveel. De straat werd immers zijdelings verlicht door een lantaarn in de Le Coultrestraat, dus nodig was het niet.

Adolfstraat, Graaf

Raadsbesluit: 28 juni 1962, 3 september 1964

Adolf van Nassau, broer van Lodewijk van Nassau en van Willem de Zwijger. Hij leefde van 1540 tot 1568. Samen met zijn broer Lodewijk (zie bij Graaf Lodewijkstraat) was hij betrokken bij de slag bij Heiligerlee, waarbij Adolf tijdens de verdediging te ver in de vijandelijke linies kwam, en het leven liet.

Tot 1964 (gemeentelijke herindeling) had de straat de naam Nassaustraat. Deze naam werd door de toenmalige gemeente Barwoutswaarder (waarin deze straat was gelegen) in 1962 toegekend bij de uitvoering van het uitbreidingsplan Nieuwerbrug. De naam Nassau werd daarbij gekozen naar aanleiding van de naam van het koninklijk huis. Een verzoek van een raadslid om in 1962 aan te sluiten bij burgemeestersnamen van Nieuwerbrug (vergelijk de burg. Bruntstraat) haalde geen meerderheid in de raad. In 1964, bij de herindeling moest de straatnaam veranderen, omdat er in het dorp Bodegraven ook een Nassaustraat was. Gekozen werd voor de naam van graaf Adolf.

Albrechtstraat, Graaf

Raadsbesluit: 9 december 1975

Graaf Albrecht van Beieren leefde van 1336 tot 1404. In 1358 werd hij ruwaard (regent) van Holland, omdat zijn broer Willem V krankzinnig was. Na diens dood in 1389 werd hij graaf van Holland. Hij trouwde in 1353 met Margaretha van Silezië, en in 1394 met Margaretha van Cleve.

In het uitbreidingsplan Dubbele Wiericke was één rondweg en drie aftakkende zijwegen gepland. Een eerste suggestie was, om aansluitend aan andere straatnamen in Nieuwerbrug nu ook namen van Hollandse graven toe te kennen. Omdat er in Holland verschillende graven zijn geweest met de naam Dirk, was een eerste simpel (maar toch wel serieus) voorstel, om de hoofdstraat te noemen Graaf Dirk I straat, en de drie zijstraten de Graaf Dirk II straat t/m Graaf Dirk IV straat. Gelukkig is men verstandig geweest en heeft men 4 verschillende namen gekozen. Dat daarbij de emancipatie ook toesloeg blijkt wel uit de wens om niet alleen mannelijke graven te vernoemen, maar ook vrouwelijke personen.

Alver

Raadsbesluit: 13 december 1983

Een alver (Latijn: Alburnus alburnus) is een onopvallende vis met tamelijk grote schubben. Hij wordt zo'n 15 tot 20 cm lang. Het is een vrij algemene vis, in die zin, dat de vis in bijna ieder water op het Europeese vasteland voorkomt. Alvers leven vaak in scholen, die dicht aan de oppervlakte zwemmen. De kleur van de rug is grijsgroen met een blauwige glans, de zijkant is zilverachtig en de buik is wit van kleur. Hij kan zo'n 5 tot 6 jaar oud worden.

Ambachtshof

Raadsbesluit: 4 januari 1962

Het ambacht was de onderste bestuurslaag in de hiërarchie van Staten (de hoogste bestuurslaag) tot wat we nu de gemeenteljike bestuurslaag noemen. Het ambacht omvatte het rechtsgebied van een dorp. Hoofd van een ambacht was de schout. In het ambacht werd ook recht gesproken, voor zover het eenvoudige overtredingen betrof.

Appelgaard

Raadsbesluit: 20 november 1997

Benaming van een boomgaard waar appelbomen worden geteelt. De boomgaarden in onze omgeving waren meestal kleinschalig. Het fruit werd alleen voor eigen gebruik en eventueel kleinschalige verkoop geteeld. De belangrijkste middelen van bestaan waren immers tot de zestiende eeuw de landbouw, en vanaf die tijd de weidegrond met de bijbehorende kaasmakerij.

De Baan

Raadsbesluit: n.v.t.

Een kort zijstraatje aan het begin van de Noorstraat heeft lange tijd de bijnaam De Baan gehad. Deze naam is echter nooit officieel toegekend, ondanks dat in de raadsvergadering van 1 maart 1954 een voorstel hiertoe is gedaan. De huisnummering van dit straatje loopt mee met die van de Noordstraat. De naam verwijst naar de lijnbaan, die tot in de jaren ’30 van de 19e eeuw hier gevestigd was.

Bavolaan, Dirk

Raadsbesluit: 27 mei 1966

Dirk Bavenszoon, in Bodegraven beter bekend als Dirk Bavo, was de laatste graaf van het graafschap Bodelo (zie ook bij Bodelolaan). In het jaar 1010 werd Dirk Bavo graaf. Hij was leenman van de Utrechtse Bisschop. Nu was deze bisschop in oorlog met de graven van Holland. Toen Holland een tol invoerde bij de stad Dordrecht, gaf de bisschop aan zijn leenman opdracht om tegen Holland oorlog te gaan voeren. In het begin lukte dat Dirk Bavo aardig. Maar toen graaf Dirk III van Holland met een groot leger naar het graafschap Bodelo kwam, hield Dirk Bavo het niet meer vol. Hij sneuvelde in de strijd op 10 augustus 1016. Als laatste graafschap werd nu ook Bodelograve bij het graafschap Holland gevoegd.

Beatrixstraat, prinses

Raadsbesluit: 22 september 1952

Beatrix (geboren 31 januari 1938) is de oudste dochter van koninging Juliana en Prins Bernhard. In 1966 trouwde zij met Claus von Amsberg (geb. 1926). Beatrix en Claus kregen drie kinderen: Willem Alexander (geb. 1967, nu koning der Nederlanden), Johan Friso (geb. 1968) en Constantijn (geb. 1969). In 1980 volgde Beatrix haar moeder Juliana op als koningin der Nederlanden. Als eerbetoon aan haar moeder bleef de viering van koninginnedag lange tijd op 30 april plaatsvinden.

De straatnaam van de Prinses Beatrixstraat werd in 1952 toegekend. De naam werd gekozen om aan te sluiten bij andere straatnamen in de omgeving, die ook betrekking hebben op de leden van het koninklijk huis. Het korte stukje evenwijdig aan de spoorlijn heeft van 1952 tot 1954 nog de naam Prinses Beatrixstraat gehad. In 1954 werd dat gedeelte Spoorlaan genoemd (zie aldaar)

Beemdgras

Raadsbesluit: 28 november 1986

Beemdgras (Latijn: Poa) is eigenlijk een familienaam van grassoorten, waaronder het straatgras, knolbeemdgras, schaduwgras, veldbeemdgras en diverse andere beemdgrassoorten behoren. Het is een gras dat voorkomt in weilanden, maar ook wordt gebruikt voor gazons. Het groeit in bosjes en vermeerdert zich onder de grond. Dat vermeerderen gaat weliswaar gemakkelijk, maar duurt toch enkele jaren. Voor weilanden die maar kort voor beweiding worden gebruikt is het dus niet zo geschikt. Als gevolg van de ondergrondse uitlopers is het echter goed geschikt om er met graszoden een gazon van te maken. Het is een grassoort die goed tegen droogte kan.

Beiershof

Raadsbesluit: 4 augustus 1970

De naam Beieren kwam in de Nederlandse geschiedenis doordat Margaretha, dochter van de Hollandse graaf Willem III trouwde met keizer Lodewijk van Beieren. Toen in 1345 over de opvolging van graaf Willem III moest worden beslist, ging dat niet zonder slag of stoot. De vraag was of een zoon van Willem, ook Willem geheten, hem moest opvolgen of de genoemde Margaretha. Deze laatste regeerde van 1345 tot 1354, tot de macht toch bij graaf Willem IV kwam. De twisten in deze tijd staan ook wel bekend als de Hoekse en Kabeljauwse twisten. Een andere (wellicht meer bekende) erfgename uit het geslacht was Jacoba van Beieren. Zij moest als gravin van Holland, Zeeland en Henegouwen in 1428 haar macht afstaan aan hertog Filips van Bourgondië.

Bekenespad

Raadsbesluit: 31 oktober 1955

Halverwege de jaren '50 werden enkele straten aangelegd in Nieuwerbrug. Eén van deze straten werd genoemd naar het 120 ha grote deel van de polder Barwoutswaarder met de naam Bekenes, ook wel Bakenes genoemd. Er was ook nog sprake van om het pad de naam Zwartepad te noemen, omdat het in de volksmond ook wel zò werd aangeduid. Dit voorstel haalde het niet, net zomin als een voorstel om het geen pad maar straat te noemen.

Beneluxweg

Raadsbesluit: 4 augustus 1970

In 1830 was het koninkrijk der Nederlanden uiteengevallen en hadden Luxemburg en België zich afgescheiden. Maar halverwege de twintigste eeuw groeiden de landen toch weer naar elkaar toe, en werd er al samengewerkt. Kort na de oorlog werd deze samenwerking geformaliseerd in een op 1 januari 1948 in werking tredend verdrag. Hierbij kwam de Benelux tot stand. Het verdrag was al tijdens de Tweede Wereldoorlog gesloten. Het doel was om te komen tot afschaffing van de invoerrechten en andere douanerechten tussen de drie landen. In de naam komen de drie beginlettergrepen van BElgië, NEderland en LUXemburg tot uiting. De Benelux hoorde bij de zes landen die in 1957 samen de EEG oprichtten.

Bernhardstraat, prins

Raadsbesluit: 26 januari 1949

Bernhard von Lippe-Bisterfeld (geboren 29 juni 1911) trouwde in 1937 met Juliana, toen nog prinses, later koningin. Bernhard was van Duitse afkomst, maar werd kort voor zijn huwelijk tot Nederlander genaturaliseerd. Dat hij niet zijn (Nationaal Socialistisch) vaderland trouw bleef, maar het Nederlandse volk diende kwam sterk tot uiting in het feit dat hij in de Tweede Wereldoorlog aan geallieerde kant meevocht tegen het fascisme van zijn vaderland. Zijn houding in de oorlog heeft bij veel Nederlanders een positief effect gehad. Bernhard en Juliana kregen 4 kinderen (Beatrix, Irene, Margriet en Marijke).

Bij het toekennen van de straatnaam werd in 1949 eerst de naam Karel Doormanstraat voorgesteld. Maar omdat de omliggende straten ook namen van het koninklijk huis dragen, werd dit door de gemeenteraad gewijzigd in Prins Bernhardstraat. Het korte stukje evenwijdig aan de spoorlijn tussen de Prins Bernhardstraat en de Prinsenstraat heeft van 1949 tot 1954 nog de naam Prins Bernhardstraat gehad. In 1954 werd dat gedeelte Spoorlaan genoemd (zie aldaar).

Beursstraat

Raadsbesluit: 26 maart 1930

In verband met de Nieuwe Markt, die in 1925 werd aangelegd, was het noodzakelijk om een gebouw neer te zetten ter ondersteuning van de handel. In 1927 wordt er dan ook een stuk grond verkocht, waarop dit zogenaamde beursgebouw verrees. Als er dan enkele jaren later huizen worden gebouwd op het tot dan toe braakliggende terrein, wordt in 1930 besloten hieraan de naam Beursstraat te geven. Het beursgebouw is in 1968 gesloopt.

Beukenhof

Raadsbesluit: 27 februari 1997

De beuk (Latijn: Fagus sylvatica) is een boom die vele mensen wel zullen kennen. Een beuk is vooral een hoge boom, wel tot 30 meter hoog, waarbij er dan tot de helft van deze hoogte alleen een stam is, zonder zijtakken. De kroon is sterk vertakt. De eivormige bladeren zitten in rijen aan de takken, aan de onderkant zijdeachtig behaard. In het najaar worden de beukenbladeren roodbruin en zorgen dan voor mooie herfstkleuren in het bos. De beuk is vooral bekend door de beukennootjes die in het najaar veel op de grond gevonden worden. Het roodachtige hout van de beukenboom wordt veel gebruikt voor meubels. Het beukenhout is vooral te herkennen aan de kleine donkere streepjes.

Binnenweg

Raadsbesluit: 27 mei 1966

In 1966, bij de invulling van het bedrijventerrein in de Dronenwijk bleek, dat er nog een straat extra nodig was, naast de in 1961 benoemde straten. Ingegeven door de naam Binnendijk, een historische dijk die de scheiding vormde tussen de polders Zuidzijde en Reeuwijk, ongeveer gelegen op dezelfde plaats als de nieuwe straat, koos men voor de naam Binnenweg.

Bleek, de

Raadsbesluit: 20 november 1997

Tegenwoordig kennen we geen huishouden meer zonder wasmachine, wasdroger en dergelijke. Maar vroeger moest de was met de hand worden gedaan. Ook waspoeders met bleekmiddelen waren onbekend. Vooral voor de witte was zou dat een probleem zijn. Door het gebruik en de kwaliteit van de stof zou het witgoed namelijk snel gaan verbleken. Om het witgoed toch wit te laten blijven werd het daarom op een droge dag neergelegd op een speciaal grasveld, de bleek, om de zon zijn blekende werking te laten doen.

Boterbloem

Raadsbesluit: 11 februari 2010

De boterbloem (Ranunculus) is een bekende meerjarige weideplant met gele bloemen. Het is deel van de Ranonkelfamilie. Ze groeit met name op stikstofrijke, vochtige gronden, zoals weilanden. De boterbloem is giftig (ook voor het vee), maar omdat ze nogal stinken, laat het vee de boterbloem ongemoeid in het weiland.

Bodelolaan

Raadsbesluit: 27 mei 1966

Voordat de Bodelolaan zijn uiteindelijke naam kreeg, zijn er nogal wat andere namen de revue gepasseerd. In eerste instantie werden namen voorgesteld zoals Oranjestraat, Verlengde Oranjestraat of Oranjestraat Oost. Daarnaast kwam B&W ook met een voorstel voor de naam Rhijnluststraat. Rhijnlust was een voormalige buitenplaats met monumentaal buitenhuis, gelegen op het punt waar de huidige Bodelolaan op de Noordstraat uitkomt. Ook dit voorstel kon in de ogen van de gemeenteraad geen genade vinden. De aankoop van de voormalige buitenplaats Rhijnlust ging immers gepaard met gerechtelijke procedures, reden om deze naam voortaan maar te boycotten. Met een voorstel van raadslid Van Doorn om de naam Bodelostraat of Bodelolaan te noemen ging de gemeenteraad uiteindelijk akkoord.

Maar wie of wat was Bodelo nou eigenlijk? Bodelo is de oudste vermelding van een graafschap, dat in onze omgeving heeft gelegen. Op een kaart uit 839 worden 12 graafschappen genoemd, waaronder Bodelograve. In die tijd was het graafschap Bodelo belangrijker dan het graafschap Holland; bij dat laatste moest zelfs vermeld worden, dat het was gelegen in de omgeving van Bodelo, een teken dat Bodelo bekender was dan Holland. Ook later, als in het jaar 1010 Dirk Bavo graaf is, is er nog steeds sprake van een graafschap Bodelo, ook wel Bodeloden Grave (zie bij Dirk Bavolaan).

Boerderijweg

Raadsbesluit: 26 januari 1995

Vanaf het bedrijfsterrein De Groote Wetering werd in het kader van de landinrichting halverwege de jaren ’90 een nieuwe weg aangelegd, evenwijdig aan de Rijn, spoorlijn en snelweg naar enkele nieuw gebouwde boerderijen. Naar aanleiding van deze nieuwe boerderijen kreeg de weg de naam Boerderijweg.

Bodelohof

Raadsbesluit: okt. 2007

Halverwege het eerste decennium van de 21e eeuw werd het bedrijf Andrelon opgeheven. Op het bedrijventerrein werd nieuwbouw gepleegd. Eén van de nieuw ontstane straaten op het terrein loopt evenwijdig aan de Bodelolaan. Omdat doornummering van de huisnummers in de reeks van de Bodelolaan niet mogelijk was, heeft de gemeente gekozen de naam Bodelohof toe te kennen aan deze nieuwe straat. Voor de betekenis van de naam Bodelo, zie Bodelolaan.

Boomgaard

Raadsbesluit: 20 november 1997

De Rijnstreek rondom Bodegraven is niet een typisch fruitboomgebied zoals de Betuwe. Toch waren er boeren die naast het melkvee ook fruitbomen plantten. Gezien de schaalgrootte werd dit fruit in onze omgeving alleen gekweekt voor eigen gebruik. De boomgaard stond meestal op een afgescheiden perceel grond naast of vlak achter de boerderij.

Boesemsingel

Raadsbesluit: 4 augustus 1970, 27 november 1984

Het grootste gedeelte van de nieuwe wijk was gelegen in de polder Zuidzijde, die vroeger was verbonden met de Boezempolder, in oude schrijfwijze ook Boesempolder. De Boesemsingel was in eerste instantie gepland vanaf de Goudseweg. De kruising van de Goudsevaart en Emmakade is er echter nooit van gekomen. De naam Boesem (of in de tegenwoordige schrijfwijze Boezem) heeft betrekking op boezemwater, een stelsel van watergangen dat gebruikt wordt voor waterberging, meestal hoger gelegen dan het polderpeil, maar lager dan het peil van het water waar uiteindelijk de afvoer plaatsvindt.

Toen in 1984 het appartementencomplex op de hoek van de Boesemsingel werd gebouwd, kwam men in moeilijkheden met de huisnummering op de Grutto. De nummering van de al bestaande huizen van de Grutto ten zuiden van de Boesemsingel begon immers met nummer 1. Verdergaande nummering bij het nieuwe complex was dus niet mogelijk. Om deze reden besloot de raad op 27 november om het noordelijke gedeelte van de Grutto te hernoemen in Boesemsingel. Van deze laatste straat was er immers geen probleem met de nummering, omdat er sprake was van hogere huisnummers, waaraan aansluitend kon worden genummerd.

Botter

Raadsbesluit: ca.2007

Naam van een soort schip.

Bourgondischelaan

Raadsbesluit: 4 augustus 1970

Vanaf omstreeks 1400 ontwikkelde zich een nieuwe machtsfactor in Europa: Bourgondië. Zij eist haar plaats op tussen het Franse koninkrijk en het Duitse rijk. Het eigenlijke Bourgondië was en is gelegen in het noorden van Frankrijk. De Bourgondiërs kwamen echter ook in de Nederlanden aan de macht, omdat Filips van Bourgondië (Filips de Stoute), door zijn huwelijk, het graafschap Vlaanderen verwierf. Later werden ook Holland, Zeeland en Henegouwen verkregen, toen Jacoba van Beieren in 1428 haar gebied moest afstaan aan hertog Filips van Bourgondië. De macht van de Bourgondiërs bleef tot 1477 groot, toen Maria aan de Staten Generaal het zogenaamde "Groot Privilege" moest verlenen, dat haar gezag aanzienlijk beknotte.

In het rijtje van 4 historische namen heeft alleen de Bourgondischelaan de uitgang 'laan'. Dit is geen toeval. Naast drie hofjes was de Bourgondischelaan in eerste instantie gedacht als afsluiting van de wijk Broekvelden, waarbij deze straat als ontsluitingsweg verder zou lopen over de spoorlijn en de Oude Rijn heen naar de Noordzijde. Een vroege vorm van een derde Rijnbrug dus.

Bouwsteeg

Raadsbesluit: ??

De Bouwsteeg wordt weliswaar behandeld in het rijtje van zijstraten van de Kerkstraat, maar is in tegenstelling tot de andere zijstraten van oude datum. Al in 1670 wordt de straat genoemd. Van oudsher bestond deze steeg als ontsluiting vanuit de Kerkstraat naar de achter de huizen gelegen landbouwgronden, later weidegebieden. De naam landbouw en landbouwer kwam op deze manier terug in de naam. De steeg kreeg op grond van deze functie in de volksmond zijn naam. Of deze naam later ook officieel is toegekend is niet bekend.

Brasem

Raadsbesluit: 13 december 1983

De brasem (Latijn: Abramis brama) is een vis die soms weleens wordt verward met de Kolblei. Aan de kleur is de brasem echter goed te herkennen. De brasem is bovenop de rug donkerblauw tot zwart. Meer naar de buik toe gaat dat over via grijs naar witgeel op de buik. Een kenmerk waaraan men de brasem goed kan herkennen is de uitstulpende mond, waarmee hij zijn voedsel van de bodem af kan scheppen. De brasem wordt 35 tot 45 cm lang. Doordat de brasem met zijn mond over de bodem naar voedsel zoekt en zo een modderbodem omwoelt, heeft de brasem een negatief effect op de helderheid van het water.

Bree, de

Raadsbesluit: 3 september 1964

De naam Bree is een oostnederlandse oude benaming voor akker (Bride, Brida). Het duidt op ontginning door Oostnederlandse arbeiders. De naam is vanouds toegekend aan de polder de Bree, gelegen ten noorden van de weg tussen Nieuwerbrug en Woerden. De straat tussen Nieuwerbrug en Woerden heette al heel lang officieus Rijksstraatweg. Op 26 augustus 1955 werd deze naam door de toenmalige gemeente Rietveld geformaliseerd. Bij de gemeentelijke herindeling in 1964 werd de weg verdeeld tussen de gemeente Woerden en de gemeente Bodegraven. In Woerden werd het wegvak Rietveld genoemd. Na een eerste gedachte om het Bodegraafse gedeelte ook zo te noemen, of om de straat de Breestraat te noemen, werd uiteindelijk aangesloten bij de naam van de polder waarin deze straat is gelegen.

Broekveldselaan

Raadsbesluit: 4 augustus 1970, 13 maart 1973

De naam broekvelden betekent "natte, drassige gebieden". Gebieden werden drassig, omdat er onvoldoende afwateringsmogelijkheden waren. In de tijd toen er nog geen molens waren, gebeurde de afwatering via natuurlijke weg, via de Oud Bodegrave of direct naar de Oude Rijn. Net ten zuiden van Bodegraven ontstond zo een drassig gebied, de latere polder Broekvelden en Vettenbroek, waarin thans het recreatiegebied De Reeuwijkse Hout is gelegen.

Over het geven van de naam Broekvelden aan een straat is nogal wat te doen geweest. Al in 1961 wordt de naam genoemd in de Dronenwijk. Later werd dat de Statenlaan. In 1970 zien we de naam verschijnen in de wijk ten oosten van de Goudseweg. Naast de naam voor de gehele wijk, krijgt de rondweg om de in 1970 geplande wijk dezelfde naam. De straat Broekvelden loopt dan vanaf de Goudseweg eerst in oostelijke richting en verder met een bocht in noordelijke richting via wat nu de Grutto, Goudplevier en Indoorweg heet tot bij de Cortenhoeve. Al in 1973 is er sprake van uitbreiding van de wijk Broekvelden. Men acht het dan beter, om de nieuwe rondweg, om de hele wijk heen, de naam Broekveldselaan te geven. Het stuk in noord-zuid richting krijgt dan een andere naam. De derde Rijnbrug die in 1997 in het verlengde van de Broekveldselaan komt te liggen krijgt dan de van deze straatnaam afgeleide naam Broekvelderbrug.

Brugstraat

Raadsbesluit: 27 februari 1893

Al in het jaar 1360 was er in Bodegraven sprake van een brug over, en een sluis in de Oude Rijn. De straat in het verlengde van deze brug kreeg uiteraard in het spraakgebruik de naam Brugstraat. In 1893 werd deze naam officieel gemaakt.

Bruntstraat, Burg.

Raadsbesluit: 29 december 1939

Pieter Jonker Brunt was steenfabrikant in Rietveld (gelegen tussen Nieuwerbrug en Woerden). Van 1909 tot 1919 maakte hij deel uit van de gemeenteraad in Rietveld, waarvan de laatste twee jaren als wethouder. Vanaf 1919 tot eind 1939 was hij burgemeester van Barwoutswaarder, Waarder en Rietveld. Hij was overigens niet alleen actief in de gemeentepolitiek. Van 1908 tot 1935 was hij lid van de Provinciale Staten van Zuid-Holland voor de CHU. In 1933 werd hij benoemd tot ridder in de orde van Oranje Nassau. Op 7 september 1953 overleed hij. De naam Burgemeester Bruntstraat is als eerbetoon aan burgemeester Brunt tijdens de laatste raadsvergadering, die hij voorzat, toegekend aan de straat.

Bruggemeesterstraat

Raadsbesluit: 3 september 1964

Al in de eerste helft van de 16e eeuw was er in Nieuwerbrug sprake van een brug. Het betrof een vaste, stenen brug. Deze werd en wordt beheerd door een college van bruggemeesters (let op de letter R in het woord). De brug was echter te smal, zowel voor de scheepvaart als voor het wegverkeer (karren). Op 26 mei 1651 kreeg het college van Bruggemeesters toestemming van de staten van Holland om een nieuwe brug te maken. Alle bewoners moesten meebetalen. In verband met het onderhoud mocht tol worden geheven; ieder die niet in Nieuwerbrug woont moest toen, en ook nu nog, tol betalen.

De straat, zowel aan de noordkant als aan de zuidkant van de brug heette vroeger officieel Weijland (ja, inderdaad, een verlenging van de straat die langs de noordkant van de Oude Rijn loopt, met een bocht verder in zuidelijke richting). In het spraakgebruik werd de straat meestal Brugstraat genoemd. Toen bij de gemeentelijke herindeling ook de rest van Nieuwerbrug bij de gemeente Bodegraven werd gevoegd, moesten diverse straten van naam worden veranderd. De naam Brugstraat kon niet, omdat deze naam ook in het dorp Bodegraven voorkomt. Uit diverse voorgestelde namen, zoals Dorpsstraat en Dorpsweg koos de gemeenteraad uiteindelijk voor de door B&W voorgestelde naam Bruggemeesterstraat.

Buitenkerk

Raadsbesluit: ??

Het verlengde van de Kerkstraat buiten het dorp had van oudsher de naam Buitenkerk. Bij huisnummer 61 lag ook de hoeve met de naam Buitenkerk. Welke naam eerder bestond, die van de boerderij of die van de straat is niet bekend. Het stukje tussen de Kerkstraat en Buitenkerk heeft ook nog officieus de naam Westeind gehad. En het laatste stuk, tegen Zwammerdam aan, had aan het begin van deze eeuw in de volksmond de naam Schoordijk.

Cortenhoeve

Raadsbesluit: 4 augustus 1970

De naam Cortenhoeve is één van de zeer oude namen in ons dorp. De naam is reeds ontstaan tijdens de eerste ontginningen van de moerassen, in de dertiende eeuw. Deze ontginningen vonden plaats vanaf begaanbare wegen of dijken. Aan de ene kant was dat de Oude Rijn, aan de andere kant het riviertje de Oude Bodegrave. In het westelijk deel raakten de ontginningen elkaar, maar meer naar het oosten, onder de gemeente Lange Ruige Weide, waar de Oude Bodegraven wat naar het zuiden afbuigt, bleef een stuk grond over. Hierop werden ook boerderijen gebouwd, maar rond deze boerderijen (Hoeve) kon slechts een stuk grond met een korte (Cort) lengte worden ontgonnen; in oude schrijfwijde dus een Cortenhoeve.

Crolesbrug, burg.

Raadsbesluit: n.v.t.

Jelle Jelles Croles werd geboren op 9 november 1908 in Leeuwarden. Op 16 april 1946 volgde hij burgemeester van Dobben de Bruyn op in Bodegraven (of beter gezegd, hij volgde burg. Vonk op die in 1944 onder tragische omstandigheden om het leven was gebracht). Mr.J.J.Croles was burgemeester tot 1 december 1973. Hij was betrokken bij de groei van Bodegraven naar een grote forensenplaats. Hij heeft zich ook ingezet voor de aanleg van een omleidingskanaal om Bodegraven heen (een plan dat uiteindelijk niet is doorgegaan) en voor plannen om de Rijn voor grotere schepen geschikt te maken. In 1967, toen deze plannen even in de ijskast stonden, werd een nieuwe noordelijke ringweg om het dorp aangelegd en moest er over de Oude Rijn een brug komen. Gezien de eventuele plannen voor grotere schepen van 1000 ton is er meteen maar een grote brug gebouwd, zodanig, dat deze in de toekomst voor deze schepen geschikt zou zijn. De brug is op 19 december 1972 voor verkeer in gebruik genomen en in januari 1973 definitief opgeleverd. Gezien de inzet van burgemeester Croles werd de nieuwe brug vernoemd naar hem. Jelle Croles is overleden in 1991 in Nijkerk.

Crolesplein, burg.

Raadsbesluit: 9 juni 2000

In het voorjaar van 2000 werd het kruispunt van de Burg.Kremerweg met het Oranjeplantsoen vervangen door een rotonde. Omdat de brug, in het verlengde van de Burg. Kremerweg al jarenlang de naam Burg. Crolesbrug had, werd aansluitend aan deze naamgeving de nieuwe rotonde Burg. Crolesplein genoemd.

Dammekade

Raadsbesluit: 24 november 1966

De naam Dammekade is pas in 1966 gegeven aan de weg die liep langs de gelijknamige kade van de Binnenpolder of Dampolder. Deze kade lag tot 1964 op het grondgebied van Zwammerdam. De Dammekade loopt vanaf de Warmoeskade naar het Voshol. Na de gemeentelijke herindeling in 1964 is er bij de naamgeving ook nog gedacht aan Wonnedwarsweg of Wonneweg (naar de erlangs lopende Wonnewetering), maar omdat de kade waarlangs de weg liep al veel langer de naam Dammekade had, is toch bij deze oude naam aangesloten. Damme is daarbij een deel van het woord Zwammerdam.

Dammekant

Raadsbesluit: 3 september 1964

Het dorp Zwammerdam heeft in het spraakgebruik de naam Damme. De straat er naar toe werd van oudsher Dammekant genoemd, alhoewel deze straat officieel Rijksstraatweg heette. Dammekant is afgeleid van kant, richting van Zwammerdam, gezien vanuit Bodegraven. Bij de gemeentelijke herindeling van 1964 kwam de straat in de gemeente Bodegraven te liggen. Aangezien er in die tijd in Nieuwerbrug ook een Rijksstraatweg was gelegen (de latere straat De Bree), moest er een nieuwe naam komen. Het gemeentebestuur koos daarbij de naam Dammekant omdat deze naam al in de praktijk werd gebruikt. Andere namen die ter sprake kwamen waren Zwammerdamse straatweg of Dammebuurt.

Deel, de

Raadsbesluit: 20 november 1997

In de stallen van een boerderij is naast stallingsruimte voor het vee en bergruimte voor het voer ook ruimte nodig om te werken. Bij de veeteeltboerderijen, zoals rondom Bodegraven, is ruimte nodig om het vee te voeren. In tegenstelling tot de Friese boerderij, waar het vee met de kop naar de muur staat, wordt het vee bij ons opgesteld met de kop naar een centrale ruimte. Centraal in de stal was een werkruimte, de deel, ook wel voerdeel genoemd. De deel werd alleen gebruikt om het vee te voeren, ze werd niet voor de melkbereiding gebruikt. In verband met de hygiëne is daarvoor een aparte ruimte nodig, die meestal gevonden werd tussen het woonhuis en de stal.

Denemarkenweg

Raadsbesluit: 13 april 1993

Het koninkrijk Denemarken is het zuidelijkste van de Scandinavische landen. Een land met vele eilanden, waarbij ook de hoofdstad Kopenhagen op het meest oostelijke eiland is gelegen. Tot Denemarken behoren overigens ook de Faeröer eilanden en het veel noordeljker gelegen Groenland. De belangrijkste bron van bestaan is landbouw en veeteelt, met daarnaast ook visvangst en industrie. Denemarken trad pas in 1973 toe tot de EEG. Voor wat betref de invoering van de Europese munt speelt Denemarken geen vooraanstaande rol; bij de invoering op 1 januari 1999 van deze munt bleef Denemarken nog afzijdig; ook in september 2000 stemden de Denen tegen invoering van de Euro.

Dobben de Bruynstraat, burg.van

Raadsbesluit: 30 mei 1934, 26 oktober 1938, 28 juni 1957

Mr. Cornelis Simon van Dobben de Bruyn (geboren 28 oktober 1873 in Bodegraven), meester in de rechten, was eerst burgemeester van Hazerswoude. Na 17 jaar burgemeesterschap stapte hij over naar de tweede kamer der Staten-Generaal, waar hij vanaf 1917 tot 1924 kamerlid voor de ARP was. Vervolgens werd van Dobben de Bruyn op 18 oktober 1924 benoemd tot burgemeester van Bodegraven. Hij bleef hier tot 1 november 1938, toen hij werd opgevolgd door Gerrit Vonk. Van 1945 tot 1946 was hij weer waarnemend burgemeester. Van Dobben de Bruyn leidde het dorp in de tijd waarbij de Nieuwe (kaas)Markt werd aangelegd, een moeilijke tijd waarin de werkloosheid ook in Bodegraven toesloeg. Van Dobben de Bruyn overleed op 10 januari 1947 in Gouda.

In 1934 werd het eerste gedeelte van de straat aangelegd rondom een nieuw gegraven vijver. De gemeenteraad gaf aan deze straat de naam "Vijver". Vijf jaar later, bij het afscheid van burgemeester van Dobben de Bruyn op 26 oktober 1938 werd met algemene stemmen de straatnaam Vijver gewijzigd in Van Dobben de Bruynstraat. In 1957 werd ook aan het verlengde van de straat in westelijke richting dezelfde naam toegekend. De straat liep toen met een bocht verder naar de Buitenkerk. Van dat laatste stuk is in 1997 de naam veranderd in Burg. van de Veldestraat.

Doormastraat, Karel

Raadsbesluit: 29 oktober 1954

Karel Willem Frederik Marie Doorman (geboren te Utrecht op 23 april 1889) was zeeofficier. In zijn jonge jaren diende hij verschillende jaren in Nederlands Indië. In 1937 vertrok hij opnieuw naar Indië, waar hij in 1940 tot schout-bij-nacht werd bevorderd. Daarbij voerde hij het bevel over het vlooteskader in Nederlands Indië. In 1942, na het uitbreken van de oorlog met Japan werd Karel Doorman bevelvoerder over een gecombineerde vloot van Engeland, Nederland en Australië. In deze functie nam hij op 27 februari 1942 deel aan de slag in de Javazee. Zijn commando "All ships follow me" wordt vaak weergegeven als "Ik val aan: volg mij". Op die dag werd vrijwel de gehele vloot door de Japanners vernietigd. Ook Karel Doorman sneuvelde daarbij.

Doortocht

Raadsbesluit: 19 januari 1988

De naam Doortocht is afgeleid van de naam Overtocht (zie aldaar). Omdat de straat een verkorting (ofwel een doorsteek) in de weg betekende voor het verkeer vanaf de Overtocht naar de spoorwegovergang in de Oud Bodegraafseweg, werd de naam Doortocht gekozen.

Dronenhoek

Raadsbesluit: 27 mei 1966

Voor de naam Dronen, zie de inleiding van dit hoofdstuk.

Aan de noordkant van de Dronenwijk werd een gebied gepland met een kleinschalig bedrijfsterrein. In eerste instantie werd dit ontsloten door het verlengde van de Dronenweg. Deze Dronenweg liep aan de noordzijde vanaf de Oud Bodegraafseweg verder met een U-bocht weer terug naar de Oud Bodegraafseweg (waar nu het Jacob Vreekenplein is gelegen). Alhoewel deze weg (voor bouwverkeer) nog geen naam had, werd deze in de volksmond al Dronenweg genoemd. In 1965, toen naamgeving actueel werd, vond men echter de naamgeving Dronenweg niet zo goed; deze weg was immers al zo lang. Gedacht werd (behalve aan de naam Dronenhoek) ook nog aan namen zoals de Buitenweg (in relatie met de Binnenweg), of aan namen van geleerden (Edison, James Watt, Einstein, Lorentz, Marshall). Omdat de weg gelegen was in een driehoek tussen rijksweg, spoorlijn en Oud Bodegraafseweg, werd gekozen voor de naam Dronenhoek. De U-vorm van de weg is niet lang zo gebleven. Toen in 1967 het bedrijfsterrein invulling kreeg en de fabriek van Eminent (later opslagterrein van Blokker) zich er vestigde, werd het verloop van de straat veranderd in de doodlopende weg zoals we die nu kennen. Het meest oostelijk gelegen gedeelte kreeg enkele jaren later de naam Jacob Vreekenplein (zie aldaar).

Dronenplein

Raadsbesluit: 4 januari 1962

Voor de naam Dronen, zie de inleiding van dit hoofdstuk.

Het centraal in de wijk gelegen plein met de aangrenzende straat kreeg in 1962 de naam Dronenplein. Aan dit plein en straat is, naast een aantal huizen, ook een aantal utiliteitsgebouwen gevestigd, zoals een gymnastiekzaal en enkele scholen en kerken. Het eigenlijke plein is in gebruik als parkeerterrein. Naar de ernaast gelegen Salvatorkerk wordt dit plein in het spraakgebruik ook wel het Salvatorplein genoemd.

Dronenpark

Raadsbesluit: 4 januari 1962

Voor de naam Dronen, zie de inleiding van dit hoofdstuk.

Het Dronenpark is het gedeelte van de Dronenwijk, dat net ten zuiden van het Dronenplein en de Dronensingel is gelegen. Het betreft een gedeelte van de Dronenwijk buiten de 8 wijkdelen die met woningen bebouwd zouden gaan worden. Aan de binnenkant van het Dronenpark werd ruimte gelaten voor utiliteitsbouw zoals scholen en kerken, de buitenrand van het Dronenpark was onderdeel van enkele van de 8 wijkdelen met huizen.

Dronensingel

Raadsbesluit: 4 januari 1962

Voor de naam Dronen, zie de inleiding van dit hoofdstuk.

De Dronensingel is de straat die door de gehele Dronenwijk loopt, vanaf de Goudseweg tot de Oud Bodegraafseweg. Het betreft de straat die is gelegen naast de watergang die door de hele wijk heen loopt, vandaar de toevoeging -singel. Het gedeelte dat nu de naam Rijngaarde heeft, had van 1962 tot 1987 ook de naam Dronensingel.

Dronenweg

Raadsbesluit: 4 januari 1962

Voor de naam Dronen, zie de inleiding van dit hoofdstuk.

De Dronenweg verbindt de Oud Bodegraafseweg met de Dronensingel, en loopt langs de buitenkant van de Dronenwijk. De toevoeging -weg werd gekozen vanwege het feit dat de Dronenweg een ontsluitingsweg is vanaf de landelijke gelegen Oud Bodegraafseweg.

Duitslandweg

Raadsbesluit: 21 maart 1978

Duitsland is centraal in Europa gelegen, aan de oostgrens van Nederland. Met een oppervlakte van meer dan 356.000 vierkante kilometer is het het grootste land van Midden-Europa. Helaas heeft het land dat zoals bekend in het verleden herhaaldelijk tot uiting gebracht door ook andere landen te willen overheersen. Na de Tweede Wereldoorlog werd Duitsland in twee delen gesplitst, de Bondsrepubliek met een op het westen georiënteerde economie, en de DDR met een op Rusland gericht staatsbestel. In 1990 zijn beide delen weer herenigd. De bondsrepubliek Duitsland hoorde bij de zes landen die in 1957 betrokken waren bij de oprichting van de EEG.

Dunantweg, Henri

Raadsbesluit: 4 augustus 1970

Jean Henri Dunant leefde van 1828 tot 1910. Hij was bevorderaar van de verdragen van Genève waarin het oorlogsrecht wordt beschreven. Na de Krimoorlog, waarbij hij aanwezig was, schreef hij het boek "Herinneringen aan Solferino", waarin de verschikkelijke toestanden op het slagveld aldaar werden beschreven, en wat de aandacht van de hele wereld richtte op de afschuwelijke oorlogstoestanden. Na deze oorlog richtte hij het Internationale Rode Kruis op. In 1901 kreeg hij voor zijn werk de Nobelprijs voor de vrede.

Deze straatnaam was voorgedragen door het bestuur van het Rode Kruis voor naamgeving.

Eendrachtsweg

Raadsbesluit: 29 oktober 1954, 27 mei 1966

De naam Eendracht is uiteraard geen zeeheld. Toch hoort deze straat wel in dit rijtje wel thuis. De naam heeft een dubbele betekenis. Ten eerste was het de naam van het schip waarop Michiel de Ruyter voer. Ten tweede had het ook betrekking op de verzoening tussen Michiel de Ruyter en Cornelis Tromp (zie bij de beschrijving van beide straatnamen). In 1954 werd door de gemeenteraad besloten om de naam Eendrachtsweg toe te kennen. Twaalf jaar later kreeg ook het verlengde van de Eendrachtsweg tussen de Karel Doormanstraat en de Stadhouderslaan de naam Eendrachtsweg.

Eiber

Raadsbesluit: 13 maart 1973

De naam eiber is een andere naam voor ooievaar (Latijn: Ciconia ciconia). Een ooievaar is zeer bekend als het gaat om het spraakgebruik, zoals bij geboorten. Maar in het echt is de ooievaar sinds de jaren '50 in ons land een zeldzaamheid geworden. Een ooievaar is een grote vogel (tot één meter lang) met zwarte en witte veren en een rode snavel en poten. Hij voelt zich vooral thuis in moerasstreken, en nestelt dan graag hoog op gebouwen, bijvoorbeeld op een speciaal opgesteld wagenwiel op een hoge paal of schoorsteen. Met zijn snavel maakt hij een klepperend geluid. Hij draagt met ere de naam trekvogel; in de winter trekken de ooievaars helemaal vanuit ons land naar het zuiden van Afrika, hemelsbreed zo'n 10.000 kilometer.

Ekster

Raadsbesluit: 21 maart 1978

De ekster (Latijn: Pica pica) is een vogel die velen wel zullen kennen. Een vogel met twee kleuren, zwart en een klein beetje wit. Met name de lange staart maakt hem herkenbaar. Met een lengte van zo'n 45 cm is hij ook niet zo klein. De ekster is familie van de kraai. Hij bewoont open terrein met enkele bomen. Maar ook in het dorp of de stad is hij wel te vinden. Zijn roep is niet bepaald fraai te noemen. Met zijn rauwe kreet hoor je hem al van verre. Zijn gedrag is ook niet altijd even fraai, als hij eieren en soms zelfs weleens jonge vogeltjes uit andere nesten rooft.

Elzenhof

Raadsbesluit: 16 april 1969

Alhoewel de els (Latijn: Alnus glutinosa) een echte boom is, toont hij toch wel meer als een struik. Dat komt door het feit dat de els vaak met meerdere stammen uit de wortel omhoog schiet. De stam loopt tot bovenaan door, soms tot 25 meter hoog. De takken zitten dan horizontaal aan deze stam.Het blad is in het voorjaar nogal kleverig. Het is een boom die goed vocht verdraagt, reden dat hij vaak te zien is bij stromend water en diepe grond, zoals in uiterwaarden, moerassen en langs sloten. De els wordt in onze omgeving ook vaak aangeplant langs wegbermen.

Emmakade

Raadsbesluit: 17 februari 1893, 10 maart 1893

Adelheid Emma van Waldeck-Pyrmont (geboren 1858) was de tweede vrouw van koning Willem III; zij trouwden in 1879. Het leeftijdsverschil van Emma en Willem (geboren 1817) bedroeg maar liefst 41 jaar. Emma overleefde haar man dan ook met 44 jaren toen zij in 1934 stierf. Emma en Willem kregen samen één dochter (Wilhelmina). Na de dood van Willem III werd Emma regentes, omdat hun dochter Wilhelmina nog maar 10 jaar oud was, en dus te jong om het land te regeren. Deze situatie duurde tot 1898 toen Wilhelmina meerderjarig werd en dus oud genoeg moest zijn om het Koninkrijk der Nederlanden te regeren.

In 1893 kreeg de straat aan de oostkant van de Goudsevaart de naam Van Tolkade (zie daarvoor bij de Van Tolstraat). Maar een maand later kwam het gemeentebestuur al op de genomen beslissing terug. Door de wijziging van de Wilhelminastraat was een naam nodig voor het meest westelijk gelegen gedeelte van deze straat. Hiervoor werd de naam Van Tolstraat gekozen. Wat een maand lang de naam Van Tolkade had gehad, kreeg nu de naam Emmakade.

Endelkade

Raadsbesluit: 26 januari 1995

De nieuw aangelegde weg tussen de Dubbele Wiericke en de Weiweg loopt evenwijdig aan de kade die van oudsher al de naam Endelkade heeft. Een logisch gevolg was dus ook, dat aan de nieuwe weg de naam Endelkade gegeven zou worden. Endel is een oud woord voor eind. Het was de kade aan het einde van de polder Langeweide.

Engelandweg

Raadsbesluit: 21 maart 1978

De naam Engeland geeft vaak reden tot onduidelijkheid. Eigenlijk is de naam verkeerd, want we bedoelen meestal het Verenigd Koninkrijk, dat bestaat uit de landsdelen Engeland, Wales, Schotland en Noord-Ierland. Het klimaat kent veel neerslag; in Schotland soms wel meer dan 1500 mm per jaar, dat is meer dan dubbel zoveel als in Nederland. Engeland kende al vroeg veel industrie, een gevolg van de beschikbaarheid van zowel steenkool als ijzererts. De bevolking van Engeland is bekend om zijn flegmatieke houding. Engeland trad in 1973 toe tot de EEG, iets waar een groot deel van de Britten nog steeds moeite mee heeft. Dat blijkt trouwens ook wel bij de invoering van de europese munt, de Euro, waar het Verenigd Koninkrijk voorlopig buiten zal blijven.

Erasmushof

Raadsbesluit: 20 augustus 1991

Desiderius Erasmus leefde van 1469 tot 1536. Als één der grootste geleerden van zijn tijd wordt hij ook wel de "Prins der Humanisten" genoemd. Hij leefde in de Renaissancetijd, een periode van grote wijzigingen, gekarakteriseerd door de herziening van de meeste denkbeelden en de terugkeer tot de oude, meest Griekse, bronnen. Zijn bekendste werk heet "De Lof der Zotheid", waarin hij de spot drijft met de leidende klasse en de kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders.

Op de plaats waar nu de Erasmushof is gelegen, stond vroeger de openbare lagere school, toen nog gelegen aan de Kerkstraat. Naar de naam van deze school, de Erasmusschool, werd in 1991 de naam Erasmushof toegekend aan de nieuw aangelegde straat.

Europaweg

Raadsbesluit: 4 augustus 1970

Naast de Benelux ontstond er na de Tweede Wereldoorlog een streven tot samenwerking. Met name gold dit op het gebied van de kolen- en staalindustrieën. Door de onderlinge concurrentie uit te schakelen en samen te werken werd getracht de kans op een nieuwe oorlog te verminderen. In 1951 werd door zes Europese landen (Nederland, België, Luxemburg, Frankrijk, West-Duitsland en Italië) een verdrag getekend, dat moest leiden tot de oprichting van de EGKS (Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal). Later kwamen daar ook de EEG (Europese Economische Gemeenschap) en Euratom (Europese Gemeenschap voor Atoomenergie) bij. Het EEG-verdrag trad officieel in werking op 1 januari 1958. Al deze op Europa gerichte organen gingen in 1967 op in een te stichten Europese Gemeenschap (EG). De EEG is later nog uitgebreid met andere landen, zodat het aantal landen van de eerste zes nu uitgebreid is tot 15 landen. Op dit moment (2000) wordt er gewerkt aan een Europese munt, en zijn er nog andere landen die willen toetreden tot de EG.

Evertsenstraat, Jan

Raadsbesluit: 29 maart 1960, 26 oktober 1962

De naam Evertsen hoort thuis bij een heel geslacht van vlootvoogden. Stamvader was Evert Hendrikszoon, afkomstig uit Zoutelande in Zeeland. Hij was vlootvoogd in Vlissingen tussen 1572 en 1601. Naar zijn voornaam Evert werd een aantal van zijn kinderen en kleinkinderen genoemd. Jan Evertsen was er één van. Hij is geboren in 1600 in Vlissingen, werd in 1622 kapitein en in 1628 Schout bij nacht. Hij nam deel aan diverse zeeslagen, waaronder diverse in de eerste Engels-Nederlandse oorlog (1652-1654). In 1664 werd Johan benoemd tot luitenant-admiraal, maar na een rampzalige zeeslag in de tweede Engels-Nederlandse oorlog (1665-1667) bij Lowestoft werd hem plichtsverzuim verweten, waarna hij tijdelijk aan land moest dienen. Op 66-jarige leeftijd echter kon hij toch weer terugkeren aan boord van een schip als onderofficier. In de Tweedaagse Zeeslag in 1666 sneuvelde Johan aan boord van dat schip.

De straat die nu de naam Jan Evertsenstraat heet, heeft in het begin een andere naam gehad. In 1960, toen de straat samen met de Van Speijkstraat werd aangelegd kregen beide delen de naam Van Speijkstraat. Twee jaar later bedacht de gemeenteraad zich, en vond zij, dat het doodlopend stuk toch een andere naam moest krijgen. Dit werd in 1962, ondanks protesten van de bewoners, doorgevoerd.

Florisweg, Graaf

Raadsbesluit: 3 september 1964

Floris V wiens bijnaam "Der Keerlen God" was, leefde van 1254 tot 1296. Al vanaf 1256 was hij graaf van Holland, uiteraard alleen in naam; een oom, Floris de Voogd, heeft namens hem de eerste jaren het graafschap bestuurd. Hij slaagde er in Friesland onder zijn macht te brengen. In 1296 werd hij gevangen gezet op het Muiderslot, en uiteindelijk vermoord.

Tot 1964 (gemeentelijke herindeling) had de straat de naam Stationsweg. Deze naam werd door de toenmalige gemeente Waarder (waarin deze straat was gelegen) al veel eerder toegekend. Van 1878 tot 1934 kende Nieuwerbrug een echt station (nou ja, meer een kleine halte) met de naam Waarder. De straat liep vanaf de Dubbele Wiericke in de richting van dat station en kreeg dus de naam Stationsweg. In 1964, bij de herindeling moest de straatnaam veranderen, omdat er ook in het dorp Bodegraven al een Stationsweg bestond.

Franciscushof

Raadsbesluit:

Franciscus, die leefde van 1181 tot 1226, was een zoon van een rijke koopman in Assisi. Eerst zou hij zijn vader opvolgen in de handel. Maar na een ernstige ziekte in het jaar 1205, waarbij hij in een droom de roep van God zag om Hem te dienen, koos hij ervoor om voor de zieken te gaan zorgen. Daarbij deed hij afstand van alle rechten op de erfenis van zijn vader. Een aantal jaren later werd hij rondtrekkend prediker, waarbij hij nadruk legde op de eenvoud en de armoede. Hij schreef daarbij een gedetailleerde leefregel die ieder die hem navolgde ook zou moeten naleven. Franciscus was zelf niet van plan om een orde te stichten, maar naarmate steeds meer mensen hem navolgden ontstond er vanzelf een kloosterorde, die tot op de dag van vandaag bestaat.

In Bodegraven was er lange tijd een pensionaat van de Franciscanessen, gelegen aan de Overtocht. De huidige Zustertuin is nog een restant van de tuin die bij het pensionaat hoorde. Toen het gebouw in de jaren ’70 was gesloopt, werden er 45 premie-huurwoningen gebouwd. Hieraan werd in 1986 een nieuwe straatnaam toegekend, de Franciscushof.

Fluitekruid

Raadsbesluit: 15 september 1977

Fluitekruid (Latijn: Anthriscus silvestris) hoort tot de familie van de schermbloemen en is verwant aan het geslacht van de kervel. De bloemen zijn wit of rozerood met losse stampers en groeien in groepen bij elkaar. Het bloeit in mei tot augustus, en kan daarbij wel tot anderhalve meter hoog worden. Het fluitekruid groeit in weiden, in de berm, langs dijken en rivieren, en dan graag in de schaduw van vruchtbomen. Fluitekruid hoort tot de meest voorkomende schermbloemen van Midden-Europa, en wordt voornamelijk door vliegen en kevers bestoven.

Frankrijkweg

Raadsbesluit: 21 maart 1978

Frankrijk is voor Nederland vakantieland nummer één. Dat is ook niet zo gek, want het land heeft een rijke variëteit aan landschappen. Maar naast het toerisme heeft Frankrijk ook veel andere zaken te bieden. De economie is na de Tweede Wereldoorlog, mede door de Marshallhulp uit Amerika in een versnelling gekomen, waardoor het land van een overwegend agrarische economie nu een veel meer gemengde economie kent. Toch is de landbouw nog steed belangrijk met de verbouw van granen en aardappelen. Ook de wijnbouw is over de hele wereld beroemd. De sterk op Frankrijk gerichte houding van vele Fransen komt vooral tot uiting in een poging tot verfransing van de wereldtaal en een onafhankelijke opstelling in vele Europese zaken. Frankrijk is sinds de oprichting van de EEG in 1957 lid van de EEG.

Gloeiende Spijker

Raadsbesluit: 10 oktober 1955

Ten oosten van het dorp Nieuwerbrug heeft aan de noordkant van de Rijn lange tijd een molen gestaan, waarschijnlijk een korenmolen. De molen zal wel van hout zijn geweest, en op een bepaalde dag in 1865 vloog deze in brand. De restanten van de molen bleven nog lange tijd nagloeien, waarbij het geheel als een spijker zo recht midden in het landschap stond. De bijnaam "gloeiende spijker" bleef lange tijd in de volksmond bekend. Het café dat er nu staat is ernaar genoemd. In 1955 besloot de gemeenteraad van Rietveld deze naam officieel te maken. Na de gemeentelijke herindeling van 1964 behield de straat haar naam.

Goebelstraat, Hendrik

Raadsbesluit: 29 oktober 1954

Hendrik Goebel (geboren 26 september 1844 in Aarlanderveen) heeft zeer veel voor het dorp betekend. Hij was kaashandelaar en medeoprichter van de kaasmarkt. Goebel heeft ook veel gedaan voor de bekendmaking van de Bodegraafse kaasmarkt in het buitenland. Hij legde kontakten met vele Duitse kaashandelaren en zorgde ook dat de kaasexport, en met name die naar Duitsland, een grote vlucht nam.

Goudseweg

Raadsbesluit: 17 februari 1893, 30 augustus 1924, 3 september 1964

In 1893 besloot het gemeentebestuur om de tolweg richting Gouda officieel de naam Goudsestraatweg te geven, een naam die deze straat al in de volksmond had sinds de stichting ervan. Toen op 30 augustus 1924 burgemeester Le Coultre afscheid nam werd door de gemeenteraad besloten om het gedeelte van de Goudsestraatweg tussen de Wilhelminastraat en de spoorlijn te vernoemen naar de burgemeester (zie verder bij Burg.Le Coultrestraat). Op 3 september 1964 werd de in de praktijk al gebruikte kortere naam Goudseweg officieel toegekend. In 1990 is nog een kort stukje van de weg dat tot die tijd bij de gemeente Reeuwijk hoorde aan de weg toegevoegd, het kreeg uiteraard dezelfde naam.

Goudplevier

Raadsbesluit: 9 december 1975

In de familie van de steltlopers zijn diverse soorten plevieren te vinden. Naast de bontbekplevier, kleine plevier, strandplevier, zilverplevier is er de goudplevier (Latijn: Pluvialis apricaria). Deze laatste komt het meest voor in streken zoals rondom Bodegraven, namelijk in moerassen en daarnaast op moerassige heidegebieden. In de zomer is de goudplevier meestal in noordelijker landen te vinden, in de winter is hij ook in Nederland te zien. De goudplevier is iets groter dan de Lijster (ca. 30 cm).

De straatnaam goudplevier is anders, dan door B&W in eerste instantie was voorgesteld. Zij noemden in eerste instatie de naam plevier, dus de soortnaam van de vogel in plaats van de specifieke vogel.

Gravenhof, 's

Raadsbesluit: 12 januari 1988

In 1987 werden er aan de Hoge Rijndijk 21 nieuwe woningen gebouwd. Dit gebeurde op de plaats waar voorheen een boerderij stond waarvan Westeneng eigenaar was. In eerste instantie werd gedacht aan voortzetting van de naam Westeneng als straatnaam van de nieuw aan te leggen straat. Maar het college van B&W stelde uiteindelijk toch een andere naam voor, zoals het vernoemen van de voormalige burgemeester Kok. Ook deze naam strandde. Aansluitend bij de in Nieuwerbrug al bestaande namen van Hollandse graven werd vervolgens de naam ’s Gravenhof voorgesteld, welke uiteindelijk door de gemeenteraad werd goedgekeurd.

Griekenlandweg

Raadsbesluit: 13 april 1993

De republiek Griekenland is het meest oostelijk gelegen deel van de EEG. Het landschap wordt voornamelijk bepaald door gebergten, op vele plaatsen omgeven door de zee. Deze zee dringt op vele plaatsen erg diep het land binnen, zodat iedere Griek zonder te liegen kan zeggen, dat hij minder dan 100 km van de zee af woont. De economie van Griekenland is pas in de tweede helft van deze eeuw goed op gang gekomen. Tot die tijd leefde het land voornamelijk van de weinige landbouw die er was. Een groot deel van de bevolking woont in steden zoals Athene en Thessaloniki. In 1981 werd Griekenland lid van de EEG.

Grondel

Raadsbesluit: 13 december 1983

Een grondel (Latijn: Cyprinus Gobio) wordt ook wel grundje genoemd. Het verkleinwoord is niet zo gek, want deze vis wordt maar zo'n 20 cm lang. De bovenkant is blauwachtig groen, de zijkanten blauw met zwarte spikkels. Hij komt voor in rivieren en meren in heel Europa tot in Zuid-Scandinavië. Hij voelt zich vooral op zijn plaats in die wateren waar de grond bedekt is met grind of zand en waar een paar struiken of stenen in het water aanwezig zijn. Hij eet weke plantendelen, wormen en het vlees van dode, rottende dieren.

Groene Ree

Raadsbesluit: 18 september 1979

Ree betekent Scheidingssloot. Het woord is afkomstig uit het Oudfrans, Raie of Roie. Bij de ontginningen van het veenlandschap werden sloten gegraven die loodrecht op een hoofdwatergang stonden, zoals de rivieren de Oude Rijn of de Oude Bodegraven. De groene ree is dan het gebied liggend bij zo’n scheidingssloot. Vergelijk de naam ook met de naam van de plaats Reeuwijk.

Gruttoplein

Raadsbesluit: ? (ca. 2000)

Rond het jaar 2000 werd de kruising van de Broekveldselaan met de Grutto vervangen door een rotonde. Even later bleek er op de rotonde een naambordje te zijn aangebracht met de tekst "Gruttoplein". Of de gemeenteraad er een besluit over heeft genomen is mij niet bekend; er heeft geen publicatie in de krant gestaan. De naam is uiteraard gekozen in relatie met de aansluitende straat "Grutto".

Grutto

Raadsbesluit: 13 maart 1973, 27 november 1984

De grutto (Latijn: Limosa limosa) valt met zijn lange snavel direct op. Ook de lange poten kan men goed zien, omdat de grutto deze tijdens de vlucht lang achter zijn staart laat uitsteken. De kleur van de grutto is bruin in de hals, wit met bruine spikkels op de buik, een donkere rug en een bijna zwarte staart. De grutto is een typisch Nederlandse vogel; zo'n 80 procent van alle grutto's in Europa broedt in Nederland. Hij zoekt met zijn lange snavel en zijn goede ogen wormen uit het weidegebied om te eten.Het aantal grutto's is de laatste jaren sterk achteruit gegaan. De straat bestaat al langer. Vanaf 1970 had de straat de naam Broekveldselaan. In 1984 besloot de raad om het meest noordelijke stukje te hernoemen in Boesemsingel (zie aldaar).

Gravenstein

Raadsbesluit: 4 januari 1962

De graaf kan worden beschouwd al één van de oudste bestuursambten die in Holland voorkwamen. Reeds voor de 10e eeuw waren er onder andere in Holland graven, die de macht uitoefenden. Deze macht strekte zich uit over een groter gebied dan wat we nu een gemeente noemen, maar hun macht bleef echter beperkt tot een bepaalde regio, dus niet over heel Holland. Vóór het jaar 1016 was Bodegraven ook een graafschap (zie daarvoor de Bodelolaan en de Dirk Bavolaan).

Groene Zoom

Raadsbesluit: 4 januari 1964

Het meest zuidelijk gedeelte van de Dronenwijk was als groene afsluiting van een verder bebouwd gebied gedacht. De straat aan de zuidkant van de wijk, waarlangs de sportvelden waren gepland, kreeg daarbij de naam Groene Zoom. Zoom betekent rand, de rand van het dorp dus.

Heemraadslaan

Raadsbesluit: 4 januari 1962

Het plaatselijk waterschapsbestuur bestond uit een polderschout (die meestal ook schout van het ambacht was) met twee of meer heemraden (ook wel kroosheemraden genoemd). Zij vormden het laagste bestuurscollege op waterschapsgebied. Een hoger liggend orgaan was het hoogheemraadschap, in Bodegraven waren dat het Groot-Waterschap van Woerden en het Hoogheemraadschap van Leiden. Deze colleges werden bestuurd door een dijkgraaf en een aantal hoogheemraden.

Henegouwerhof

Raadsbesluit: 4 augustus 1970

Eén van de graafschappen die ontstonden bij het uit elkaar vallen van het grote rijk van Karel de Grote was het graafschap Henegouwen. Het was gelegen in de zuidelijke Nederlanden in wat we nu België noemen. Het kwam in 1051 als gevolg van een huwelijk van de Vlaamse graaf Boudewijn VI bij Vlaanderen, en met enkele tussenpozen is het lang bij Vlaanderen gebleven. In 1300 trouwt Jan I van Henegouwen met Aleid, een tante van onze Hollandse graaf Floris V, zodat er ook een band ontstaat met ons graafschap Holland. In 1428 ontviel het graafschap aan Holland, toen Jacoba van Beieren het moest afstaan aan het machtige Bourgondië.

Heining en Damlaan

Raadsbesluit: 24 januari 1989

De boerderij Heining en Dam is nog te vinden aan de Noordzijde. De boerderij is ten opzichte van andere oude boerderijen niet zo heel oud (uit de 18e eeuw), maar het is een fraai voorbeeld van hoe een boerderij er ook al in de 16e en 17e eeuw uitzag. De naam ervan is een samenvoeging van Heining (hekwerk dat de boerderij van de weg afsloot) en de naam Dam (de dam in de sloot langs de weg, waarover het terrein betreden kan worden).

De boerderij Heining en Dam is in 1992 door de eigenaar volledig gerestaureerd. Omdat de restauratie van de boerderij zo fraai werd uitgevoerd, is de eigenaar hiervoor onderscheiden met de Hugo Kotensteinprijs.

Heinstraat, Piet

Raadsbesluit: 29 maart 1960

"Zijn daden benne groot, hij heeft gewonnen de zilvervloot", zo luidt het liedje over Piet Hein. Eén van de bekendste daden van Piet wordt op deze manier bezongen. Pieter Pieterszoon Heyn (de naam wordt zowel met een Y als met een I geschreven) werd geboren in 1577 te Delfshaven (Rotterdam). Hij voer eerst in dienst van de OostIndische Compagnie, om in 1623 als vice-admiraal in dienst te treden bij de WestIndische compagnie. In 1626 werd hij naar het Caraïbisch gebied gezonden om daar een Spaanse zilvervloot te veroveren. Deze overwinning lukte niet, maar twee jaar later mocht hij zijn poging herhalen, dit maal met goed resultaat; hij maakte 12 miljoen gulden buit, in die tijd een enorm bedrag. In 1629 werd hij aangesteld als luitenant-admiraal van Holland en West-Friesland aan het hoofd van de zeemacht. Tijdens een strijd tegen kapers uit Oostende sneuvelde Piet Hein in 1629.

Hendrikstraat, prins

Raadsbesluit: 12 augustus 1901

Heinrich van Mecklenburg-Schwerin (geboren 1876), in Nederland Hendrik genoemd, was de echtgenoot van koningin Wilhelmina. Duitser van geboorte, maar na zijn huwelijk met Wilhelmina tot Nederlander genaturaliseerd. Hendrik en Wilhelmina trouwden in 1901. Zij kregen in 1909 één dochter, de latere koningin Juliana. Prins Hendrik overleed in 1934 op de leeftijd van 58 jaar.

Hoefslag

Raadsbesluit: 24 januari 1989

Het aandeel waarvoor een inwoner van een polder (een ingeland) in het onderhoud van een dijk of weg wordt aangeslagen voor het onderhoud ervan. Dit aandeel werd berekend aan de hand van de oppervlakte land, die iemand in bezit had.

Hofstede

Raadsbesluit: 24 januari 1989

Een oude benaming voor een boerderij, bestaande uit een woongedeelte en een bedrijfsgedeelte. De boerderijen in onze omgeving stonden meestal langs de rivieren (de Oude Rijn, de Meije en de Oude Bodegrave), van waaruit in de dertiende eeuw de verkaveling plaatsvond.

Hoge Rijndijk

Raadsbesluit: 31 oktober 1955

Als gevolg van ontginningen ging de veengrond in onze omgeving inklinken, en kwam het land lager te liggen dan het waterpeil in de rivier. Zo laag, dat het nodig was om een dijk om de rivier te leggen. Dit gebeurde uiteraard aan beide zijden van de Rijn, zowel aan de noordkant als aan de zuidkant. Bij hoge waterstand in de rivier gebeurde het weleens dat de dijken overstroomden. Omdat rivierwater altijd eerst over de dijk stroomt aan die kant waar de dijk het laagst is, zorgde ieder polderbestuur ervoor, dat de eigen dijk net iets hoger was dan de dijk aan de andere kant. De benaming Hoge Rijndijk, of ook wel Hoge Zijde is op deze wijze ontstaan. De dijk waar we hier over praten was hoger dan de dijk aan de noordkant van de Oude Rijn. Overigens wordt benaming Hoge Zijde niet overal aan dezelfde kant gebruikt. In Bodegraven en Hazerswoude wordt aan de noordkant ook wel gesproken van "hoge zijde", terwijl dat in Alphen aan den Rijn weer net als in Nieuwerbrug de zuidelijke kant betreft. De naam is lange tijd officieus geweest. Pas in 1955 besloot de gemeenteraad van het toenmalige Barwoutswaarder de naam te formaliseren.

Hooijerdijk

Raadsbesluit: 2 juni 1981

Hooi, gedroogd gras wordt gebruikt als voedsel voor het vee in wintertijd. Een Hooidijk was een verhoging in het landschap waar gras voor hooibouw groeide. De naam berust, zoals andere namen in de polderstraatnamen, voor een groot deel op fantasie.

Hollandshof

Raadsbesluit: 4 augustus 1970

Het graafschap Holland is één van de oudste in de Nederlanden. Nadat het Karolingische rijk (van Karel de Grote, overleed in 814) was verzwakt, en Nederland was geteisterd door invallen van de Noormannen, ontstonden rond het jaar 1000 kleine half-onafhankelijke vorstendommetjes. De titel "Graaf van Holland" komt voor het eerst voor ten tijde van graaf Dirk V, halverwege de elfde eeuw. Dat het ontstaan van het graafschap Holland niet zomaar zonder slag of stoot verliep, vermeld de geschiedenis ook wel. Zo sneuvelt Willen II, koning van Duitsland en graaf van Holland in 1253 bij zijn strijd tegen de Friezen. Meer bekend is de moord op graaf Floris V ("der keerlen God") door de edelen bij het Muiderslot in 1296.

Hoogendoornlaan, J.C.

Raadsbesluit: 1966

Jan Cornelis Hoogendoorn werd in 1901 geboren. Hij was boomkweker in Boskoop. Hoogendoorn werd benoemd tot voorzitter van de ruilverkavelingscommissie, waar hij belangeloos enorm veel tijd aan heeft besteed. Als gevolg van de ruilverkaveling was er in 1966 een nieuwe weg ontstaan waaraan boerderijen werden gebouwd. In de volksmond werd deze weg de “Boerderijweg” genoemd. Het college van Alphen aan den Rijn (waar de weg onder viel) stelde voor deze naam ook officieel vast te stellen. Het raadslid P.C.van Vliet vroeg eerst nog aan de burgemeester of het mogelijk was een weg te vernoemen naar een nog levend persoon. Gezien de kwaliteiten van Hoogendoorn stelde hij voor de weg naar hem te noemen. Dit voorstel werd met één stem tegen aangenomen. Het gedeelte van de weg dat in Bodegraven is gelegen, kreeg dezelfde naam als het Alphense deel. De heer Hoogendoorn overleed in 1970.

Hoornblad

Raadsbesluit: 15 september 1977, 13 december 1983

Hoornblad (Latijn: Ceratophyllum) is eigenlijk een familienaam. In deze familie komen in Nederland het gedoornde hoornblad en het ongedoornde hoornblad voor. Beide soorten lijken sterk op elkaar. Alhoewel het hoornblad wel bloeit, heeft ze slechts onopvallende bloemen. Het hoornblad is veel meer te herkennen aan de bladeren die vanuit één plaats op een stengel uiteenwaaieren. De plant is een waterplant; hij groeit in het water en heeft geen wortels die in de aarde steken. Het is één van de plantensoorten die onder water zuurstof vormt.

Horstlaan

Raadsbesluit: 24 januari 1989

Een Horst is een plaatselijke verhoging in het landschap, vaak ontstaan door een zandrug van een oude rivierbedding. De naam komt vaker voor in Nederland, denk maar aan de plaats Horst in midden Limburg. Vroeger stond er in de Noordstraat op nummer 82A (ongeveer op de plaats waar nu de Horstlaan ligt) een boerderij met deze naam. De boerderij is in 1978 gesloopt bij de aanleg van de nieuwbouwwijk.

Houtwerf

Raadsbesluit: 21 juni 2005

In 2005 kreeg Nieuwerbrug er een nieuwe straat bij. Op de voormalige locatie van timmerbedrijf Verweij Houttechniek werden 33 appartementen gebouwd. De nieuwe straatnaam op deze plek kreeg toen de naam "Houtwerf". Volgens de commissie straatnaamgeving een naam, die goed aansluit bij de voormalige bestemming van het terrein.

Ierlandweg

Raadsbesluit: 21 maart 1978

Ierland is een land, dat bekend staat om zijn natuurlijke schoonheid. Het land is heuvelachtig met aan de kust prachtige bergruggen, die vaak tot de zee doorlopen en daar een steile klifkust vormen. Eigenlijk is de naam Ierland niet juist voor de republiek. De naam Ierland heeft namelijk betrekking op het hele eiland, inclusief het noordelijk gedeelte dat als Ulster deel uitmaakt van Groot Brittannië. De splitsing in een noordelijk deel en een zuidelijk deel stamt pas uit 1921 na vele jaren van strijd tussen het protestantse noorden en het Rooms-Katholieke zuiden. Met een oppervlakte van 70.000 km2 is het aantal inwoners van de Ierse republiek met zo'n 4 miljoen erg klein. Daarvan wonen de meeste in de steden Dublin, Cork en enkele kleinere steden. Ierland trad in 1973 toe tot de EEG. Met de Europese munt die in Europa in 1999 is ingevoerd doet men nog niet mee.

Indoorweg

Raadsbesluit: 2 juni 1981

Nadat de Broekveldselaan van loop was veranderd (zie aldaar) bleek, dat er nog een naam nodig was voor het straatgedeelte tussen de Roerdomp en de Cortenhoeve. Gezien de aanleg van de sporthal, waar indoor-sport beoefend zou gaan worden, werd gekozen voor de naam Indoorweg.

Ingelanden

Raadsbesluit: 24 januari 1989

Gezamenlijke eigenaars van een stuk land, dat door een dijk wordt omsloten, dus van een waterschap of een polder. De ingelanden moesten vroeger samen, naar rato van de hoeveelheid grond die men bezat, het onderhoud van deze dijk betalen. De ingelanden die eigenaar waren van een bepaald minimum oppervlakte waren stemgerechtigd in het polderbestuur, dit in tegenstelling tot de pachters.

Irenestraat

Raadsbesluit: 28 juni 1957

Irene (geboren 5 augustus 1939) was de tweede dochter van koningin Juliana en prins Bernhard. Ze trouwde in 1964 met Carlos Hugo de Bourbon-Parma (geb. 1930). Gezien het feit dat Carlos het Rooms-Katholieke geloof aanhing en dit een punt van discussie was, deed Irene afstand van de rechten als tweede in de lijn van troonopvolging. Irene en Carlos kregen vier kinderen: Carlos (geb. 1970), Jaime (geb. 1972), Margarita (geb. 1972) en Carolina (geb. 1974). In 1981 liep het huwelijk van Irene en Carlos uit op een scheiding.

Italiëweg

Raadsbesluit: 21 maart 1978

De republiek Italië steekt als een enorm schiereiland uit, middenin de Middelandse Zee. Ruim een derde deel van de oppervlakte wordt ingenomen door gebergte. In de economische ontwikkeling is er een duidelijk verschil te zien tussen het sterk geïndustrialiseerde noorden en het veel armere zuiden. De geschiedenis van het land gaat heel ver terug. Reeds voor het begin van onze jaartelling was Rome een wereldstad, en reikte het Romeinse Rijk van Nederland tot Egypte en Mesopothamië. De vestiging van de zetel van de Rooms-Katholieke kerk in Rome heeft ook veel invloed gehad op de geschiedenis van Italië. Na een fascistische periode onder Benito Mussolini koos het Italiaanse volk in 1946 voor een republiek. Italië trad in 1957 (bij de oprichting) toe tot de EEG.

Jaagpad

Raadsbesluit: ??

In 1661 werd door de steden Leiden, Woerden en Utrecht besloten om een directe openbaar vervoer verbinding aan te leggen. Dit gebeurde in de vorm van een trekschuit. Deze schuit werd voortgetrokken door een paard, dat over een pad aan de kant van het water liep. Over het hele traject tussen Leiden en Utrecht werd daarom een zogenaamd Jaagpad aangelegd. Tussen Bodegraven en Nieuwerbrug werd het pad aangelegd door Woerden. Het kwam te liggen aan de zuidkant van de rivier. Het gedeelte binnen de bebouwde kom werd in 1925 veranderd van naam en kreeg de naam Rijnkade. Het deel buiten de kom bleef de oorspronkelijke naam houden. Tegenwoordig is het jaagpad in gebruik als toeristisch fietspad.

Jacobastraat, Gravin

Raadsbesluit: 9 december 1975

Jacoba van Beieren, geboren in 1401, overleden 1436 op het slot Teylingen bij Sassenheim. Ze was de laatste telg uit het Beierse huis, dat in 1356 het Henegouwse had opgevolgd. Ondanks dat ze fel tegen haar tegenstanders ten strijde trok, moest zij in 1428 haar macht afstaan aan hertog Filips van Bourgondië. Ook haar vier huwelijken brachten Jacoba geen geluk. Voor de perikelen rond het uitbreidingsplan Dubbele Wiericke, zie bij Graaf Albrechtstraat.

Johan Willem Frisostraat

Raadsbesluit: 14 juni 1956, 3 september 1964

Johan Willem Friso (1687-1711) was nog maar 15 jaar, toen zijn vader, stadhouder Willem III overleed. Omdat de meerderheid van de gewesten hem nog te jong vond, begon zo het tweede stadhouderloze tijdperk in Nederland. Maar 5 jaar later werd hij al stadhouder van Friesland (dus niet van Holland). In 1704 werd hij benoemd in het Nederlandse leger. Hij verdronk in het Hollands Diep bij Moerdijk, waar hij door angst bevangen in een storm op een andere boot wilde overstappen. Zijn zoon, die een maand later werd geboren, zou de latere stadhouder Willem IV worden.

Tot 1964 heette deze straat de Nieuwstraat. In 1956 gaf de gemeenteraad van Barwoutswaarder aan de eerste nieuwe straat in het uitbreidingsplan deze naam. In 1964, bij de gemeentelijke herindeling moest de straatnaam veranderen, omdat er ook in het dorp Bodegraven al een Nieuwstraat bestond.

André de Jongstraat

Raadsbesluit: ca.2006

Jarenlang was er op een terrein naast de Noordstraat de fabriek van Andrelon gevestigd, een fabriek waar shampoo's werden gemaakt. Deze fabriek was opgericht door André de Jong, die in de beginjaren een kapperszaakje had in Bodegraven. Eind jaren '90 is de fabriek van Andrelon gesloten, de vrijkomende ruimte is in het eerste decade van de 21e eeuw als project "Bodelo" voor woningbouw bestemd. De nieuw aan te leggen straat op het voormalige terrein van de shampoofabriek is genoemd naar de oprichter van deze vestiging.

Julianastraat

Raadsbesluit: 7 september 1909

Juliana (geboren 30 april 1909) is de enige dochter van Koningin Wilhelmina en Prins Hendrik van Mecklenburg-Schwerin. Zij trouwde in 1937 met Bernhard von Lippe-Biesterfeld (geb. 1911). Het huwelijk met een Duitse prins bleek geen probleem te zijn, met name dank zij de zeer pro Nederlandse opstelling van de jonge prins Bernhard. Tussen 1938 en 1947 kregen zij vier kinderen: Beatrix (geb. 1938), Irene (geb. 1939), Margriet (geb. 1943) en Marijke (geb. 1947, die zich na 1964 Christina liet noemen). Juliana volgde in 1948 Wilhelmina op als koningin der Nederlanden. In 1980 trad ze af ten gunste van haar dochter Beatrix. Juliana woont sinds haar huwelijk op paleis Soestdijk.

In 1909 geeft de gemeenteraad aan de straat de naam Julianastraat. In maart 1942 wordt de straatnaam veranderd in Juliana van Stolbergstraat (de moeder van Willem de Zwijger). Dit, omdat op last van de Duitse bezetters geen straat genoemd mocht worden naar een levend lid van het koninklijk huis. Na de oorlog is dit uiteraard weer teruggedraaid.

Kapberg

Raadsbesluit: 20 november 1997

Van oudsher bestond de boerderij in ons weidegebied uit één ruimte waarin alle functies waren ondergebracht. Vooraan was het woonhuis gevestigd, meer naar achteren de stalruimte voor het vee. Boven de stal was een bergruimte voor het voer. Maar er was echter meer ruimte nodig. Vandaar dat in onze streken al vroeg het hooi werd opgeslagen in een aparte hooiberg, buiten het boerderijgebouw. Om het hooi te beschermen tegen weersinvloeden (regenwater) werd een kap over deze hooiberg gebouwd. Deze werd ondersteund door vier of zes staanders, waarlangs deze kap omhoog en omlaag getrokken kon worden. In sommige gevallen heeft de kapberg nog een gemetselde verhoogde vloer, waaronder extra bergruimte gevonden kon worden.

Karperlaan

Raadsbesluit: 13 december 1983

Een karper (Latijn: Cyprinus carpio) is een vis met een rond lichaam en een opvallend lange rugvin. Vier baardharen bij de bek vallen tevens op. Met een donkere rug vallen de goudgele flanken en de lichtgele buik des te meer op. Een karper kan best wel groot worden. Na drie jaar is hij al 35 cm en na 15 jaar al 60 cm bij een gewicht van 4 kg. Een volwassen karper kan wel 80 cm worden en 10 kg aan de haak is voor een visser niet eens zo'n heel grote uitzondering. Een karper zwemt meestal in uitgestrekte plassen, maar in het paaiseizoen gaan ze ook naar kleinere slootjes. In de winter trekken ze zich terug in diepere delen van de plassen.

Kavelpad

Raadsbesluit: 24 januari 1989

In het weidegebied zoals rond Bodegraven, staan de meeste boerderijen van oudsher langs de weg of rivier van waaruit de verkaveling heeft plaatsgehad (de Oude Rijn en de Oude Bodegrave). De kavels grond stonden loodrecht op de rivier, ze bestonden meestal uit stukken grond van 60 bij 1250 meter. Om toch met paard en wagen, en tegenwoordig met de trekker, het achterste gedeelte van een kavel te kunnen bereiken, werd er een pad aangelegd, soms verhard met steenslag of tegenwoordig met betonnen platen.

Kerkenpad

Raadsbesluit: 20 november 1997

Nadat in de jaren negentig door de Gereformeerde Gemeente in de Dronenwijk een nieuw kerkgebouw was gesticht, werd vanaf het parkeerterrein naast de gymzaal (het Dronenplein) een voetpad aangelegd naar dit kerkgebouw. Mede gezien het gebruik van het voetpad op zondag, wanneer de kerkgangers vanaf het parkeerterrein naar de kerk kunnen lopen, werd er de naam Kerkenpad (in de nieuwe spelling met N) aan gegeven.

Kerkstraat

Raadsbesluit: 17 februari 1893, 10 maart 1893

De Kerkstraat mag wel als één van de oudste straten van Bodegraven worden beschouwd. Al vanaf ongeveer het jaar 1000 schijnt er op de plaats van de huidige Dorpskerk een kerkje gestaan te hebben. Deze kerk brandde in 1217 af en werd vervangen door een nieuwe, Romaanse kerk, waarvan nog enkele funderingsresten bewaard zijn gebleven. De kerk werd genoemd naar Sint Gallus, de heilige die rond het jaar 800 onze streken heeft bekeerd. In de 14e en 15e eeuw werd de kerk vergroot, waarbij tevens de toren aan de kerk werd gebouwd. De straat tussen de brug (en de kerk en ook nog verderop naar het westen) werd naar de kerk vernoemd.

Het gedeelte ten westen van de Dorpskerk werd door de gemeenteraad in 1893 Schoolstraat genoemd, naar de openbare lagere school aldaar. Deze naam heeft de straat slechts één maand gehad. Bij de volgende raadsvergadering op 10 maart 1893, werd aan dit gedeelte toch ook maar de naam Kerkstraat gegeven.

Kerkweg

Raadsbesluit: ??

Wie een plattegrond van Midden Holland bekijkt, ziet dat het riviertje de Meije vanaf de Meijepolder naar het westen loopt, naar de richting van Zwammerdam. De polder met bijbehorende boerderijen behoorde echter vanouds tot het grondgebied van Bodegraven. Voor de bewoners was het dus een grote omweg om via dat laatste stukje van de Meije in Bodegraven te komen voor bijvoorbeeld inkopen, en voor kerkbezoek. Met name dat laatste heeft in de loop van de jaren in het spraakgebruik de naam gegeven aan deze weg. De weg, die tot rond 1900 eigendom was van de gezamenlijke bewoners, werd als inkorting van de omweg gebruikt. Eerst als zandweg, vanaf 1901 ook als weg met een bestrating.

Kievitsheuvel

Raadsbesluit: 4 augustus 1970

Wie in het weidegebied een vogel met een hele lange kuif op zijn kopje ziet, die heeft als snel met de Kievit (Latijn: Vanellus vanellus) te doen. Hij is tevens herkenbaar aan zijn roep en zijn gewaagde duikvluchten, vooral in het voorjaar. De kievit bewoont vochtige graslanden, waarin ze al vroeg in het voorjaar eieren legt. In Friesland is vanouds de sport bekend om het eerste kievitsei te zoeken.

De naam Kievitsheuvel is afkomstig van twee historische boerderijen, die beide deze naam droegen. Ze lagen aan beide oevers van de Enkele Wiericke, de grens tussen Utrecht en Holland. Beide huizen waren in de tweede helft van de 18e eeuw centra van smokkel tussen de twee gewesten.

Kikkerlaan

Raadsbesluit: n.v.t.

Een steeg aan de zijkant van de Kerkstraat (evenwijdig aan het huidige Pastorieplein, maar dan iets in oostelijke richting) had lange tijd de bijnaam Kikkerlaan. Er is nooit officieel een naam gegeven aan deze steeg. De resten van de Kikkerlaan zijn nu nog te vinden in de poort naar het Voorplein naast de winkel van Burggraaf.

Klaversteijn

Raadsbesluit: 2 juni 1981

Klaver is een plantensoort met kleine blaadjes, die goed groeit in weidegrond zoals in onze omgeving.

Kleienburg

Raadsbesluit: 18 september 1979

Deze naam lijkt een fantasienaam. Of hiermee wordt bedoeld een locale hoeveelheid klei in de grond waarop een weg lag, zoals vroeger in onze omgeving, is niet bekend.

Klipperaak

Raadsbesluit: ca.2007

Naam van een soort schip.

Kolblei

Raadsbesluit: 13 december 1983

De naam kolblei (Latijn: Cyprinus blicca) is maar één van de vele namen waaronder deze vis voorkomt. Hij wordt ook wel kolbliek, koloog, kolfoog, platter of kortweg blei genoemd. Hij lijkt erg op de brasem, maar de streep aan de zijkant is recht. Ook is de bek wat stomper, de schubben wat groter en is de staart hoger en korter. Hij is ook korter dan de brasem, zo'n 35 cm. De kleur is zilverachtig tot olijfgroen op de rug, meer naar de buik overgaand naar goudgeel en wit. Hij leeft in zoet water net als de brasem. Het is een planten- en wiereter. In de winter eet een blei niets.

Koetshuis

Raadsbesluit: 20 november 1997

Naast een boerderij staande aparte schuur waarin de rijtuigen van de boer werden opgeslagen. Meestal betrof het hier de luxe rijtuigen waarmee naar de stad en de kerk werd gereden. Het ging dus niet om de voertuigen waarmee over het land werd gereden.

Kokplein, burg.

Raadsbesluit: 20 november 1997

Eind 1981 ging burgemeester Kremer met pensioen. Hij werd opgevolgd door Jan Kok, geboren op 21 juni 1925 in Blokzijl. Ook Jan Kok had, voordat hij in Bodegraven burgemeester was, al elders deze functie uitgeoefend. Zo was hij van 1963 tot 1971 burgemeester en gemeentesecretaris van Est en Opijnen (een kleine gemeente in Gelderland), en van 1971 tot 1981 burgemeester van Reeuwijk. Op 16 november 1981 werd hij benoemd tot burgemeester van Bodegraven. Deze functie oefende hij uit tot 1987. Hij overleed in 1993.

In 1997 werd (bij de opening van de Broekvelderbrug) besloten de nieuw aangelegde rotonde die de aansluiting vormt van de Noordzijde met de Broekveldselaan te vernoemen naar burgemeester Kok.

Kortland

Raadsbesluit: 18 september 1979

De naam Kortland is, net als Cortenhoeve, ontstaan uit de ontginningsgeschiedenis van het veenlandschap. Lag de Cortenhoeve ten zuiden van de Oude Rijn, het Kortland lag daarentegen ten noorden ervan. Het was een deel van de Noordzijderpolder, in de buurt van de Hornpolder (richting Zwammerdam).

Koninginneweg

Raadsbesluit: 28 juni 1957, 27 mei 1966

De Koninginneweg is in verschillende fasen aangelegd. Eerst werd het westelijk gedeelte aangelegd, tussen het Westeinde en de Tuinstraat. Omdat in eerste instantie diverse straten in deze buurt genoemd zouden worden naar een lid van het koningshuis, werd voor deze lange oost-west verlopende straat gekozen voor de algemene naam Koninginneweg. Omdat de weg de afsluiting vormde van het dorp met het weidegebied, zijn er ook nog andere namen ter sprake geweest. Namen als Weidekant, Weidestraat, en ook Noordeinde (in navolging van het Westeinde) werden genoemd. In de Koninginneweg is nog een pleintje gelegen, ongeveer naast het zwembad. In eerste instantie zou dit pleintje een aparte naam krijgen. De naam Margrietplein werd genoemd. Uiteindelijk is het Margrietplein er niet gekomen, en heeft het pleintje ook de naam Koninginneweg gekregen.

Negen jaar later werden er ook ten oosten van de Tuinstraat nieuwe woningen gebouwd. De Koninginneweg werd daarbij doorgetrokken. Ondanks opmerkingen in de gemeenteraad, dat de straat wel erg lang zou worden, werd er toch voor gekozen om het verlengde van de Koninginneweg dezelfde naam te geven.

Koningsmarck

Raadsbesluit: 27 mei 1966

Koningsmarck, een Zweed van geboorte, was de opperbevelhebber in het huurlingenleger van Willem III, de stadhouder die in 1672 betrokken was bij de belegering van Holland (en de vernietiging van Bodegraven) door de Franse troepen. Koningsmarck bleef als verdediger in onze buurt achter, toen Willem III elders verbleef. Tijdens de overval door de Franse troepen tussen Kerst en Oudjaar 1672, trok hij terug richting Alphen aan den Rijn. Door de staten van Holland werd hij weer teruggestuurd, maar dat was, zo blijkt uit de geschiedenis, tevergeefs. Bodegraven werd volledig door de Franse troepen verwoest. Koningsmarck overleed in 1673. Gezegd wordt dat hij sneuvelde in de strijd bij Bonn, maar er wordt ook beweerd, dat hij zelfmoord pleegde omdat hij de schande van de smadelijke vlucht naar Alphen niet kon dragen.

Koningstraat

Raadsbesluit: 13 juni 1917

In 1916, een paar jaar later dan de jaren waarin de andere straten van het plan Eshuis zijn aangelegd, wordt weer een nieuwe straat in dit gebied gepland. De gemeente verkoopt de grond aan een exploitatiemaatschappij, die er huizen laat bouwen. In 1917 wordt het actueel om de straat van een naam te voorzien. B&W hebben geen voorstel. Eerst is er sprake van Verhoekstraat, naar de dichter en schilder P.Verhoek die in 1633 in Bodegraven is geboren. Een ander voorstel om de straat Koningstraat te noemen wordt echter met meerderheid van stemmen tijdens de raadsvergadering aangenomen.

Koolmees

Raadsbesluit: 21 maart 1978

De koolmees (Latijn: Parus major) is goed te herkennen. Hij heeft een zwart kopje met witte wangen, een gele onderkant met een duidelijke zwarte streep die van voor tot achter over de buik loopt. Hij leeft in bossen, struiken en tuinen, en nestelt in een holle boom of een spleet in de muur, of in een speciaal opgehangen mezenkastje. Hij lust graag wormen of zaden. Bij het verorberen daarvan voert hij soms halsbrekende toeren uit; al etend ondersteboven hangend aan een tak is voor de koolmees helemaal niet bijzonder. In de winter komt hij ook graag het door mensen opgehangen voer opeten. Met een lengte van 14 cm is het een tamelijk kleine vogel. Een koolmees is deels een standvogel, maar in de winter komen ook koolmezen uit meer noordelijk gelegen landen bij ons overwinteren.

Kopeind

Raadsbesluit: 24 januari 1989

De kavels grond die bij de ontginning van het land in onze streek ontstonden waren langwerpig. Op het voorste stuk, bij de rivier of weg van waaruit de ontginning plaatsvond, werden meestal de boerderijen gebouwd, in lintbebouwing langs deze rivier. Het voorste gedeelte, waar deze boerderijen dus stonden, werd dan het Kopeind genoemd.

Korte Nieuwstraat

Raadsbesluit: 26 maart 1930

Bij de bouw van de Nieuwstraat moesten uiteraard zand en andere bouwmaterialen worden aangevoerd. De enige mogelijkheid in die tijd was vervoer per schip. Om de transportweg vanaf de Oude Rijn naar het bouwterrein aan de Nieuwstraat zo kort mogelijk te laten zijn, werd er een loswal aan de Rijn gemaakt, en werd er een doorsteek gemaakt vanaf de Rijn naar het nieuwe bouwterrein. Dit straatje bleef eerst nog zonder naam. Lange tijd werd het straatje "het overpad voor de Nieuwstraat" of ook wel Verlengde Nieuwstraat genoemd. Pas in 1930 kreeg het de naam Korte Nieuwstraat. Een verzoek van een raadslid om de straat Mecklenburgstraat te noemen (naar Prins Hendrik, de echtgenoot van koningin Wilhelmina) werd daarbij afgewezen.

Korte Waarder

Raadsbesluit: ??

De Korte Waarder is genoemd naar de hier gelegen polder naast de Hof van Waarder. Het was een polder (net als de Cortenhoeve en Kortland) die bestond uit enkele reststukken grond. De lengte van de landerijen was dus korter dan de standaard ontginningsgrootte van 1250 meter. Tot 1964 lag deze straat in de gemeente Waarder. Pas na de gemeentelijke herindeling kwam de straat bij de gemeente Bodegraven, die de straatnaam handhaafde.

Kremerweg, burg.

Raadsbesluit: 15 sept 1977, 7 februari 1986

Nicolaas Petrus Kremer (geboren 22 oktober 1916 in Apeldoorn) was burgemeester in Bodegraven van 16 januari 1974 tot 1 november 1981. Voordat Kremer in Bodegraven burgemeester was, bezette hij, na een carrière bij de politie, het burgemeestersambt vanaf 1960 in Abbenbroek. Kremer overleed op 10 januari 1983 in Deventer. Na zijn overlijden is de Ringweg Noord, zoals deze straat vanaf 15 september 1977 heette, hernoemd in Burgemeester Kremerweg. Op 7 februari 1986 is de naam onthuld door zijn vrouw. Ondanks het feit dat het een lange straat is, hoefden maar weinig mensen een adreswijziging te versturen. Aan de Kremerweg staat maar één huis (een boerderij).

Kremerplein, burg.

Raadsbesluit: 9 juni 2000

In het jaar 2000 werd het kruispunt van de Willem de Zwijgerlaan met de Burg.Kremerweg vervangen door een rotonde. Door wethouder Borsboom en gedeputeerde Houtman werd het plein, dat deze rotonde vormt op 9 juni 2000 tot Burg.Kremerplein gedoopt. Voor een beschrijving van Burgemeester Kremer, zie de Burgemeester Kremerweg.

Krooslaan

Raadsbesluit: 2 juni 1981

Kroos is de naam van verschillende soorten van kleine, meestal schijfvormige plantjes. De bekendste is het eendenkroos (plantengeslacht Lemma). Het groeit met korte worteltjes aan de oppervlakte van stilstaand water, zoals de veensloten in het ZuidHollands landschap.

Kwikstaart

Raadsbesluit: 21 maart 1978

De kwikstaart (Latijn: Motacilla alba) doet zijn naam eer aan. De staart is hetgeen het eerste opvalt. Van de kwikstaarten zijn er diverse soorten. Zo is er de gele kwikstaart, de grote gele kwikstaart en de witte kwikstaart. Deze laatste is grijs (op de rug), zwart en wit, heeft zoals gezegd een lange staart en een spitse snavel. Hij rent snel over de grond, staat even stil en beweegt daarbij zijn staart schokkerig van boven naar beneden, om vervolgens weer verder te rennen. Hij zit vooral aan de waterkant, maar komt ook wel bij de huizen. Het is een trekvogel en is ongeveer 17 cm lang (ongeveer net zo lang als een huismus).

1672 laan

Raadsbesluit: 27 mei 1966

Het jaar 1672 hoort bij iedere Bodegraver algemeen bekend te zijn. In dat jaar waren de Franse troepen die Nederland belegerden in Woerden gelegen. Zij probeerden Holland in te nemen, maar door de Nederlandse troepen was de Hollandse waterlinie gecreëerd; grote stukken land rondom Holland waren onder water gezet. Zo ook de polders ten noorden en ten oosten van Bodegraven. Maar omdat het tijdens de kerstdagen van 1672 sterk had gevroren lukte het de Franse troepen om via het ijs vanuit Woerden naar de Meije te lopen, en zo Zwammerdam aan te vallen. Maar als gevolg van optredende dooi en verdediging van de prinselijke troepen moesten de Franse troepen zich toch terugtrekken. Dat deden ze via Bodegraven, waarbij het gehele dorp werd geplunderd en in brand gestoken. De bevolking vluchtte weg of werd vermoord. Het jaar 1672 wordt niet alleen in Nederland het Rampjaar genoemd, ook voor Bodegraven kunnen we spreken van het grootste rampjaar van ons dorp.

Landlust

Raadsbesluit: 20 november 1997

Naam van een oude boerderij, die in het gebied van deze wijk heeft gestaan. De benaming komt af van de lust tot werken op het land.

Le Coultrestraat, burg.

Raadsbesluit: 30 augustus 1924

Hendrik Le Coultre (geboren op 17 mei 1858 in Steenwijkerwold, overleden 23 juni 1927 in Den Haag) werd op 9 maart 1895 benoemd tot burgemeester van Bodegraven. Voor die tijd was hij al vanaf 1884 burgemeester van Boskoop. In zijn lange burgemeestersperiode tot september 1924 heeft hij veel betekend voor ons dorp. Met name bij de ontwikkeling van gas, water en riolering is hij sterk betrokken geweest. Ook hadden zijn lidmaatschap van de gezondheidscommissie en zijn inzet voor de landbouw en de kaashandel grote invloed op het leven in ons dorp. Hij zat tevens in het bestuur van de tolweg Gouda-Bodegraven (zie bij de Goudseweg). Op 1 september 1924 ging hij met pensioen. Tijdens de laatste vergadering van de gemeenteraad die hij mocht leiden (30 augustus 1924), werd door raadslid Batelaan voorgesteld om de naam van burgemeester Le Coultre te verbinden aan het gedeelte van de Goudscheweg vanaf de Wilhelminastraat tot aan de spoorlijn. Dit voorstel werd zonder hoofdelijke stemming aangenomen.

Leeuwerik

Raadsbesluit: 4 augustus 1970

De naam leeuwerik is eigenlijk een verzamelnaam. Twee soorten zijn bekend. Dat is de veldleeuwerik (Latijn: Alauda arvensis) en de kuifleeuwerik (Latijn: Galerida cristata). De leeuwerik leeft in open terrein (bijvoorbeeld weilanden). Hij is goed herkenbaar aan het schelle geluid dat hij doorlopend laat horen. Snel klimt hij naar de hemel, hoog boven het uitgestrekte terrein, om zich plotseling als een steen te laten vallen en naar de grond te duiken. De leeuwerik is gedeeltelijk een trekvogel, alhoewel dat trekken niet over grote afstanden gebeurt. De Leeuwerik wordt ongeveer 17 cm lang.

Leidsche Poort

Raadsbesluit: 4 oktober 1988

De naam Leidsche Poort was in 1986 al voorgesteld voor de straat die nu de Rijnpoort heet. De motivatie was toen, dat bekende Nederlandse kaassoorten vernoemd zouden worden. Toen in 1988 opnieuw enkele woningen werden gebouwd op de plaats van een gesloopt kaaspakhuis, liet de gemeente zich opnieuw leiden door de namen van kaassoorten. De naam werd alsnog toegekend op 4 oktober 1988.

De eigenaar van het blok huizen, het Bouwfonds Woningbouw, liet op de huizen de naam van de straat aanbrengen in een verticale lijn. Toen het verzoek aan de gemeente werd gericht om deze letters goed te keuren, had dat nog wel wat discussie tot gevolg. Het aanbrengen van reclame is immers volgens de Algemene Politieverordening niet toegestaan. Maar aangezien er geen commercieel belang bij was, kon de gemeente alsnog akkoord gaan met de twee maanden eerder reeds aangebrachte letters.

Lemsteraak

Raadsbesluit: ca.2007

Naam van een soort schip.

Lijster

Raadsbesluit: 4 augustus 1970

De lijster (Latijn: Turdus viscivorus) is één van de bekende zangvogels. Hij wordt ongeveer even groot als de merel, zo'n 26 cm lang. De kleur is echter wat lichter dan de vrouwtjesmerel, van boven grijsbruin en een bijna witte borst en buik die heel duidelijk donkerbruin gespikkeld is. De onderkant van de vleugels is wit. De lijster komt zowel in tuinen als in weidegebieden voor. In de winter blijft de lijster gewoon op de zelfde plaats als 's zomers; het is dus een standvogel.

Lindehof

Raadsbesluit: 27 februari 1997

De linde (Latijn: Tilia) zal men niet vaak in de vrije natuur aantreffen. Het is in Nederland vooral een boom die aangeplant wordt voor stadsbeplanting en in parken. De linde is een statige boom, die wel tot 30 meter hoog kan worden. Maar dan moet wel lang worden gewacht, want het is een langzame groeier. Daar staat tegenover dat hij wel erg oud kan worden. Er schijnen zelfs exemplaren te bestaan die meer dan duizend jaar oud zijn. De bloesem van de lindeboom die in juli is te zien ruikt erg lekker.

De naam Lindehof moet volgens de nieuwe spellingsregels van 1997 geschreven worden zonder N, dit in tegenstelling tot de Beukenhof (met koppel N).

Lodewijkstraat, Graaf

Raadsbesluit: 28 juni 1962, 3 september 1964

Lodewijk van Nassau (1538-1574) was één van de broers van Willem van Oranje. Samen met hem vocht hij in de tachtigjarige oorlog tegen de Spaanse overheersers. Met zijn broer Adolf (zie bij Graaf Adolfstraat) was hij in 1566 betrokken bij de bekende slag bij Heiligerlee. Hij overleed in 1574 in de strijd op de Mokerhei.

Tot 1964 (gemeentelijke herindeling) had de straat de naam Oranjestraat. Deze naam werd door de toenmalige gemeente Barwoutswaarder in 1962 toegekend bij de uitvoering van het uitbreidingsplan Nieuwerbrug. De naam Oranje verwijst daarbij naar de naam van het koninklijk huis. Bij de herindeling moest de straatnaam veranderen, omdat er ook in het dorp Bodegraven al een Oranjestraat bestond.

Mariastraat, Gravin

Raadsbesluit: 9 december 1975

Gravin Maria van Bourgondië leefde van 1457-1482. Ze werd op 19-jarige leeftijd hertogin, gekozen door de Provinciale Statenvergaderingen. Onder haar regering krijgen de Staten-Generaal van de Nederlanden vorm. Ze sterft in Brugge na een val van haar paard. Haar driejarig zoontje Philips de Schone volgt haar op. De straat had nog bijna de naam Graaf Dirk III straat gehad. Zie hiervoor de beschrijving van de Graaf Albrechtstraat.

Madelief

Raadsbesluit: 11 februari 2010

De madelief (Bellis perennis), familie van de Composieten, is een meerjarige weideplant met de bekende bloem ter hoogte van 5 tot 15 cm. Ze groeit op alle gronden, maar is vooral bekend uit de weidegronden. Ze komt ook voor als onkruid in gazons en in wegbermen. De bloem is bekend; een geel hart, met witte uitstaande kleine bladeren, in totaal ca. 2,5 cm groot. Het madeliefje is zo bekend, dat er in de volkstaal wel 250 gekende bijnamen voor zijn.

Margrietstraat

Raadsbesluit: 28 juni 1957

Margriet (geboren 19 januari 1943 in Canada, waar haar ouders waren uitgeweken als gevolg van de Tweede Wereldoorlog) was de derde dochter van koningin Juliana en Prins Bernhard. Ze trouwde in 1967 met de niet koninklijke Pieter van Vollenhoven (geb. 1939). Ondanks zijn niet koninklijke achtergrond werd Pieter door vele mensen gewaardeerd om zijn sympathieke uitstraling. Pieter en Margriet kregen vier kinderen: Maurits (1968), Bernhard (1969), Pieter-Christiaan (1972) en Floris (1975).

De straatnaam Margrietstraat werd toegekend in 1957. In een eerder stadium was er sprake van om een deel van de Koninginneweg de naam Margrietplein te geven. Uiteindelijk is dat er niet van gekomen. Zie bij Koninginneweg.

Marktstraat

Raadsbesluit: 29 oktober 1954

Tot de jaren 50 liep de Brugstraat uit op een T-splitsing met de Kerkstraat en de Noordstraat. Bij de eerste plannen van het plan Tuinwijk was wél bekend, dat er een doorbraak zou komen vanaf de Brugstraat, maar hoe deze precies zou komen te lopen was nog niet bekend. In eerste instantie leek het erop, dat deze straat rechtdoor zou gaan lopen naar de Nieuwe Markt toe. Toen B&W aan de gemeenteraad de straatnamen voorstelde, gaven zij al blijk van enige twijfel. Enerzijds zou de naam Raadhuisstraat gegeven kunnen worden (naar het later te bouwen nieuwe gemeentehuis), anderzijds zou de naam Marktstraat van toepassing kunnen zijn. Tijdens de raadsvergadering werd ook nog de naam Verlengde Brugstraat genoemd. Uiteindelijk koos de gemeenteraad met slechts een kleine meerderheid van 7 tegen 6 stemmen voor de naam Marktstraat.

Margarethastraat, Gravin

Raadsbesluit: 9 december 1975

Margaretha van Beieren (1311-1356), werd in 1345 in de tijd van de Hoekse en Kabeljauwse twisten gravin van Holland en Henegouwen, nadat haar neef Willem IV in Friesland was verslagen. Ze regeerde tot 1354. Margaretha was de moeder van Jacoba van Beieren (zie bij Gravin Jacobastraat). Voor de perikelen rond het uitbreidingsplan Dubbele Wiericke, zie bij de Graaf Albrechtstraat.

Marshallweg

Raadsbesluit: 4 augustus 1970

Nederland werd van 1940 tot 1945 overheerst door zijn buurland Duitsland. Kort nadat de oorlog was afgelopen tekende zich al een scheiding af in de twee wereldmachten die Europa hadden bevrijd, de Sovjet Unie aan de oostkant en de Verenigde Staten van Amerika aan de westkant. Om de verzwakte economie van de westerse landen snel weer overeind te helpen kondigde de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken George Marchall (1880-1959) in 1947 een grootscheeps steunprogramma aan. Dit plan, genoemd naar zijn oprichter, moest West-Europa in staat stellen om met een betere economie meer weerstand te bieden aan het communistische gevaar uit het oosten. Nederland kreeg daarbij 1,1 miljard dollar hulp, een voor die tijd ongekend hoog bedrag.

Mauritsstraat

Raadsbesluit: 5 november 1909

Prins Maurits van Oranje Nassau, geboren in 1567 was één van de kinderen van Willem de Zwijger. Hij was stadhouder van Holland en Zeeland vanaf 1585 (hij was toen nog maar 18 jaar oud), en een aantal jaren later ook stadhouder van andere provincies. Hij was een bekwaam veldheer. De bekendste veldtocht waarbij hij betrokken was, en waarvan iedereen het jaartal kent, is de slag bij Nieuwpoort in 1600. Hij overleed in 1625. De gemeenteraad besloot op 5 november 1909 aan de straat de naam Mauritsstraat te geven.

Meerval

Raadsbesluit: 13 december 1983

De meerval (Latijn: Silurus glanis) zal niet zo vaak door een visser worden gevangen. Hij is zeldzaam in Nederland, en om die reden beschermd. Hij is te herkennen aan de zes draden die als een sikje aan zijn bek hangen en aan de twee antennes op zijn kop. Hij heeft een platte kop en een klein rugvinnetje. De kleur is goudachtig met daarin groene vlekken. De buik is zilverachtig tot wit. Hij eet kleine, ongewervelde diertjes of, als hij wat ouder wordt ook kleine visjes. De meerval kan heel oud worden. De maximale leeftijd die bekend is, bedraagt 75 jaar. Het hengelrecord (van een in Rusland gevangen meerval) is 5 meter lang. In Nederland is weleens een vis van 1.84 meter gevangen.

Meij

Raadsbesluit: ??

De straat die zich in de loop van de jaren langs dit riviertje ontwikkelde kreeg dezelfde naam. Het riviertje was nog officieel voor de scheepvaart geschikt tot 1959; in dat jaar kwam er een eind aan een jarenlange onenigheid tussen een schipper die in de Meije woonde (die dus graag doorvaart bleef houden) en de bewoners (die de ophaalbruggen moesten blijven onderhouden).

Merel

Raadsbesluit: 4 augustus 1970

De merel (Latijn: Turdus merula) is een vogel die iedereen wel zal kennen. Hij woont in bossen en parken, maar ook in tuinen komt hij voor. Het mannetje heeft zwarte veren en een duidelijk opvallende gele snavel; het vrouwtje is minder opvallend, bruinachtig met een lichtere buik en een bruine snavel. De merel nestelt in struiken en hagen. Tegen het vallen van de avond kan een merel heel mooi in een hoge boom of op een lantarenpaal zitten te zingen, het is dan een genot om dat te horen. Een merel wordt zo'n 25 cm lang. De merel is een standvogel, maar er zijn er ook die in de herfst wegtrekken naar warmere oorden.

Molendijkerdwarsweg

Raadsbesluit: 26 januari 1995

Eén van de nieuwe ontsluitingswegen naar de nieuw gebouwde en bestaande boerderijen werd haaks op de Molendijk aangelegd. Aan deze dwarsweg werd daarom de naam Molendijkerdwarsweg gegeven.

Molenkade

Raadsbesluit:

Het wegmalen van overtollig (regen)water uit een polder gebeurde vroeger uiteraard met molens. Zo moest het water uit de Broekvelder en de Reeuwijkse polders in de Oude Rijn worden weggemalen. Dit gebeurde vroeger middels een molendriegang. De kade waarlangs deze molens gelegen waren, had vanouds de naam Molenkade. Iets meer naar het westen staat al sinds 1843 een gemaal. Tegenwoordig is dat het gemaal Bulaeus Brack, gebouwd in 1935. Tot 1964 lag de Molenkade op Zwammerdams grondgebied. Bij de gemeentelijke herindeling van 1 februari 1964 werd dit gebied bij Bodegraven gevoegd.

Moestuin

Raadsbesluit: 20 november 1997

De boerderijen in onze streken waren vanaf het eind van de middeleeuwen gericht op de veeteelt. De hele indeling was dan ook daarop gericht; melkkelders, stallen met veestalling, hooibergen, enz. Maar voor eigen gebruik werden toch ook, zij het op kleine schaal, diverse landbouwprodukten geteeld. Dit gebeurde meestal in een aparte moestuin, gelegen naast of vlakbij de boerderij.

Molendijk

Raadsbesluit: ??

De Molendijk lag vanouds in de gemeente Waarder. De dijk dankt zijn naam aan de poldermolen van de polder Westeinde van Waarder, die halverwege deze dijk heeft gestaan totdat hij in 1881 vervangen werd door het, inmiddels ook al verdwenen gemaal "Knijff" (gesloopt in 1976). In 1964 is bij de gemeentelijke herindeling de straat in de gemeente Bodegraven gekomen.

Nassaustraat

Raadsbesluit: 10 juni 1948

Met het huis Nassau, later Oranje-Nassau wordt ons vorstenhuis bedoeld. De eerste maal dat het geslacht Nassau in Nederland verschijnt is in het jaar 1403, toen graaf Engelbrecht I van Nassau in het huwelijk trad met Johanna van Polanen, vrouwe van Breda. Pas later is het geslacht Nassau meer bekend geworden, toen de erfenis via via terecht kwam bij Willem van Nassau, later Willem van Oranje (1533-1584). Sinds Willem werd het stadhouderschap, en later het koningschap erfelijk. Ook onze vorstin Beatrix van Oranje Nassau is een nakomeling van het geslacht van Nassau.

De naamgeving van de Nassaustraat heeft heel wat voeten in de aarde gehad. Alhoewel de straat in 1905 werd aangelegd, kreeg deze pas in 1948 een naam (zie het kader). Tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft de Wilhelminastraat tijdelijk de naam Nassaustraat gehad.

Nespad

Raadsbesluit: 11 december 1990

De betekenis van Nes in Nespad is dezelfde als in de Vrije Nesse in Bodegraven. Het betreft hier een van oudsher Reeuwijkse weg, die pas bij een gemeentelijke herindeling van 1 januari 1991 bij de gemeente Bodegraven is gekomen. Tijdens de raadsvergadering van 11 december 1990 besloot de gemeenteraad de naam te laten zoals hij als in Reeuwijk was. Voor een beschrijving van het begrip Nes, zie bij de Vrije Nesse.

Nieuwstraat

Raadsbesluit: 17 februari 1893

Hoe een illegale nieuwe straat toch een gemeentelijke straat is geworden. Zo kan de geschiedenis van deze straat worden verteld. Tussen 1880 en 1890 begonnen eigenaren van land tussen de Wilhelminastraat en het spoor met het bouwen van huizen op hun terrein. Eerst huizen, niet eerst een straat. Dat dat tot grote problemen zou leiden, daar dacht men toen nog niet aan. Er volgde een aantal jaren met diverse boze brieven van bewoners aan de gemeente, en evenzovele boze brieven van de gemeente aan de bewoners. De bewoners eisten straatverlichting. De gemeente eiste, dat de bewoners eerst hun straat fatsoenlijk zouden bestraten (dat was in die tijd nog een taak van de bewoners zelf). In 1893 besloot de gemeente om de straat officieel de naam Nieuwstraat te geven, maar de problemen waren nog niet voorbij. Vele raadsvergaderingen met verhitte discussies waren ervoor nodig. Het duurde nog tot april 1896 voordat de gemeente eigenaar werd van de straat. De gemeente liet vervolgens de straat fatsoenlijk bestraten en legde er riolering in aan.

Nieuwe Markt

Raadsbesluit: 10 januari 1925

Voor het nieuwe marktterrein werd er zowel gedacht aan een locatie ten westen als ten oosten van de dorpskerk. Uiteindelijk is na veel discussie de Nieuwe Markt aan de oostzijde van de kerk gekomen. In augustus 1925 werd de markt door burgemeester Le Coultre geopend. De naam was al tijdens de raadsvergadering van 10 januari 1925 toegekend.

Noordhof

Raadsbesluit: 3 september 1985

De bouw van 12 woningen tussen de Noordstraat en de Dirk Bavolaan leidde ertoe, dat er een naam moest worden gegeven aan deze straat. Enige discussie was al aan de raadsvergadering voorafgegaan. Moest er een nieuwe straatnaam worden gegeven, of konden de 12 woningen een huisnummer krijgen, volgend op de nummering van de Dirk Bavolaan? De gemeente koos voor het eerste, en kende de naam Noordhof toe.

Noordstraat

Raadsbesluit: 17 februari 1893

Het gedeelte van de Noordzijde dat binnen de bebouwde kom ligt (of beter gezegd, lag ten tijde van de eerste straatnaamgeving) heette vanouds de Noordstraat. Deze was noordelijk van de Oude Rijn gelegen. In 1893 werd de naam officieel toegekend.

Noordzijde

Raadsbesluit: ??

De naam heeft betrekking op de ligging evenwijdig aan de Oude Rijn. Noordelijk van deze rivier werd de straat (vroeger al vanaf de Dorpskerk) altijd al Noordzijde genoemd. Vanaf de 19e eeuw werd ze tevens de belangrijkste verbinding met Woerden, toen er een Rijksstraatweg (met tol) werd aangelegd. Samen met de Van Tolstraat, Brugstraat en Noordstraat vormde de Noordzijde de hoofdverbinding van Den Haag naar Utrecht.

Nutspassage

Raadsbesluit: 2 juni 1981

Eind jaren '70 werd het Raadhuisplein nader ingericht. De supermarkt werd gebouwd, en tussen het Raadhuisplein en de Kerkstraat ontstonden enkele straten, deels ter ontsluiting van de hier gelegen winkelpanden, deels als verbinding tussen het Raadhuisplein en de Kerkstraat. Op de plaats van deze verbinding stond vroeger een school, uitgaande van de Maatschappij tot Nut van 't Algemeen. De naam van deze school was de Nutsschool. Naar deze school werd in 1981 de naam Nutspassage gegeven aan de nieuwe straat.

Oranjelaan

Raadsbesluit: 26 maart 1930, 29 oktober 1954, 28 juni 1957, 26 oktober 1962

In 1930 werd ten westen van het nieuwe marktterrein een tweetal straten aangelegd. De Beursstraat, en iets meer naar het noorden de huidige Oranjelaan. Deze liep toen via wat nu de Oranjelaan is, met een bocht verder via het zuidelijke deel van wat nu de Vijverlaan is, naar de Buitenkerk bij de watertoren. De naam kreeg, ter ere van het Koninklijk Huis de naam Oranjestraat.

Toen in 1954 de Vijverlaan ten noorden van de Oranjestraat werd aangelegd, achtte men het beter om het gedeelte ten zuiden van de bocht een andere naam te geven. Dit werd de naam Vijverlaan. Het gedeelte richting Nieuwe Markt kreeg bij raadsbesluit van 29 oktober 1954 de naam Oranjelaan (in plaats van Oranjestraat).

In 1957 werd de straat doorgetrokken voorbij de Vijverlaan tot bij het Westeinde. De gemeenteraad besloot om ook dit deel de naam Oranjelaan te geven. Helaas bedacht de gemeente zich vijf jaar later, waarna dit gedeelte een andere naam kreeg. Zie daarvoor bij het Oranjeplantsoen.

Oranjehof

Raadsbesluit: 20 augustus 1991

Toen in 1991 het besluit werd genomen om op het terrein achter het bejaardenhuis de Vijverhof 36 woningen te bouwen, werd voor deze woningen een aparte straatnaam gezocht. Aansluitend bij de al bestaande straatnamen Oranjelaan en Oranjeplantsoen, werd gekozen voor de naam Oranjehof.

Oranjeplantsoen

Raadsbesluit: 26 oktober 1962

Het gedeelte ten westen van de Vijverlaan had van het begin af aan (1957) de naam Oranjelaan. Door B&W werd deze naam toch wat onduidelijk gevonden, gezien het feit dat dit deel van de straat niet precies in het verlengde van de Oranjelaan ligt. In 1962 veranderde men de naam in Oranjeplantsoen. Dat niet alle bewoners het ermee eens waren bleek wel uit de aanvraag tot schadevergoeding die een bewoonster indiende. Maar de reactie van de gemeente was, dat de kosten van 200 maal een adreswijziging van 4 cent te gering waren om van een grote schade te kunnen spreken. De vergoeding werd dan ook niet toegekend.

Oud Bodegraafseweg

Raadsbesluit: 3 september 1964

Het riviertje de Bodegrave wordt al in het jaar 1235 genoemd. Het is een vergraving van een oorspronkelijk natuurlijk veenwatertje. Langs dit water is in de loop van de tijd een weg ontstaan. Het riviertje vormde tot 1964 de grens tussen Bodegraven en Zwammerdam. De weg lag op het grondgebied van deze laatste gemeente. Dat gold dus ook voor het gedeelte tussen de spoorlijn en de Oude Rijn. Pas bij de herindeling van 1 februari 1964 kwam het riviertje en de weg op het grondgebied van Bodegraven te liggen. In de raadsvergadering van 3 september 1964 werd besloten om de wat ouderwetse naam Oud-Bodegraven te veranderen in Oud Bodegraafseweg.

Oude Markt

Raadsbesluit: 10 januari 1925

Het centrum van het dorp wordt vanouds gevormd door de Dorpskerk en het pleintje dat naast deze kerk is gelegen. Markt werd er al heel vroeg gehouden, maar de echte markt kwam pas in 1882, toen er een georganiseerde kaasmarkt kwam. De voortvarende burgemeester Van de Velde (zie bij Van de Veldestraat) was de grote organisator achter deze kaasmarkt, die uitgroeide tot één van de belangrijkste markten van Zuid-Holland. In 1893 werd de naam van het plein officieel vastgesteld in Marktplein. In 1925 werd de kaasmarkt verplaatst naar het terrein van de Nieuwe Markt. Om verwarring met deze Nieuwe Markt te voorkomen, kreeg het marktplein in 1925 de naam Oude Markt.

Overpad

Raadsbesluit: 27 januari 1912

Van oudsher was er tussen het centrum van Bodegraven en de Wiericker Schans geen enkele verbinding tussen de Zuidzijde en de Oude Rijn. Zo'n verbinding zou eigenlijk best handig zijn in verband met de aanvoer van grondstoffen naar de nieuw aan te leggen wegen en huizen. Eerder was zoiets al bij de Korte Nieuwstraat gebeurd. Toen in 1910 over de plannen voor bebouwing van de Prinsenstraat werd gesproken, was F.Mak er al snel bij om een terrein precies recht tegenover deze straat aan de gemeente te verkopen. Maar hij vroeg er fl 1400,-- voor, een bedrag dat de gemeente niet direct wilde betalen. Toen 2 jaar later bleek, dat het verderop gelegen terrein van J.de Bruijn voor slechts fl 500,-- kon worden gekocht, was het besluit al snel genomen. De naam Overpad betekent letterlijk "Het pad dat over de bezittingen van een ander loopt", hiervan afgeleid is de term uit de rechtspraak "Het recht van overpad".

Overtocht

Raadsbesluit: 3 september 1964

Het riviertje de Oude Bodegrave waterde vanouds af op de Oude Rijn. Dat gebeurde op de grens van de vroegere gemeenten Zwammerdam en Bodegraven. Bij deze afwatering was een sluisje gebouwd. Niet voor schepen, maar voor water, een uitwateringssluis dus. Toch was er scheepvaart op de Oude Bodegrave. Om deze schepen van de Oude Rijn in de Oude Bodegraven over te zetten was er vroeger een Overtoom, ook wel Overtocht genoemd. De straat (tot 1 februari 1964 gelegen in de gemeente Zwammerdam) die naar deze overzetmogelijkheid voor de schepen liep, heette vanouds de Overtocht. Toen deze straat in 1964 onder de gemeente Bodegraven kwam, werd de naam gehandhaafd. In de volksmond heeft de straat ook wel de naam De Tocht.

Pastorieplein

Raadsbesluit: 29 oktober 1954

Bij de ontwikkeling van het centrum in 1954 werd duidelijk, dat de passage tussen de Oude Markt en de Nieuwe Markt beter een eigen naam zou kunnen krijgen. In de volksmond was deze plaats al bekend als Lammerenmarkt. Vandaar dat B&W voorstelde om het gehele plein (het huidige Pastorieplein en het huidige Voorplein gezamenlijk) deze naam te geven. Vanuit de raad kwam weerstand tegen deze naam. Vroeger werden er weliswaar lammeren verhandeld, maar de lammerenhandel was niet tot bloei gekomen. Een voorstel om het gehele plein Voorplein te noemen strandde met 8 tegenstemmen in de raad. Na een motie van de raadsleden Batelaan en Boon werd met grote meerderheid besloten om het achterste gedeelte van het pleintje de naam Pastorieplein te geven, genoemd naar de Nederlands Hervormde pastorie die ernaast is gelegen.

Phoenix

Raadsbesluit: oktober 2007

Halverwege het eerste decennium van de 21e eeuw werd het bedrijf Andrelon opgeheven. Een deel van het bedrijf was gevestigd in het gebouw, dat vanaf 1917 tot de Tweede Wereldoorlog in gebruik was als oliemolen van de firma Honig. De naam van het pand was de "Phoenix". Nadat het bedrijf Andrelon was opgeheven is besloten dit bedrijfspand te renoveren en in te richten als apartementgebouw. Doornummeren van de huisnummers van de Noordstraat (waaraan het pand eigenlijk was gelegen) was niet mogelijk. Daarom werd besloten een nieuwe straatnaam aan dit gebouw te geven.

Pijlkruid

Raadsbesluit: 15 september 1977

Pijlkruid (Latijn: Sagittaria sagittifolia) is een oeverplant met knolachtige wortels. Het wordt zo'n 30 tot 50 cm hoog en heeft wit met lila bloemen die steeds twee aan twee aan de stengel zitten. De bloeitijd is in juli en augustus. Het blad is pijlvormig, vandaar de naam pijlkruid. Het wordt ook toegepast als waterplant in vijvers, waarbij het dan vermeerderd kan worden door de plant uit elkaar te trekken over de wortelknol heen. Deze knollen ontstaan in het najaar onder de grond; ze worden dan door watervogels gegeten. Pijlkruid is te vinden langs waterkanten en in vrij diep water.

Polderbrink

Raadsbesluit: 2 juni 1981

De naam Polderbrink lijkt verzonnen te zijn. Een Brink is in Drenthe een verhoging in het landschap, waaromheen een dorpje ontstond. Of met een Polderbrink een verhoging in het polderlandschap wordt bedoeld, is niet bekend.

Populierenhof

Raadsbesluit: 4 januari 1964

De populier (Latijn: Populus) is verwant aan de els, maar hij is groter dan de els. Het is een gemakkelijk groeiende boom, die op vele grondsoorten groeit. Hij kan worden gezien in groepen, maar groeit ook gemakkelijk alleen. Hij kan wel tot 30 meter hoog worden, en heeft een stam met vaak dikke knoesten. Het blad lijkt soms wel driehoekig. De zaden van de populier hebben een plukje haar, en als gevolg daarvan kunnen deze over zeer grote afstanden door de wind worden verspreid. De zaden blijven ook drijven op het water, waardoor ze verder worden getransporteerd.

Portugalweg

Raadsbesluit: 13 april 1993

De republiek Portugal is het meest westelijk gelegen land van Europa, met Spanje samen gelegen op het Iberisch schiereiland. Er wonen bijna 10 miljoen mensen. De hoofdstad Lissabon ligt ongeveer halverwege de afstand van zuid naar noord. In het binnenland zijn er bergen van bijna 2000 meter hoogte. Dankzij de ligging aan de Atlantische Oceaan heeft Portugal een overwegend mild klimaat. Alhoewel Portugal van oudsher sterk agrarisch gericht is (met ook nogal wat wijnbouw, denk maar aan de Portwijn), is ook visvangst een belangrijke bron van inkomsten. Het land is zich de laatste tijd sterk aan het ontwikkelen. Na de revolutie van 1974 (de Anjerrevolutie) kwam meer dan de helft van de industrie in handen van de staat. Naast deze middelen van bestaan is ook het toerisme sterk ontwikkeld. Portugal is sinds 1986 lid van de EEG.

Prinsendijk

Raadsbesluit: ??

De dijk tussen de Hollandse IJssel en de Oude Rijn maakte het mogelijk om tussen de Enkele Wiericke en de Dubbele Wiericke een strook land onder water te zetten teneinde vijandelijke troepen buiten Holland te houden. In 1672 deed deze waterlinie goede diensten, toen Willem I Holland tegen de Franse troepen verdedigde. De prins zorgde in deze tijd voor aanleg van een weg op de dijk. Of aan de straat ooit een officiële naam is gegeven is mij niet bekend.

Prinsenstraat

Raadsbesluit: 3 april 1911

In 1910 komt een verzoek van dhr. Brunt om een straat aan te mogen leggen en er huizen aan te mogen bouwen. De gemeenteraad gaat akkoord, met oplegging van een aantal eisen waaraan de straat moet voldoen. Een jaar later besluit de raad aan deze straat de naam Prinsenstraat te geven. Welke prins de raad bedoelt, daarin is het archief niet duidelijk. Mogelijk is Prins Hendrik (maar die straat bestaat al) of Prins Willem van Oranje bedoeld. Aan de zuidkant verloopt de straat met een bocht parallel aan de spoorlijn tot aan de Goudseweg. Dit laatste gedeelte is pas in 1954 van naam veranderd (zie bij de Spoorlaan).

Raadhuisplein

Raadsbesluit: 29 oktober 1954

In het plan voor de Tuinwijk werd ruimte gereserveerd voor aanleg van een nieuw gemeentehuis.Voor dit gebouw werd een plein aangelegd, dat in de raad met algemene stemmen de naam Raadhuisplein kreeg. Dat het "nieuwe" gemeentehuis geen lang leven zou hebben, was in 1954 nog niet bekend; nog geen 30 jaar later was er al weer sprake van een nog nieuwer gemeentehuis, op dezelfde plek gelegen.

Raaigras

Raadsbesluit: 28 november 1986

Ook het raaigras (Latijn: Lolium) is een familienaam van grassoorten. Hieronder vallen dolik, borstelgras en als meest bekend het engels raaigras. Deze laatste soort wordt gebruikt om blijvend grasland aan te leggen. Het heeft een sterke verdringingskracht, zodat andere wilde grassoorten en onkruiden minder kans krijgen om door te schieten. Alhoewel het engels raaigras overal kan groeien, is het toch het meest geschikt voor de wat zwaardere grondsoorten, zoals het rondom Bodegraven aanwezige veengebied. Het gras wordt ook veel gekweekt als voedergewas.

Reigeroord

Raadsbesluit: 13 maart 1973

Wie door het poldergebied wandelt, wordt soms gekonfronteerd met de blauwe reiger (Latijn: Ardea cinerea), naast de zilverreiger en de purperreiger één van de meest bekende reigersoorten. Hij kan lang stilstaan, vaak op één poot aan de kant van de sloot, om dan met een snelle hap een vis uit het water te pakken. Overigens is een sloot niet de enige plaats waar een reiger zijn eten haalt, want ook uit een vijver haalt hij soms zijn eten; een reiger is immers helemaal niet zo schuw. Hij is soms ook wel in het dorp te vinden. Een reiger kan van kop tot staart wel tot 90 cm lang worden. De reiger is een trekvogel.

Rietkraag

Raadsbesluit: 2 juni 1981

Aan de zijkant van de veenplassen kon het riet gemakkelijk groeien. Er ontstond dan na verloop van tijd vanzelf een kraag (rand) van riet, een strook riet die een stuk land omgeeft.

Rijngaarde

Raadsbesluit: 20 januari 1987

In 1967 werd in Bodegraven de "Stichting Dienstencentrum Bejaarden" opgericht. Deze organisatie liet in de Dronenwijk een dienstencentrum en woningen voor bejaarden bouwen, die bij de ingebruikname in 1971 de naam Rijngaarde kreeg. Het complex was gelegen aan de Dronensingel (deze naam was al in 1962 toegekend). Het stukje weg tussen wat vandaag de dag Dronensingel heet, en de Salvatorkerk bij de Vrije Nesse had ook deze zelfde naam.

Toen er in 1987 nog 49 woningwetwoningen voor ouderen werden gebouwd kwam men in de problemen voor wat betreft de huisnummers. Men besloot daarom aan het korte stukje tussen de Dronensingel en de Vrije Nesse de naam Rijngaarde toe te kennen.

Rijnkade

Raadsbesluit: 10 januari 1925

De rivier de Oude Rijn is de oudste rivier van Nederland. De Rijn stroomde van oudsher vanaf Wijk bij Duurstede via Utrecht en Bodegraven naar Katwijk, waar ze uitmondt in de Noordzee. Voor de in 1632 geopende trekschuit verbinding werd een jaagpad aangelegd. Zo ook in Bodegraven. Dit pad was jarenlang onverhard. Pas in 1924 werd, na een verzoek van enkele bewoners, besloten het pad te verharden. Na een voorstel van raadslid Hortensius, eigenaar van een scheepvaartbedrijf, werd in 1925 besloten om de naam van het gedeelte binnen de bebouwde kom te wijzigen van Jaagpad in Rijnkade.

Rijnpoort

Raadsbesluit: 30 september 1986

In 1986 werd er op de plaats waar enkele kaaspakhuizen hadden gestaan, een aantal woningen gebouwd aan de Kerkstraat en aan de Oude Markt. Gelet op de voormalige bestemmingen van het terrein liet de gemeenteraad zich leiden bij de straatnaamgeving door diverse kaassoorten. Als naam werd, naast de Waagpoort (zie aldaar) ook de straatnaam Leidsche Poort voorgesteld. Tegen de laatste naam kwam er een amendement van raadslid M.Stolwijk, om de straat niet Leidsche Poort te noemen, maar Rijnpoort. Er is immers geen sprake van Leidsche kaas, maar van Rijnlandse kaas. Bovendien zou de naam Leidse Poort dan gereserveerd kunnen blijven voor een straat die meer naar de richting Leiden gericht zou zijn. De vergadering van 2 september kreeg een vervolg op 30 september. Daarin werd het voorstel van Stolwijk aangenomen.

Roerdomp

Raadsbesluit: 9 december 1975

Wie een roerdomp (Latijn: Botaurus stellaris) krijgt te zien, mag zich gelukkig prijzen. Aan de ene kant omdat de roerdomp langzamerhand een zeer zeldzame vogel is geworden, aan de andere kant omdat de roerdomp zich overdag meestal verscholen houdt in het riet, waar hij door zijn bruinrossige kleur vrijwel niet te zien is. Bij het geringste onraad blijft hij doodstil rechtop staan met de snavel recht omhoog, waardoor hij één geheel vormt met zijn omgeving. Normaal heeft hij zijn hals ingetrokken. De roerdomp hoort tot de steltlopers en is een standvogel. Hij wordt ongeveer 75 cm lang. Het mannetje maakt een geluid dat nogal op een misthoorn lijkt.

Rond de Watertoren

Raadsbesluit: 12 januari 1988

In 1907 vroegen de heren Visser en Smit een concessie aan voor een waterleiding, iets waar het gemeentebestuur maar al te graag op inging. En zo kwam er in Bodegraven een waterleidingnet en werd er aan de Buitenkerk een watertoren gebouwd. Overigens, het gebruik van de waterleiding viel in de eerste jaren erg tegen. Water uit de sloot of uit de regenput was immers gratis, dus de bevolking moest nog niet zoveel hebben van zo’n "modernigheid". De watertoren bleef in gebruik tot in de jaren zeventig, toen elektrische pompen de functie van drukopbouw in het leidingnet overnamen.

De toren bleef als monument staan, het omringende terrein was niet meer nodig, zodat er een mogelijkheid kwam om 13 woningen te bouwen. Als naam voor het nieuw aan te leggen straatje werd heel toepasselijk de naam Rond de Watertoren gekozen. Als alternatieve naam werd ook nog genoemd de straatnaam "Watertoren", dus zonder de toevoeging "Rond de". Maar het feit dat de woningen zo netjes rond deze toren werden gebouwd bracht de keus op de naam Rond de Watertoren.

Ruisvoorn

Raadsbesluit: 13 december 1983

De ruisvoorn (Latijn: Rutilus rythrophthalmus), ook wel rietvoorn genoemd is een groen/bronskleurige vis met een goudachtige schittering op de rug en een zilverwitte buik. De vinnen zijn oranje tot donkerrood van kleur. Na ongeveer 2 tot 3 jaar is de ruisvoorn geslachtsrijp. De ruisvoorn is gevoelig voor watervervuiling. Maar in schoon water komt deze vis in heel Nederland voor, met een voorkeur voor stilstaand water en kleine rivieren. Hij blijft meestal in de nabijheid van waterplanten. De ruisvoorn wordt 35 tot 45 cm lang en kan zo'n 20 jaar oud worden.

Ruyterlaan, de

Raadsbesluit: 29 oktober 1954

Michiel Adriaenszoon de Ruyter werd geboren in Vlissingen in 1607. Tijdens de eerste Engels oorlog (1652-1654) stond een deel van de vloot van de Nederlanden onder leiding van admiraal De Ruyter. In deze oorlog leed Nederland zware verliezen. Maar tijdens de tweede Engelse oorlog (1665-1667) haalden de Nederlanden revanche. Na een moeilijk begin van deze oorlog vernietigde De Ruyter bij Chatham in 1667 een groot deel van de Engelse oorlogsvloot, een kentering in de oorlog tegen Engeland. Een jaar eerder, op 4 en 5 augustus 1666 kwam De Ruyter tijdens de slag bij Duinkerken in problemen, omdat Cornelis Tromp zonder overleg de verslagen Engelse vloot achtervolgde. Deze ruzie was reden voor een jarenlange verwijdering tussen Tromp en De Ruyter. Later is de ruzie in Bodegraven bijgelegd. Tijdens een zeeslag in 1676 op de Middellandse Zee bij Elba kwam Michiel de Ruyter om het leven.

Schumannweg

Raadsbesluit: 4 augustus 1970

Robert Schumann (1886-1963), geboren in Luxemburg, vestigde zich als rechter in Metz (na 1918 een deel van Frankrijk). Van 1919 tot 1940 was hij in Frankrijk afgevaardigde van de Parti Démocartique Populaire. In 1940 was hij kort werkzaam als staatssecretaris voor vluchtelingenzaken, maar in september 1940 werd hij naar Duitsland gedeporteerd. In 1942 echter kon hij ontsnappen en sloot zich aan bij de Franse ondergrondse. Na de oorlog werd Schumann kort minister van financiën en minister-president, om tussen 1948 en 1953 minister van buitenlandse zaken te zijn. In deze functie werkte hij veel aan de toenadering tussen Duitsland en Frankrijk. Hij was in 1951 de grondlegger van het plan voor de Europese eenwording, dat in 1957 leidde tot de oprichting van de EEG. In 1958 werd hij de eerste president van het Europese parlement.

Schoolstraat

Raadsbesluit: 21 oktober 1955, 28 juni 1962

Aan de Burgemeester Bruntstraat was één van de eerste Christelijke scholen uit de regio gevestigd (opgericht in 1866). In de jaren ’70 van de 20e eeuw kreeg deze school de naam "De Brug". Toen er halverwege de jaren '50 evenwijdig aan deze school een straat werd aangelegd, werd heel toepasselijk de naam Schoolstraat gegeven. Zeven jaar later werd de straat nog wat in oostelijke richting verlengd, waarbij aan deze verlenging ook de naam Schoolstraat werd gegeven.

Scheisloot

Raadsbesluit: 24 januari 1989

De kavels, die bij de verkaveling van het land werden aangelegd, stonden in de lengterichting loodrecht op de rivier. Dit was gedaan, omdat de beste grond meestal langs de rivier te vinden was. Verder naar achter was het land meestal wat lager gelegen, zodat dat gedeelte wat moerassig, en dus slechter van kwaliteit was. De kavels grond die zo ontstonden werden gescheiden door een sloot, de Scheisloot, ook wel "Scheidingssloot" genoemd. Zie ook het kader met discussie omtrent deze naam in de gemeenteraad.

Schoutendreef

Raadsbesluit: 4 januari 1962

De schout was oorspronkelijk de vertegenwoordiger van de landsheer. Later was de schout ook hoofd van politie en bij zittingen van de schepenbank fungeerde hij als officier van justitie. Alhoewel de schout een wat bredere macht had, kan hij worden beschouwd als de voorloper van wat tegenwoordig de burgemeester is.

Schouw, de

Raadsbesluit: 24 januari 1989

Inspectie van de sloten en watergangen in een poldergebied. Jaarlijks moeten de grondeigenaren die land naast een sloot hebben, ervoor zorgen, dat riet en andere gewassen niet in de sloot gaan groeien. Deze groei zou de afvoercapaciteit van het polderwater teveel verminderen. Eenmaal per jaar gaan de bestuurders van het waterschap of polderbestuur onderzoeken (schouwen) of het schoonmaken van de sloten goed is gebeurd. Is een landeigenaar nalatig, dan kan hij hiervoor een boete krijgen. Vroeger gebeurde het ook wel, dat het polderbestuur eerst op kosten van de grondeigenaar ging eten en net zolang in de kroeg bleef drinken totdat de sloot was schoongemaakt; zowaar een goede stimulans om niet te lang te wachten met het schoonmaken van de sloten.

Sloep

Raadsbesluit: okt.2007

Naam van een soort schip. Omdat de ligging van de (bedrijfs)gebouwen in het nieuw te ontwikkelen bedrijventerrein Rijnhoek toch wat anders werd dan in eerste instantie gedacht, was het eind 2007 nodig nog een extra straatnaam toe te kennen. Door de straatnamencommissie is de naam Sloep bedacht.

Snoekbaars

Raadsbesluit: 29 september 1987

Een snoekbaars (Latijn: Stizostedion lucioperca) is te herkennen aan de twee gescheiden rugvinnen, waarvan de voorste voorzien is van harde stekels. Hij heeft een groen/grijsbruine rug, naar de buik toe wordt de kleur lichter. Hij voedt zich met watervlooien en (voor wat betreft de oudere snoekbaars) met kleine visjes. De snoekbaars komt in heel Nederland voor, maar niet in al te kleine watertjes. Het is een lange vis. Een volwassen snoekbaars kan wel meer dan een meter lang worden en weegt dan ruim 10 kilo.

In Bodegraven is de Snoekbaars de enige straatnaam die betrekking heeft op een roofvis, zie verder de inleiding van dit hoofdstuk.

Spanjeweg

Raadsbesluit: 13 april 1993

Spanje ligt met Portugal op het Iberisch schiereiland, en is één van de meest zuidelijke landen van de EEG. Met ruim 500.000 vierkante kilometer is Spanje één van de grootste landen van Europa. Spanje is bij ons vooral bekend om zijn fraaie stranden. Maar naast toerisme is er in Spanje in de laatste jaren ook veel industrie gekomen (met name in het noorden) en speelt de teelt van citrusvruchten en ander fruit ook een grote rol. Meer in het verleden speelde Spanje ook in Nederland een grote rol. De tachtigjarige oorlog en de strijd tegen hertog Alva en koning Philips zullen bij velen wel bekend zijn. Spanje werd in 1986 lid van de EEG; in 1999 nam Spanje ook deel aan de europese munt, de Euro.

Speijkstraat, van

Raadsbesluit: 29 maart 1960

Jan Carel Josephus van Speijk was een Nederlandse marineofficier. Hij was geboren in Amsterdam op 31 januari 1802, en werd in 1830 commandant van een kannonneerboot. Hiermee nam hij op 27 oktober 1830 in het kader van het bedwingen van de Belgische opstand deel aan het bombardement van Antwerpen. Gedurende de daaropvolgende winter bleef hij met zijn schip op de Schelde voor Antwerpen liggen. Maar op 5 februari 1832 werd het schip door een storm naar de oever gedreven. Een volksoploop dreigde het schip te bestormen. Van Speijk sprak toen de bekende woorden "Dan liever de lucht in", waarop hij de daad bij het woord voegde en de lont in het kruit stak. Deze heldendaad hielp het moreel van de Nederlandse strijdkrachten hoog te houden in de strijd tegen België.

Speenkruid

Raadsbesluit: 11 februari 2010

Speenkruid (Ranunculus ficaria) is een klein, meerjarig weideplantje met een hoogte van 5 tot 25 cm. Het groeit op rijke, vochtige of natte bodems op wat beschaduwde plaatsen. De naam speenkruid schijnt te zijn afgeleid van de vorm van de knollen, die op kleine speentjes lijken. Het is deel van de Ranonkelfamilie. In siertuinen komt het ook wel voor, maar dan meestal niet gewild, maar als onkruid. Eenmaal in de siertuin aanwezig, is het moeilijk te verwijderen, omdat de kleine knolletjes na de bloeitijd in leven blijven voor het volgend jaar.

Sportlaan

Raadsbesluit: 29 oktober 1954, 28 juni 1957

Bij het ontwerp van het plan Tuinwijk was gepland om vanaf de Beursstraat een park of plantsoen aan te leggen in de richting van het al sinds 1938 bestaande zwembad. Hieraan zou, gezien het sportieve element van het zwemmen, de naam Sportlaan gegeven kunnen worden. Bij nadere invulling van het plan Tuinwijk, kwam het zwembad te liggen aan een meer oostwest gerichte straat, waaraan men de naam Sportlaan gaf. De naam Badstraat kwam ook nog ter tafel, maar de raad koos uiteindelijk toch voor de naam Sportlaan. Toen in 1957 de straat in westelijke richting werd doorgetrokken (ten westen van de Vijverlaan) kreeg deze ook de naam Sportlaan.

Spoorlaan

Raadsbesluit: 27 februari 1893, 11 oktober 1954

Om het in 1878 geopende station bereikbaar te maken, werd een weg aangelegd vanaf de dichtstbijzijnde openbare weg. Dat was in die tijd de Goudsestraatweg. Toen in 1893 door de gemeenteraad aan de toen bestaande straten een officiële naam werd gegeven kreeg deze weg de naam Stationsweg. De weg werd door de bevolking ook wel Parallelweg genoemd, omdat hij parallel liep aan de spoorlijn. In het spraakgebruik werd deze naam al snel verbasterd tot Prulleweg.

In 1954 vond de raad, dat de situatie van de Stationsweg nogal onduidelijk was. Deze straat liep immers van de Oud Bodegraafseweg, voorbij het station, tot bij de Goudseweg. De stukjes straat die ten oosten van de Goudseweg in het verlengde van de Stationsweg lagen hadden steeds de naam van de eerstvolgende zijstraat, te weten de Prinsenstraat, Prins Bernhardstraat en Prinses Beatrixstraat. Om hierin meer duidelijkheid te scheppen werd in 1954 het hele gedeelte dat evenwijdig aan het spoor liep vanaf het station tot de meest oostelijke punt van deze weg de Spoorlaan genoemd.

Of de situatie nu echter zoveel duidelijker is, moet echter betwijfeld worden. Het ware beter geweest aan het stuk ten oosten van de Goudseweg een volledig nieuwe naam toe te kennen.

Spoorstraat

Raadsbesluit: 22 november 1898

In 1898 komt er een verzoek van C.Costerus, bouwman alhier, om een vergunning voor het mogen aanleggen van een straat vanaf de Dorpsstraat (bedoeld is de Wilhelminastraat) tot aan de Stationsweg. Hij wil het terrein gaan bebouwen en verkopen. Hij kan worden beschouwd als een vroege vorm van een projectontwikkelaar. Hij krijgt vergunning van de gemeenteraad, die aan deze nieuwe straat in de vergadering van 22 november 1898 de naam Spoorstraat geeft. Logisch gezien de route die de straat volgt naar de spoorlijn.

Statenlaan

Raadsbesluit: 4 januari 1962

De staten van de verschillende gewesten in wat we later Nederland noemen, werden vanouds gevormd door een college van afgevaardigden uit diverse standen (adel, geestelijkheid, enz) in een bepaald gewest. Nederland bestond uit een aantal gewesten (zoals Holland, Utrecht, Zeeland, enz). De staten waren belast met het gewestelijk bestuur voor hun eigen gewest.

Stadhouderslaan

Raadsbesluit: 27 mei 1966

Het begrip stadhouder is een algemeen begrip. Gezien de andere straten in de omgeving, zal Willem III worden bedoeld. Geboren in 1650 was hij te jong om zijn overleden vader Willem II op te volgen. De regenten in de Staten van Holland besloten zonder stadhouder verder te gaan (het Eerste Stadhouderloze tijdperk). Pas in het rampjaar 1672 werd hij tot stadhouder benoemd. Willem III overleed in 1702. Meestal wordt er gesproken van een stadhouder van Nederland, maar dat is fout. De stadhouder werd benoemd door ieder van de gewesten afzonderlijk. Meestal werd een stadhouder door alle provinciën gelijktijdig benoemd, maar bij sommige stadhouders zien we tientallen jaren verschil tussen benoeming door bijvoorbeeld Holland en Friesland. In Nederland kennen we de erfelijke stadhouders uit het geslacht van Oranje. Zo kennen we diverse Willems, maar ook Frederik Hendrik (van 1625-1647) of Maurits (van 1585-1620) waren stadhouder.

Stationsplein

Raadsbesluit: 28 januari 1970

Alhoewel het station al in Bodegraven bestaat vanaf 1878, is de officiële naam Stationsplein nog maar zeer recent gegeven. De twee ontsluitingswegen naar het station heten immers Stationsweg en Spoorlaan. Rond 1970 werd het stationsplein gereconstrueerd. Hierbij zou een wat onduidelijke situatie ontstaan. Er werd besloten om het plein dat bij de reconstructie zou ontstaan de naam Stationsplein te geven. Omdat er aan het Stationsplein (behalve de woning boven het station) geen woningen staan, oordeelde de raad het acceptabel om de in het spraakgebruik al ingeburgerde naam van Stationsplein officieel te gaan gebruiken.

Stationsweg

Raadsbesluit: 27 februari 1893

Bij aanleg van de spoorlijn langs Bodegraven (in 1878) verliep de ontsluiting van het station in het begin vanaf de Goudseweg via wat tegenwoordig de Spoorlaan heet. Toen in de jaren '20 de spoorput werd gedempt, konden meer ontsluitingswegen naar het station worden aangelegd, zowel vanuit het centrum van het dorp (Prins Hendrikstraat), als vanaf de westelijke kant, vanaf de Oud Bodegraafseweg. Deze westelijke straat kreeg dezelfde naam als de oostelijk van het station gelegen weg, stationsweg. Uiteindelijk is het oostelijk gedeelte van naam veranderd; het westelijk gedeelte (uit de jaren ’20) is echter Stationsweg blijven heten.

Terrassonsingel

Raadsbesluit: 13 april 1993

Met de in Zuid Frankrijk gelegen plaats Terrasson heeft Bodegraven een vriendschapsband (jumelage). Terrasson is gelegen in de regio Périgord ten oosten van Bordeaux en heeft ongeveer 8500 inwoners. De voornaamste middelen van bestaan zijn wijnbouw en toerisme. Sinds 1992 zijn tussen beide steden diverse uitwisselingen geweest op sociaal en cultureel gebied. Ook locale aktiviteiten, zoals de franse kerstmarkt en de Bodegraafse kaasmarkt, zijn gelegenheden waar burgers elkaar graag ontmoeten. Doordat de deelnemers van de uitwisselingen ondergebracht worden bij gastgezinnen krijgt men een goed inzicht in elkaars cultuur en gewoonten.

Tjalk

Raadsbesluit: ca.2007

Naam van een soort schip.

Tolnasingel

Raadsbesluit: 13 april 1993

De eerste jumelagestad waarmee vriendschapsbanden werden aangegaan (1991) is het in Hongarije gelegen Tolna. De plaats Tolna, met ruim 12.000 inwoners, is gelegen aan de Donau, ongeveer 120 km ten zuiden van Budapest. Middelen van bestaan zijn land- en bosbouw met daarnaast ook wat wijnbouw. Met diverse uitwisselingen van schoolkinderen wordt een bijdrage geleverd aan het leren kennen van elkaars cultuur en gewoonten. Andere uitwisselingen op het gebied van sport en cultuur vinden ook plaats. Er is ook sprake van hulp, zoals een Bodegraafse brandweerauto die in Tolna aan een tweede leven begon en een aanhangwagen met Rode Kruis hulpgoederen die de locale hulpverlening kon verbeteren.

Tolstraat, van

Raadsbesluit: 10 maart 1893

De naam Van Tol is ontleend aan een schilder uit onze streek. Dominicus van Tol werd geboren in Bodegraven tussen 1631 en 1642. Later trok hij weg uit ons dorp, maar hij schilderde veel werken waarin we kunnen zien hoe het leven was op het platteland in zijn tijd. Hij schilderde vooral in het gebied dat we nu het Groene Hart noemen. Van de schilder Van Tol hangen vier schilderwerken in het Rijksmuseum te Amsterdam.

De naam Van Tol werd in eerste instantie toegekend aan de straat die nu Emmakade heet (zie aldaar). Na een maand veranderde de gemeenteraad al van inzicht. Zo werd in maart 1893 aan de huidige Van Tolstraat deze naam gegeven.

Trompstraat

Raadsbesluit: 29 maart 1960

Wie de naam Tromp hoort, denkt meteen aan Maarten Harpertszoon Tromp. Deze opperbevelhebber, die leefde van 1598 tot 1653, is inderdaad de meest bekende. Door een aanval van hem tegen de Engelse vloot brak in 1652 de eerste Engelse oorlog uit. Maar de Trompstraat in Bodegraven heeft betrekking op Cornelis Tromp (1629-1691). Deze Cornelis Tromp is bekend geworden doordat hij na een overwinning in de Tweedaagse Zeeslag bij Duynkerken op 4 en 5 augustus 1666 zonder overleg een deel van de Engelse vloot achtervolgde. Hierdoor kwam de rest van de vloot, aangevoerd door Michiel de Ruyter, in grote problemen waarna Cornelis Tromp werd ontslagen. Later zijn Michiel de Ruyter en Cornelis Tromp (naar men zegt in Bodegraven) bij elkaar geweest, waarbij de ruzie is bijgelegd.

Tuinstraat

Raadsbesluit: 29 oktober 1954, 14 juni 1957

Omdat in het verleden de proeftuin van Zaadhandel Turkenburg was gelegen op het terrein dat vanaf 1954 bebouwd zou gaan worden, werd aan één van de straten van het plan Tuinwijk de naam Tuinstraat gegeven. Ook het gedeelte dat in 1957 Margrietstraat zou gaan heten, hoorde in eerste instantie bij de Tuinstraat. Aangezien in 1957 de straten toch iets anders kwamen te liggen dan men in 1954 dacht, werd in de raadsvergadering van 14 juni 1957 besloten om de naam Tuinstraat voor het laatste gedeelte in te trekken en daaraan de naam Margrietstraat te geven.

Turkenburg, Laan van

Raadsbesluit: 29 oktober 1954

Al jaren vóór de Tweede Wereldoorlog was er op het terrein waar nu de Laan van Turkenburg ligt een proeftuin van de zaadhandel Turkenburg. De fabriek van deze firma was gevestigd in het pand dat nu het Evertshuis is. Toen op het terrein van de proeftuin na 1954 woningen gebouwd zouden worden, werd voor één van de straten de naam Zaaierlaan voorgesteld, genoemd naar het logo van de firma. Tijdens de raadsvergadering kwam raadslid Batelaan met het voorstel om als eerbetoon aan de familie Turkenburg de straat Laan van Turkenburg te noemen, een naam die uiteindelijk werd gekozen.

Veenrode

Raadsbesluit: 18 september 1979

Bebouwbaar of begaanbaar gemaakt land, door het rooien (vandaar de toevoeging Rode) van bomen in het veengebied.

Veldestraat, burg.van de

Raadsbesluit: 20 november 1997

Henri Adolphe Van de Velde was één van de eerste burgemeesters van Bodegraven. Voordat hij naar Bodegraven kwam was hij advocaat bij de Hoge Raad. Henri was geboren op 9 september 1855 in Banjoemaas (Ned. Indië). Per 12 december 1880 werd hij benoemd tot burgemeester. Ondanks strubbelingen met de gemeenteraad (een voorstel om ƒ 200,-- subsidie te verstrekken voor een openingsfeest ter ere van de aanleg van de stoomtramlijn naar Gouda, werd dat door de gemeenteraad afgewezen als te duur zijnde) heeft hij toch in positieve zin mogen meewerken aan ons dorp. Zo was hij betrokken bij de opening van de eerste kaasmarkt op het kerkplein op 21 maart 1882. Lang is Van de Velde niet in Bodegraven geweest; op 31 maart 1883 werd hij benoemd als burgemeester van Loosduinen. Later werd Van de Velde lid van de Tweede Kamer voor de ARP. Hij is overleden op 28 mei 1919 in Wassenaar.

De straat is al veel ouder dan de straatnaam. In het uitbreidingsplan van 1957 kreeg de straat de naam Burg. van Dobben de Bruynstraat. Deze straat liep dus met een bocht naar de Buitenkerk toe, een niet zo’n logische situatie. In 1997 werd de naam veranderd in Burg. van de Veldestraat.

Vijverlaan

Raadsbesluit: 29 oktober 1954

Het zuidelijke gedeelte van deze straat, tussen Buitenkerk en de Oranjelaan had van het begin af (1930) de naam Oranjestraat. Het handhaven van deze naam bij het uitbreidingsplan van 1954 werd niet zo duidelijk geacht, zodat men naar een andere naam zocht. Gezien de aanwezigheid van de in de jaren ’30 gegraven vijver lag de naam Vijverlaan al snel voor de hand. Zowel het hiervoor genoemde zuidelijke deel (dat dus al sinds 1930 de naam Oranjestraat had), als het nieuwe gedeelte ten noorden van de Oranjelaan, kregen beide de naam Vijverlaan. Het achtervoegsel "Laan", dus niet straat of weg, hield verband met het feit, dat de wijk toch wel ruim werd opgezet.

Vlietkade

Raadsbesluit: ??

De Vlietkade is gelegen langs het watertje met de naam Vliet. De naam Vliet komt trouwens in heel veel plaatsen in het Westen voor. Via de Vliet wordt al jarenlang het overtollige water uit de Zwammerdamse polders weggemalen in de Oude Rijn. Sinds 1872 staat hier nu een gemaal, dat tot 1991 in gebruik was. De functie van het gemaal is in 1991 overgenomen door het andere, vlakbij gelegen gemaal Bulaeus Brack. Tot 1964 was de Vlietkade Zwammerdams grondgebied. Bij de gemeentelijke herindeling van 1 februari 1964 werd dit gebied bij Bodegraven gevoegd.

Vogelmuur

Raadsbesluit: 15 september 1977

Vogelmuur (Latijn: Stellaria media) is een eenjarige grassoort, die vooral gedijt op luchtige, vochtige grond. Het is een lid van de familie van de sterremuur (Stellaria) en is ook verwant aan de anjers, in die zin, dat er bij beide sprake is van een blad dat paarsgewijs om de stengel zit. De vogelmuur heeft een klein blad van slechts enkele centimeters. Ze komt ook wel voor als onkruid in de tuin. In de familie van de sterremuur komen vele soorten voor zoals de sterremuur zelf, de moerasmuur, de grasmuur, de bosmuur, en nog andere muursoorten.

G.R.Vonklaan, burg.

Raadsbesluit: 26 juni 1935, 13 november 1946

Gerrit Rokus Vonk (geboren op 8 maart 1887 in Peursum) was gemeentesecretaris in Molenaarsgraaf van 1910 tot 1926. Daarna werd hij burgemeester van Asperen en Heukelom en op 1 januari 1939 in Bodegraven. Helaas heeft de oorlogssituatie ervoor gezorgd dat Gerrit Vonk slechts 5 jaar burgemeester mocht zijn. Hij had moeite om alle regels en orders van de Duitse overheersers te volgen. Als burgemeester wist hij tot 1944 aan toe de Duitse bevelen om te draaien in het voordeel van de Bodegraafse bevolking. Op 20 december 1944 vluchtte hij, maar nadat zijn vrouw en kinderen waren opgepakt, meldde hij zich vrijwillig. Hij werd meegenomen naar een doodlopend weggetje in Berkenwoude, waar hij is doodgeschoten. Ondanks een verbod van de Duitse overheersers betoonde de Bodegraafse bevolking tijdens de begrafenis massaal de laatste eer aan de burgervader. Na de oorlog is op de begraafplaats een monumentale grafsteen geplaatst.

De Burg. G.R.Vonklaan heeft niet altijd zo geheten. Toen de straat in 1935 werd aangelegd, werd in de gemeenteraad driftig gediscussieerd over de naam. Enerzijds kwam de naam Vijverlaan naar voren (de straat liep immers vanaf de Oude Markt naar de vijver toe), anderzijds werd de naam Torenlaan genoemd (omdat de straat begon bij de kerktoren van de Dorpskerk). Er was zelfs nog even sprake van de naam Koetilang, de naam van het nieuwste KLM-vliegtuig, wat zoiets als Oeverzwaluw betekent. Uiteindelijk koos men de naam Torenlaan. In 1946 werd de straatnaam Torenlaan "uit erkenning voor de groote verdiensten en zijn strijd voor vrijheid en recht gedurende de bange jaren van bezetting door den Duitschen overweldiger" veranderd in Burg. G.R.Vonklaan.

Voorplein

Raadsbesluit: 29 oktober 1954

Het voorplein vormt eigenlijk één geheel met het Pastorieplein. In eerste instantie was het voorstel dan ook om dit plein, samen met het Pastorieplein, de naam Lammerenmarkt te geven. Tijdens de raadsvergadering kwam tegen deze naam nogal wat bezwaar (zie bij het Pastorieplein). Een voorstel om het gehele plein de naam Voorplein te geven (naar de ligging van het plein, vooraan bij de Markt) werd afgewezen; naamgeving van alleen het voorste deel van het plein met deze naam kon echter wèl rekenen op steun van de gemeentraad.

Voshol

Raadsbesluit: 9 december 1966

De naam Voshol komt van een voormalig baljuwschap, dat vanaf de middeleeuwen drie heerlijkheden omvatte, te weten Zwammerdam, Ter Aar en Reeuwijk. Het eigenlijke centrum van de heerlijkheid was gelegen tussen Zwammerdam en Boskoop. In de zeventiende eeuw werd het gesplitst. Het deel ten noorden van de Oude Rijn ging verder onder de naam Ter Aar; het gedeelte tussen Zwammerdam en Boskoop bleef onder de naam Voshol bekend.

Waar de naam Voshol vandaan komt is niet geheel bekend. Wel is bekend, dat er vroeger in het gebied een jachthuis “Het Hof” of “Het Hol” heeft gestaan. Wellicht was dit jachthuis bestemd voor de jacht op vossen.

De naam Voshol is pas in het jaar 1966 in de gemeente Bodegraven gekomen. In dat jaar werd het Boskoopse deel van de weg in het kader van een ruilverkaveling doorgetrokken naar de J.C.Hoogendoornlaan. Uiteraard is ook aan het Bodegraafse deel van de weg dezelfde naam Voshol gegeven.

Vossestaart

Raadsbesluit: 15 september 1977

Vossestaart (Latijn: Alopecurus pratensis) is een grassoort met een rolronde of langwerpige, dichte aartjes in de vorm van een pluim. In Nederland komen er vijf soorten in het wild voor. De vossestaart groeit vooral in weilanden en op hooilanden. Ze bloeit van juni tot september. Het is een overblijvende plant. Elke winter sterft ze weliswaar boven de grond geheel af, maar in de aarde blijft ze leven om in de lente weer boven de grond te komen.

Vreekenplein, Jacob

Raadsbesluit: 2 juni 1981

Tot halverwege de jaren zestig liep de Dronenhoek vanaf de Oud Bodegraafseweg in de vorm van een U-bocht weer terug naar dezelfde Oud Bodegraafseweg. In 1967 werd de lay-out van de straten veranderd. De Dronenhoek werd een doodlopende weg, op een deel (waar nu de bedrijfsgebouwen van Blokker en de Schoolbegeleidingsdienst staan) werd een nieuwe orgelfabriek gebouwd. Het korte stukje dat overbleef kreeg in de volksmond al snel de naam van de oprichter van deze fabriek, dhr. Jacob Vreeken (geb. 1899, overl. 1976). Hij begon in 1923 op de Overtocht een piano- en orgelhandel, welke 5 jaar later verhuisde naar de Prins Hendrikstraat. In 1967 was het bedrijf inmiddels uitgegroeid tot de landelijk bekende orgelfabriek Eminent, en werd het complex in de Dronenhoek geopend. De naam was al eerder in gebruik, maar werd pas in 1981 toegekend, op verzoek van de directie van deze fabriek. De orgelfabriek is halverwege de jaren '80 verhuisd naar de Schumanweg, en bestaat inmiddels niet meer. De straatnaam is echter gebleven.

Vrije Nesse

Raadsbesluit: 4 januari 1962

Een Nes is letterlijk buitendijks gelegen land aan de bocht van een rivier. Ten zuiden van Bodegraven liep al eeuwenlang het riviertje de Oude Bodegrave, waar in een bocht daarvan de heerlijkheid Vrije Nes is ontstaan. De toevoeging Vrij zal ontstaan zijn omdat het een eigen heerlijkheid betrof, los van andere eigenaren. Lange tijd heeft er (nummer 110 van de Oud Bodegraafseweg) op een huisterp een boerderij gestaan met de naam Vrije Nes. Ook nu staat er op nummer 114 een nieuwere boerderij, gebouwd in de jaren ’30.

Vromade

Raadsbesluit: 4 augustus 1970

De naam Vromade is een verbastering van Vrone Maden of ook wel Vrouw Mades Kampen. Beide namen komen voor op oude landkaarten, en zijn dan een verbastering van Vrone Maden. Wat daarvan precies de betekenis is, is niet helemaal duidelijk. Bepaalde bronnen geven aan dat het betekent "het land van de vrije vrouw". Wellicht betrof het hier landerijen van het vrouwenklooster uit Rijnsburg, vandaar Vrouwenmade, land van de vrouwen. Deze landerijen waren ongeveer gelegen op de plek waar nu het alom bekende winkelcentrum is gevestigd.

Al in 1961 in de Dronenwijk was er sprake van, om de naam Vromade te geven aan een straat. Uiteindelijk werd dat de Heemraadslaan. Er is ook nog sprake geweest van een Vrone Madesingel, een singel die vanaf de Goudseweg zou lopen ongeveer op de plaats waar nu de Boesemsingel loopt. Uiteindelijk werd de naam bewaard voor de straat rondom het winkelcentrum in de Broekvelden.

Waagpoort

Raadsbesluit: 2 september 1986

Sinds jaar en dag was er in Bodegraven een gelegenheid om goederen te laten wegen. Het wegen was geen gemeentelijke taak, maar gebeurde door derden. Maar de gemeente was er in zoverre bij betrokken, dat er een officieel geijkte balans en bijbehorende gewichten ieder jaar weer werden verhuurd. Het wegen vond plaats in café Het Bonte Varken op de Oude Markt. Aan de eigenaar hiervan werden balans en gewichten verhuurd. Dit verhuren van de gemeentelijke weegschalen hield stand tot 1930. In dat jaar werden de schalen verkocht toen men ging inzien, dat gemeentelijke tussenkomst niet nodig was.

Toen in 1986 op het terrein van voormalige kaaspakhuizen een aantal huizen werd gebouwd, greep men terug op de jarenlange traditie van het wegen.

Warmoeskade

Raadsbesluit: 24 november 1966

De naam Warmoeskade bestaat in de volksmond al heel lang. Toch is de naam pas door de raad in 1966 officieel vastgesteld. De aanleiding hiertoe was de ruilverkaveling die in het gebied werd uitgevoerd.

Waar de naam Warmoeskade vandaan komt is niet geheel bekend. Wellicht dat op deze plaats vroeger moestuintjes waren gelegen. De naam warmoes heeft betrekking op moeskruid, groente, meestal kool en bladgroente, die geteeld werd voor menselijke consumptie.

Watermunt

Raadsbesluit: 15 september 1977

Watermunt (Latijn: Mentha aquatica) is een inheemse plant, en stamt van de familie der lipbloemen. Ze groeit aan de oever van, of net in het water. De bladeren zijn meestal behaard. De bloemkelk met lange spitse tanden is dicht behaard, vooral aan de onderkant. Ze is familie van andere muntsoorten zoals pepermunt, die meer bekend is door de snoepjes en de tandpasta. Ook de watermunt heeft een heerlijk frisse geur en is daarom in de natuur wellicht geliefd. De liefhebber van een vijver in de tuin moet echter ook rekening houden met een minder fraaie eigenschap, en dat is het feit dat de plant snel voortwoekert.

Watersnip

Raadsbesluit: 9 december 1975

De watersnip (Latijn: Gallinago gallinago) hoort net als de houtsnip en de poelsnip tot de familie der steltlopers. Ten opzichte van de houtsnip is de watersnip veel lichter van kleur. Hij heeft een bruine rug, en een witte borst en buik, met daarop bruine stippen. Met een lengte die overeenkomt met die van de lijster (kleiner dan 30 cm) is hij overigens de kleinste van de drie snippen. De lange snavel is het meest bekend. Hij komt vooral voor in lage drassige weilanden zoals rondom Bodegraven. Het aantal watersnippen in Nederland is overigens beperkt, minder dan 100.000 broedparen, wat een reden is om bezorgd te zijn om zijn voortbestaan. De snip is overigens bij veel mensen bekend. Bekijk het briefje van 100 gulden maar eens, en u ziet waarom.

Waterhoen

Raadsbesluit: 2 juni 1981

Een waterhoen (Latijn: Gallinula chloropus) houdt zich vaak op bij moerassen, poelen, meren en rivieren. Zijn veren zijn zwart, met een lange witte streep over de zijkant en onder de staart. De snavel en ook een stukje van zijn daarbovenliggend kopje zijn rood. Het is een beweeglijke vogel; tijdens het lopen waggelt hij steeds met de staart en onder het zwemmen knikt hij ritmisch met de kop. Zijn nest bouwt hij in het riet en in de struiken langs het water. We zien hem ook wel in Bodegraven in vijvers en watergangen. Het is een standvogel. Hij wordt iets meer dan 30 cm lang.

De naam Waterhoen was al vaak genoemd in de gemeenteraad. In 1970, 1974, 1975 en 1978 werd de naam al genoemd bij de naamgeving. Pas in 1981 werd de naam waterhoen bij de invulling van het tot dan leeggebleven gebied rond het winkelcentrum Vromade gekoppeld aan een straatnaam.

Weegbree

Raadsbesluit: 11 februari 2010

De weegbree (Plantago) is een familie (Plantaginaceae) van meerjarige, vaste planten. Ze heeft vlezige bladeren. Als gevolg daarvan groeit ze ook op plaatsen waar ook wel gelopen wordt, zoals een onverhard pad naar of in een weiland. Er zijn diverse soorten weegbree bekend. De bloem is paarsgekleurd met dunne uitlopende bladeren.

Weeshuisbaan

Raadsbesluit: 2 juni 1981

In 1748 werd door de diaconie van de toenmalige Gereformeerde Kerk een huis aangekocht van dorpschirurgijn Casparus Parasier, waarin wezen konden worden opgevangen. De taken van het weeshuis gingen verder dan alleen maar het opvangen en opvoeden van wezen (kinderen zonder ouders). Ook het begraven van overleden armen was een taak van de weeshuismeesters. Voor een verhaal over deze weeshuismeesters, waarbij zelfs spoken aan te pas kwamen, zie het kader bij de Goudseweg. Het weeshuis bleef in deze functie tot halverwege de 19e eeuw, waarna het een rusthuis voor ouderen van de Hervormde Gemeente werd. In 1960 werd het huidige Vijverhof geopend; gelijktijdig werd het rusthuis in de Kerkstraat gesloten. Toen in 1981 op het terrein een doorbraak naar het Raadhuisplein werd gecreëerd, gaf men de naam Weeshuisbaan aan deze doorbraak.

Voor het nieuwe marktterrein werd er zowel gedacht aan een locatie ten westen als ten oosten van de dorpskerk. Uiteindelijk is na veel discussie de Nieuwe Markt aan de oostzijde van de kerk gekomen. In augustus 1925 werd de markt door burgemeester Le Coultre geopend. De naam was al tijdens de raadsvergadering van 10 januari 1925 toegekend.

Weijland

Raadsbesluit: ??

De straatnaam Weijland is afgeleid van de polder waarin deze straat is gelegen, de Weilandsche Polder. Het is niet bekend, waar de naam van afgeleid is. Wellicht heeft deze een relatie met de heerlijkheid Wiltenburg (zie bij Weijpoort), maar de naam zou ook net zo goed kunnen zijn afgeleid van wei, weiland.

Vroeger liep de straat officieel verder door. Wat nu Bruggemeesterstraat heet (zie aldaar), had tot 1964 de naam Weijland. Bijna had het gedeelte van de oude Rijksstraatweg ten oosten van het dorp ook de naam Weijland gekregen. Er lag een voorstel om bij de gemeentelijke herindeling het Weijland te laten doorlopen tot aan de nieuwe grens met Woerden. Uiteindelijk koos men daar voor een andere naam (zie bij De Bree).

Weijpoort

Raadsbesluit: ??

De naam Weijpoort is volgens de Bodegraafse historicus Cees Beunder afkomstig van "Wi-Portus", dat is "haven van Wiltenburg". Enkele kilometers naar het zuiden ligt bij Oucoop (in de gemeente Reeuwijk) de voormalige "hooge heerlijkheid" Wiltenburg, nu een boerderij, vroeger een heerlijkheid. Deze Wiltenburg zou een haven, portus, hebben gehad aan de Oude Rijn. Aan de juistheid van de verklaring wordt echter getwijfeld. Wellicht is de naam gewoon ontstaan uit het weiland dat in de polder was gelegen.

Werf, de

Raadsbesluit: 20 november 1997

Benaming van het meestal bestrate terrein rondom de boerderij. Op de werf werden kleine werkzaamheden uitgevoerd, en in de zomer werd er het vee gemolken. De werf was ook de plaats waar de woningen van de landarbeiders stonden. Deze hadden vaak een aparte naam. Zo vonden we op de Noordzijde de Oude Werf en de Zwarte Werf, en op de Dammekant de Ezelenwerf.

Westeinde

Raadsbesluit: 28 juni 1957

Al heel vroeg in de geschiedenis van Bodegraven was er al een straat met de (toen niet officieel toegekende) naam Westeinde. In oude akten is vaak sprake van het Westeinde van het dorp. Daarmee wordt dan het westelijk deel van de Kerkstraat bedoeld, in de volksmond ook wel "Het Ambacht" genoemd. Ook de naam Oosteinde kwam voor; deze naam werd gegeven aan een deel van de Noordzijde. De herkomst van de naam Westeinde is al even simpel als de naam zelf; het meest westelijk gelegen deel van het dorp. Toen in 1957 het plan voor de Vijverwijk ter tafel lag, was de naam als westgrens van het uitbreidingsplan al snel gevonden.

Wetering

Raadsbesluit: 24 januari 1989

Gegraven watergang, groter dan een sloot. Meestal wordt bedoeld de achterwetering in een verkaveld weidegebied zoals dat rondom Bodegraven is te vinden. Bij de verkaveling in de dertiende eeuw werden landbouwkavels gemaakt van 60 bij 1250 meter grootte. Deze kavels werden aan de zijkant gescheiden door een scheisloot, en aan de achterkant door de achterwetering. Deze wetering liep dus evenwijdig aan de rivier op zo'n 1250 meter evenwijdig ervan.

Weiweg

Raadsbesluit: ??

Waar de naam Weiweg vandaan komt is niet zeker. Er gaan stemmen op, dat de naam zou zijn afgeleid van de heerlijkheid Wiltenburg, zijnde de weg van de Wiltenburg naar de haven aan de Oude Rijn (zie verder bij de Weijpoort). Maar wellicht is de naam gewoon afgeleid van wei, weiland.

Wielewaal

Raadsbesluit: 21 maart 1978

De wielewaal (Latijn: Oriolus oriolus) hoort thuis bij de zangvogels. Het is een sierlijke vogel. Met name het mannetje heeft mooie gele en zwarte kleuren, het vrouwtje daarentegen is minder fraai en wat groenig van kleur en wat meer gevlekt. Om hem te zien moeten we wat meer ons best doen, want het is een schuwe vogel. Hij zit veel in de toppen van hoge bomen. Hij bouwt daarboven in de boom ook zijn nest in de vorm van een soort hangmat. Vliegen doet hij in een wat golvende beweging. Het is een trekvogel, die bij ons alleen in de zomer verblijft. Hij wordt ongeveer 23 cm lang.

Wilhelminastraat

Raadsbesluit: 17 februari 1893, 10 maart 1893

Wilhelmina (geboren 1890 met de doopnamen Wilhelmina Helena Pauline Marie) was de enige dochter van Willem III, koning der Nederlanden, en Emma van Waldeck-Pyrmont. Toen zij 10 jaar oud was overleed haar vader. Aangezien ze de enige troonopvolgster was, moest ze koningin worden. Tot de leeftijd van 18 jaar nam haar moeder, Emma, deze taak als regentes waar. In 1898 werd Wilhelmina oud genoeg gevonden om het land te regeren. Zij heeft dat 50 jaar lang gedaan, en is daarmee de langst regerende vorst van ons koninkrijk geweest. Wilhelmina trouwde in 1901 met Hendrik van Mecklenburg-Schwerin; zij kregen in 1909 één dochter, de latere koningin Juliana. In 1948 trad Wilhelmina af als koningin ten gunste van haar dochter Juliana. Zij overleed in 1962.

Tot 1893 had de straat in het spraakgebruik de naam Zuidzijde. In 1893 is de straatnaam Wilhelminastraat toegekend aan de hele straat, vanaf de Oud Bodegraafseweg tot bij de Prinsenstraat. Een maand later achtte de gemeenteraad het niet geschikt om vanuit het centrum (de Hoek) in twee richtingen eenzelfde straatnaam te hebben. Op 10 maart 1893 werd daarom het westelijke gedeelte hernoemd in Van Tolstraat.

Met andere straten is in de Tweede Wereldoorlog ook deze straat (tijdelijk) hernoemd. De naam Wilhelmina mocht op last van de Duitse bezetting vanaf maart 1942 niet meer worden gebruikt. De naam werd toen Wilhemina van Pruissenstraat. Na de oorlog werd de oude situatie uiteraard weer gewoon teruggedraaid.

Willemstraat

Raadsbesluit: 8 augustus 1903

Willem III, geboren 1817 was koning van het koninkrijk der Nederlanden en groothertog van Luxemburg van 1849 tot 1890, het jaar van zijn overlijden. Zijn eerste huwelijk was met zijn nicht Sophia van Württemberg (geb. 1818). Uit dit huwelijk werden drie kinderen geboren, die alle op jonge leeftijd kwamen te overlijden. Na het overlijden van de eerste vrouw van Willem trad hij in het huwelijk met de 41 jaar jongere Adelheid Emma van Waldeck-Pyrmont, beter bekend als Emma. Uit dit tweede huwelijk werd in 1880 Wilhelmina Helena Pauline Marie geboren, de latere koningin Wilhelmina.

Aan de nieuw aangelegde straat wordt in 1903 op voorstel van de burgemeester de naam Willemstraat gegeven. Het betreft dan de straat lopend vanaf de Ontmoetingskerk (hoek Spoorstraat), eerst in westelijke richting, en daarna verder in zuidelijke richting tot bij de Oud Bodegraafseweg nabij de spoorlijn. Het laatste stuk is later hernoemd in Nassaustraat. zie aldaar.

Winde

Raadsbesluit: 13 december 1983

De winde (Latijn: Leuciscus idus) is een vis die op de blankvoorn, ruisvoorn en kopvoorn lijkt. Hij heeft echter een iets hol ingesneden achterste vin en een minder ronde rug en buik. De schubben op de zijlijn voelen wat ruw aan. Hij heeft een zilver/ tot geelwitkleurige buik en een groenzwarte rug. De winde komt in heel Nederland voor, meestal in wat grotere wateren. Hij kan zo'n 18 jaar oud worden en kan 35 tot 45 cm lang worden.

Wilgenoord

Raadsbesluit: 4 januari 1964

De naam wilg (Latijn: Salix) is eigenlijk een soortnaam. Er zijn verschillende soorten wilgen, de schietwilg, de katwilg, de waterwilg, de treurwilg, en nog andere soorten. De wilg is een boom die op vele plaatsen voorkomt, mits er maar water in de buurt is. De bekendste wilg is de knotwilg, die vaak aan de rand van de wegberm langs de sloot voorkomt, en vaak geknot wordt door vrijwilligers. De krulwilg is ook wel bekend in tuinen, waar de sierlijk gedraaide takken een fraai aanzien aan een tuin geven. De wilg is een snelgroeiende boom. Wilgentenen werden vroeger veel gebruikt voor zinkstukken in de waterbouw om dienst te doen bij de oeververdediging van dijken.

In het eerste voorstel werd de naam Wilgendreef genoemd. Raadslid van Veldhuizen stelt tijdens de vergadering echter voor om de naam te wijzigen in Wilgenoord. Een dreef is maar een heel klein weggetje, zo stelt hij, niet in overeenstemming met deze straat.

Wittstraat, Johan de

Raadsbesluit: 27 mei 1966

Nederland bestond in de 16e eeuw uit een aantal gewesten, die ieder zeer autonoom waren. Ieder gewest had daarbij een betaalde juridische raadsman, ook wel pensionaris genoemd. De raadpensionaris van Holland werd ook wel landsadvocaat genoemd, aangezien hij ook namens alle gewesten gezamenlijk de correspondentie met de vreemde mogendheden verzorgde. Van 1653 tot 1672 was Johan de Witt (geboren 1625) raadpensionaris van Holland. In deze functie had hij veel kontakt met Engeland (waarmee Nederland in oorlog was tot 1666) en met Frankrijk. Zijn anti-oranjegezinde instelling leidde er uiteindelijk toe, dat hij in 1672 werd gevangen genomen en vermoord in Den Haag.

S

Zeelt

Raadsbesluit: 13 december 1983

De zeelt (Latijn: Tinca tinca) is een groenbruin gekleurde vis, naar de kop toe zelfs naar zwart neigend. Hij voelt zich thuis in stilstaande en langzaam stromend water met een modderige bodem. Hij voedt zich met watervlooien, kleine bodemorganismen en waterplanten. Een grote zeelt kan wel tussen de 40 en 60 cm lang worden en weegt dan bijna 5 kg. Hij komt in vrijwel heel Nederland voor.

Zomerhuis

Raadsbesluit: 20 november 1997

In de winter stond het vee binnen op stal, en woonde de boerenfamilie in de woonruimte waar gestookt kon worden. Maar 's zomers, als het vee buiten in de wei stond, was het mogelijk om een deel van de stal af te scheiden, zodat men daar kon wonen, dichter bij het vee. Enkele eeuwen geleden bleef dit zomerhuis beperkt tot een deel van de stal. Vanaf de negentiende eeuw werden (vooral bij grote boerderijen in Utrecht en in onze streken) ook vrijstaande zomerhuizen gebouwd. Wie goed oplet kan van deze vrijstaande zomerhuizen nog fraaie exemplaren zien.

Zonneweide

Raadsbesluit: 20 november 1997

De naam zonneweide was op een boerderij een andere naam voor de bleek. Een stukje weide (waar uiteraard geen koeien mochten grazen), dat werd gebruikt om de was te bleken en voor andere recreatieve zaken.

Zuidzijde

Raadsbesluit: ??

De naam Zuidzijde ontleedt zijn naam aan het feit dat de straat evenwijdig aan de rivier de Oude Rijn loopt, en wel aan de zuidkant daarvan. Het is een oude straat. Nu niet meer de belangrijkste verbinding richting Woerden, maar tot de 19e eeuw was dit de hoofdverbinding. Pas later, toen de Noordzijde een bestrate rijksstraatweg werd, ging de Zuidzijde meer als locale ontsluitingsweg fungeren. De naam Zuidzijde werd tot 1893 ook gebruikt voor het gedeelte, dat nu Wilhelminastraat heet, en zelfs voor het deel dat nu Van Tolstraat heet.

Zuwe

Raadsbesluit: 18 september 1979

Een Zuwe is een geringe natuurlijke verhoging in het overigens lage veenlandschap. Aangezien zo’n verhoging het minst drassig was, ontstond op zo’n verhoging dan meestal vanzelf een looppad door het moeras.

Zwanebloem

Raadsbesluit: 15 september 1977

De zwanebloem (Latijn: Butomus), van de familie van de waterweegbree, is een oeverplant die groeit naast ondiep water. Ze heeft stijve, bajonetachtige lange bladeren en een ronde stengel. De plant die iets minder dan een meter hoog kan worden, bloeit in juli en augustus. Ze heeft dan fraaie roze bloemschermen. De zes stampers van de bloem scheiden aan hun voet honing af, reden waarom de zwanebloem veel wordt bezocht door graafwespen. In Nederland is de verspreiding steeds meer afgenomen. Ze komt voor op leem- en kleigronden, op veen en bij dit alles in ondiepe, voedselrijke zoete wateren.

Zwenkgras

Raadsbesluit: 28 november 1986

Binnen het geslacht van de zwenkgrassen (Latijn: Festuca) komen diverse ondersoorten voor. Het meest bekend is het rietzwenkgras. Dit gras, dat zowel tegen droogte als tegen vocht is bestand groeit niet zo snel, maar geeft toch een hoge produktie. Dit is de reden, dat het gebruikt wordt voor voedergrassen. Het is goed bestand tegen ziekten. Andere soorten zwenkgras, zoals het rood-zwenkgras, worden vooral gebruikt voor gazongrassen, dit omdat het goed tegen droogte kan.

Willem de Zwijgerstraat

Raadsbesluit: 29 maart 1933

Willem de Zwijger is de bijnaam van Willem van Oranje, graaf van Nassau. Hij leefde van 1533 tot 1584. Hij kan worden beschouwd als de grondlegger van de Republiek der Nederlanden, die de 7 Verenigde Provinciën op een gegeven moment gingen vormen. Achtereenvolgens was hij 4 maal getrouwd. Willem stond aan het hoofd van de toen nog ongeorganiseerde strijdkrachten die de Water- en Bosgeuzen vormden, en die tegen de Spaanse overheersing van de Nederlanden vochten. In 1584 is Willem van Oranje door Balthasar Gerards in Delft vermoord. Ten noorden van de Oranjestraat, achter de Nieuwe Markt, zou een doodlopende straat in noordelijke richting komen. B&W stelde voor om deze straat bij de 400e geboortedag van Willem de Zwijger naar hem te vernoemen. Gemeenteraadslid Boer vond het beneden de waardigheid van de "Vader des Vaderlands" om zo’n doodlopend straatje naar hem te vernoemen. Maar ondanks zijn protest is het er toch van gekomen.

Zwaluw

Raadsbesluit: 21 maart 1978

Zwaluwen zijn er in diverse soorten. Allen bezitten ze de bekende zwaluwstaart, bestaande uit twee uit elkaar gaande staartdelen. De bekendste zwaluw is wel de huiszwaluw (Latijn: Delichon urbica) met een lengte van ca. 14 cm, die zijn nest vaak onder overstekende delen van huizen maakt. Daarnaast is er ook de boerenzwaluw (Latijn: Hirundo rustica) die enkele centimeters langer wordt. Het kwetteren van zwaluwen is een bekend geluid in de zomer. Een andere zwaluwsoort die langzamerhand bij de bedreigde vogels hoort is de oeverzwaluw.